Gert Verhulst en het n*-woord: de laatste zin van deze column is de belangrijkste.

Terwijl de modale Vlaming nu vooral bezig is met de prangende vraag hoe zijn energiefactuur te betalen, de crisis aan de middenklasse begint te vreten, zelfs het kasteelvolk zijn stulpjes niet meer verwarmd krijgt zonder sociaal tarief, en binnen afzienbare tijd op Waregem Koerse alleen nog hooineutrale stokpaardjes te zien zullen zijn, krijgt mediatycoon Gert Verhulst er van langs wegens het iets te overvloedig gebruik van het n*-woordje.

Plaats van misdaad: een gloednieuwe talkshow op Play4, waarin de baas van Studio 100, Plopsa, én van productiehuis Dedsit zelf dat de show aflevert, telkens vier gasten ontvangt. Het toog- en caféformat is zo oud als de straat, en valt of staat uiteraard met de presentator en wie er zoal zijn opwachting maakt. Het kost ook twee keer niks, camera aan en draaien maar. Er zijn ook mensen die daar gratis willen gaan zitten als publiek behang, en applaudisseren op commando. Tussendoor is er reclame.

Dolksteken

Was ‘De tafel van vier’ racistisch? Tafelgast Raf Njotea: ‘Discussie mag gevoerd worden, alleen jammer dat het n-woord zo vaak viel’Woke-gast van dienst Raf Njotea: ‘spijtig dat het n*-woordje zo dikwijls viel’

Eerst iets over Verhulst zelf. Nogal wat Vlamingen kijken naar hem op als een voorbeeld van geslaagd ondernemerschap. Dat zou ik ook doen, als het bleef bij het uitbaten van pretparken, maar helaas wil Gert sinds geruime tijd zijn hemel verdienen als schermgezicht. Als baasje van Samson vond ik het zowat de limiet, al wat daarna kwam oogt als een directeur die op een personeelsfeestje grappig wil doen. Genante scènes in Saint-Tropez, waar de Verhulstjes ons vanuit hun villa op de hoogte houden van het dagdagelijkse familieleven, en waar vooral de mentaal gehandicapte zoon Viktor het hoge woord voert, blijken zowaar hoge kijkcijfers te halen en de VRT kopzorgen te baren. Vlaanderen boven.

Na zo’n ‘racistische uitschuiver’ is het kwestie voor de betrokkenen om snel terug aan de goede kant van de geschiedenis te gaan staan.

Maar dus nu De Tafel van Vier. Na opwarmoefeningen als Gert Late Night en De Cooke & Verhulst Show zou dit dé spraakmakende Vlaamse talkshow worden die alle taboes onderuit haalt. De eerste aflevering van 5 september werd al meteen een voltreffer, volgens de wetmatigheid dat je hard moet binnenkomen met zo’n nieuw mediaproduct om de concurrerende formats van de tabellen te vegen. Dat lukte ook. BV (van begraven en verrezen) Margriet Hermans opende de debatten met negerinnentetten, en de vraag waarom die niet meer onder die naam bij de bakker te vinden zijn. Pertinente vraag. Gekleurde woker van dienst, ene Raf Njotea, poogde wat weerwerk te bieden, maar de toon was gezet, waarbij het n*-woordje over tafel vloog zoals kinderen genieten van kak- en pistaal.

De volgende dag vielen deftige kranten als De Morgen en De Standaard over elkaar heen om het vulgaire ‘racisme’ van Gert Verhulst aan de kaak te stellen. Alsof er even geen belangrijker nieuws te rapen viel. Waarbij vooral opvalt dat de dolksteken van Gerts (ex-) kompanen kwamen: een opiniestuk van Njotea in De Standaard, en eentje in De Morgen van ex-redacteur Elias Van Dingenen die berouwvol kwam uitleggen hoe hij in de val was gelokt en zich heeft teruggetrokken uit het avontuur. Na zo’n ‘racistische uitschuiver’ is het kwestie voor de betrokkenen om snel terug aan de goede kant van de geschiedenis te gaan staan.

Halve excuses

Dezelfde day after kwam presentator Verhulst met halve excuses af nadat ook zijn nieuwe gast, de Nederlandse cabaretier Marc-Marie Huijbregts, hem de levieten had gelezen over zijn onbetamelijk gedrag. Weer fout: nooit excuses aanbieden voor iets dat je als journalist of TV-maker de ether instuurt, dat staat zo lullig. Het ondergraaft heel je geloofwaardigheid. Conclusie: veel gratis reclame voor het nieuwe programma -wat de bedoeling was van deze stunt-, maar ook de vaststelling dat Gert Verhulst zijn hand schromelijk overspeelde. Ook (en vooral) ‘politiek incorrecte’ talkshows vergen redactioneel huiswerk, intellectuele finesse en een ijzersterke presentator.

Veel gratis reclame voor het nieuwe programma -wat de bedoeling was van deze stunt-, maar ook de vaststelling dat Gert Verhulst zijn hand schromelijk overspeelde

Commerciële zenders kunnen in dat opzicht een disruptieve functie hebben, tegenover staatszenders en mainstream media die de neiging hebben morele superioriteit te etaleren en de bandbreedte van de vrije meningsuiting te versmallen. Het Canvas-Programma De Afspraak is in dat opzicht een toonbeeld van politiek correcte saaiheid, bij voorkeur bevolkt met figuren die het over vrijwel alles eens zijn, en een presentator die zich strikt houdt aan een links-weldenkende code. De Morgen en de Standaard, vandaag compleet inwisselbare media, hebben daarbij een ondersteunende functie.

De Standaard blijf overigens volhouden dat die woke- en cancelcultuur niet bestaat, en een verzinsel is van ‘rechtse trollen’ (sic). Ook dat moet kunnen: volhouden dat iets niet bestaat en zo elke discussie erover tot absurditeit verklaren. Terwijl heel de heisa net wijst op het wél bestaan van een woke-cultuur en een bijbehorende censuurreflex.

Intellectuele diversiteit

De Afspraak: toonbeeld van politiek correcte saaiheid

Wat ons tot de slotsom brengt van deze volstrekt onbelangrijke column over een onbelangrijk onderwerp: de reacties op Verhulst’s talkshow zijn niet zomaar meningen, ze vinden de inhoud en de uitspraken ervan wel degelijk ‘ongepast’, grensoverschrijdend en moreel-laakbaar. Dat is iets anders dan een debat openen, het is het debat op voorhand afsluiten. Diezelfde Raf Njotea, de spijtoptant die in de eerste aflevering opdraafde, identificeert Abou Jahjah en Conner Rousseau (!) met extreemrechts populisme omdat ze zich allebei al eens kritisch hebben uitgelaten over de wokes. Hij besluit zijn DS-column met een reductio ad Hitlerum: wie de wokes in vraag stelt, is een nazi, en brengt ons terug naar de jaren ’30. Tja.

Door steeds maar weer te benadrukken dat je vooral moet ‘verbinden’ en niet mag polariseren, versmal je het debat tot een consensueel ritueel dat ons al te vaak door de openbare omroep wordt aangeboden.  

‘Racisme’ blijft een stoplap om tegenstanders de mond te snoeren. Vele linksdraaiende democraten hebben nog altijd enorme moeite met intellectuele diversiteit, en met het verschijnsel dat er over nogal wat thema’s géén consensus bestaat en nooit zal bestaan. Wat ons dan weer op het vloekwoord ‘polarisatie’ brengt. Door steeds maar weer te benadrukken dat je vooral moet ‘verbinden’ en niet mag polariseren, versmal je het debat tot een consensueel ritueel, dat ons al te vaak door de openbare omroep wordt aangeboden.

Laat dus duizend bloemen bloeien, nota bene een gezegde van Mao. Leve de polarisatie en de échte diversiteit. Ik vind het prima dat er op het PVDA-feestje Manifiesta, naast de onvermijdelijke Tom Lanoye, sprekers opduiken als Chen Weihua, EU-afgevaardigde van de Chinese staatskrant China Daily, die onder meer de Russische slachtpartij in de Oekraïense stad Boetsja ontkent als fake news. Zoals er ook mensen mogen rondlopen die betogen dat de aarde plat is. Alleen was de PVDA nog de grootste lawaaimaker om het radicaal-rechtse muziekfestival Frontnacht in opspraak te brengen en te laten verbieden, wegens een affiche met ‘foute’ figuren en foute connecties. Iets over twee maten en twee gewichten.

Laten we gewoon zo afspreken: alles mag gezegd worden, alles is bekritiseerbaar, voor elke gast een geschikte talkshow, en Margriet Hermans mag negerinnentetten vreten tot ze erbij valt, zo mogelijk in Saint-Tropez, dan kan heel Vlaanderen er getuige van zijn. Wist u trouwens dat er ook een uitknop is aan uw TV, en dat u zo heel wat energie kunt besparen?

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Media, Politiek incorrect, Sterke Vlaamse verhalen | 16 reacties

Vrouwen en satire: een ‘tegennatuurlijke’ combinatie?

Met deze suggestieve, vrouwonvriendelijk klinkende titel smijt ik maar meteen de knuppel in het hoenderhok: Ella Leyers, die de nieuwe editie van De Ideale Wereld aaneenpraat, heeft een leuk ogend snoetje, babbelt vlot, kan al eens een kwinkslag verzinnen en knippert dan ondeugend met haar ogen, maar ze bewijst wat ik al in mijn boekje ‘Terug naar Malpertus’ poneerde: humor is universeel, maar satire is een door en door mannelijke uitvinding. En ook nog eens zo wit-Europees als maar zijn kan: de wortels liggen in de antiek-Griekse komedie en het cynisme van de Atheense straatfilosoof Diogenes.

Satire op de openbare omroep? Het klinkt als een seksbom in het bed van de paus, maar naar VRT-normen is De Ideale Wereld behoorlijk stout (het was trouwens oorspronkelijk een format van de commerciële zender VIER), wat af en toe zelfs reprimandes en verplichte excuses opleverde, zoals bij de Holocaustgrap in april van dit jaar. Om maar te zeggen: ik was fan van het eerste uur. Was? Welja, zo’n programma valt of staat natuurlijk met de presentator. De bakens die het oertalent Otto-Jan Ham uitzette, bleken al moeilijk haalbaar voor zijn al te Hollands snabbelende opvolger Jan Jaap van der Wal. Maar nu Ella Leyers op die stoel zit, begrijpen we weer waarom er vrijwel geen vrouwelijke stand-up comedians noch cartoonisten rondlopen.

De ‘clou’ en de climax

Urbanus: ‘in mijn humor moet je het sperma zien vliegen’

Ik waag me aan een biologische verklaring. Vrouwelijke humor zit gewoon anders in mekaar dan mannelijke. Deze laatste werkt met een opbouw en een pointe, die een ontlading moet teweeg brengen. Boem, paukenslag. Er is een clou en een climax, timing is cruciaal. Terwijl vrouwen meer keuvelen zoals kippen, op een ‘plateau’ drijven en situaties komisch vinden: de humor van de kerstfilm. Een klassieke mop vertellen is voor vrouwen een probleem, omdat ze al beginnen te lachen op voorhand, te veel uitweiden en onderweg dikwijls de clou vergeten. Dat is niet erg, ze komen trager op temperatuur en gaan vooral voor de beleving, meer dan voor het hoogtepunt.

U begrijpt dat ik het hier over een seksuele tegenstelling, of beter complementariteit heb. Urbanus was daar ooit zeer expliciet in, toen hij zei dat zijn humor leek op het orgasme van de man: ‘je moet het sperma zien vliegen’. Mannen en vrouwen kunnen beiden een zakdoek gebruiken, zij het niet voor hetzelfde. Elk lachsalvo is een ejaculatie. Vrouwen krijgen eerder de ‘slappe lach’ en dat kan een hele tijd doorgaan. Mannen staan er beteuterd-onwennig op te kijken, of gaan dan boeken lezen.

Een klassieke mop vertellen is voor vrouwen een probleem, omdat ze al beginnen te lachen op voorhand, te veel uitweiden en onderweg dikwijls de clou vergeten.

Mannen zijn bovendien scherper en verbinden humor met een zeker mate van agressiviteit, tot en met het cynische uiterste. Het moet steken, de grap moet een angel bevatten. Wat ons bij het genre van de satire brengt, de spottende humor die altijd op zere tenen trapt, en daar nog genoegen in schept ook.

Van Urbanus tot John Cleese wordt er gespeeld met taboes en is de lach een uiting van plezier die volgt op een vloek, iets wat Freud al betoogde in ‘Der Witz und seine Beziehung zum Unbewußten’ (1905). Satire is verbaal geweld van het mannetjesdier dat met hekelen de groep meekrijgt. Men zoekt de grenzen op en kwetst, met humor als alibi. Het was maar om te lachen! Niemand is veilig of immuun. Moslims moeten niet afkomen met hun gevoeligheden, maar Joden of negers of homo’s ook niet. De politieke macht beteugelt dat spotplezier, wat de goesting om de grenzen op te zoeken nog vergroot. Niets zo goed voor satire als een beetje censuur.

Castratiemes

Tour de France voor vrouwen, 2022

Anders gezegd: satire is de hoogmis van de vrije meningsuiting, maar al dat mannenplezier houdt vandaag risico’s in. Het zou maar eens kunnen dat vanuit MeToo-kant satire en spotprenten ineens gelabeld worden als uitvloeisels van ‘toxische mannelijkheid’, waardoor men het genre zou kunnen afschaffen of sociaal onmogelijk maken. Moeten mannen niet stoppen met gif te spuiten? Vinden we spotprenten straks alleen nog in het dark web, tussen de kinderporno?

Ook dat heeft de profetische Urbanus, gelukkig bijna op pensioen, zien aankomen: zijn spermahumor is uit de mode, en meteen ook het biologisch origineel. Zoals een man nu maar eens moet stoppen met klaarkomen -er zijn echt feministen die daarvoor pleiten-, is het gedaan met penetrerende steken en spermatische stand-ups. Humor moet goed gevoel opwekken, ‘verbinden’ en hooguit ondeugend knipogen in vijftig tinten grijs. Urbanus kreeg in dat opzicht trouwens al een veeg uit de koekenpan, en moet zich als oudere, witte mannelijke hetero gedeisd houden.

Het zou maar eens kunnen dat vanuit MeToo-kant satire en spotprenten ineens gelabeld worden als uitvloeisels van ‘toxische mannelijkheid’, waardoor men het genre zou kunnen afschaffen of sociaal onmogelijk maken.

In dat opzicht vind ik de positionering van Ella Leyers als ankervrouw van een satirisch programma tactisch wel slim bekeken. De tekstschrijvers van de Ideale Wereld zijn beslist nog altijd in hoofdzaak heren, gelukkig, maar het schermgezicht zorgt voor een buffer. De meisjes mogen meedoen. We kunnen zo de woke-waanzin en de totale ban op spothumor vermijden, door ons strategische euh… terug te trekken en te doen alsof vrouwen dat genre ook beheersen. Zie ook het verhaal van de urinoirs en de plastuiten: seksuele gelijkheidssymbolen geven ons soelaas, tot de storm overwaait.

Om dezelfde reden wordt het vrouwenvoetbal nu enorm gepromoot: de Bond wil vermijden dat de feministen zich met een castratiemes op de Rode Duivels storten, en laat de Red Flames rondjes draven met hun paardenstaartjes en iets te mollige kontjes, in het kader van de gelijke rechten.  Goaaal! Idem dito voor het vrouwenwielrennen, dat regelmatig moet onderbroken  worden omdat alle deelneemsters in elkaar zijn gehaakt tot één kluwen, maar ondertussen hebben we hilarische televisie, een mooi politiek alibi, en kunnen de echte coureurs hun ding nog doen.

Ik weet het, het klinkt enorm seksistisch, en dat is het ook. Laten we ons tactisch opstellen, mee voor signaalgever spelen, ons onder de goeden mengen, en niet vergeten dat ironie de ‘fond’ is van alle satire. Bij deze.

Geplaatst in Inleiding tot de humorologie | 13 reacties

Een stadsdichter, wat is dat voor iets?

Onlangs ontstond er in de Scheldestad enige deining, toen stadsdichteres Ruth Lasters het voor bekeken hield. Samen met vijf collega’s was haar die erepost te beurt gevallen, die inhoudt dat ze gedurende twee jaar een aantal stukken gelegenheidspoëzie moest aanleveren, à 750 euro per gedicht. Dat moest dan ergens in de publieke ruimte een plek krijgen, aanplakborden, etalages, en dies meer. Ter meerder glorie van de metropool.

Niet verbindend genoeg

Maar Ruth Lasters (foto),- what ’s in a name,- zag haar taak wat breder dan deze van etalagiste, en leverde een manifest af, dat ze naar aanleiding van het nieuwe schooljaar als lerares met haar leerlingen had in elkaar gestoken. Daarin wordt gepleit voor respect voor jongeren die een vak leren in het technisch- en beroepsonderwijs, dat nog teveel wordt gezien als een afvalbak voor wie in het ASO mislukt. In een tijd dat je nauwelijks nog een loodgieter of dakwerker vindt, een relevante boodschap. ‘Kan niet’, was het verdict van cultuurschepen Nabilla Ait Daoud (N-VA): het gedicht van mevrouw Lasters is niet voldoende ‘verbindend’.

Inhoudelijk snap ik het probleem niet, en lijkt me die boodschap zelfs tamelijk ‘verbindend’: een ode aan het misprezen technisch onderwijs dat hardwerkende zelfstandigen oplevert -hét kiespubliek van de N-VA, ironisch genoeg-.

De aanhef van ‘Losgeld’ -zo heet het gedicht- klinkt zo:

Olie-, oliedomme staat

die leerlingen vanaf twaalf jaar

nog altijd letterlijk met ‘A’ labelt of ‘B’. Welkom in het middelbaar!

Aan Vlaanderen een vraag: wanneer ligt de maatschappij volledig plat?

Is dat wanneer de notarissen en de senators staken?

Of als de loodgieters, de bakkers en de havenarbeiders niet opdagen?

Ah, inderdaad! Het land ligt op zijn gat als de dakwerkers nakateren,

als alle winkeliers hun schup afkuisen, als de onthaalmoeders

de luiers zelf aandoen, als koks hun kat sturen naar Nam Fong.

Het is geen hoogstaande literatuur, zelfs geen gedicht, het is eerder een statement dat in versregels is gegoten zonder enige metriek. Nochtans werd dit product van klassikaal groepswerk niet geweerd omdat het artistiek niet zou voldoen: blijkbaar was de ‘boodschap’ onverteerbaar. Inhoudelijk snap ik het probleem niet, en lijkt me die boodschap zelfs tamelijk ‘verbindend’: een ode aan het misprezen technisch onderwijs dat hardwerkende zelfstandigen oplevert -hét kiespubliek van de N-VA, ironisch genoeg-. Jongeren uit bescheiden milieus die via een vakdiploma aansluiting zoeken bij de middenklasse: de partij moet dringend eens haar eigen electoraat doorlichten.

Bond van verliezers

Tom Lanoye, de eerste Antwerpse stadsdichter

Ach, een stadsdichter, wat is dat voor een rare diersoort. Een stad heeft elektriciens nodig, vuilnisophalers, agenten, correcte en behulpzame ambtenaren Sinds mijn jonge tijd ruikt het in de foyer van de Antwerpse opera  naar ’t putteke, stuur daar eens een goede loodgieter op afMaar dichters? Waarom hengelt een kunstenaar naar zo’n belegen ambt, zoals er ook een Dichter des Vaderlands bestaat? Welke scribent met een beetje eergevoel wil in godsnaam zo’n draak van een titel?

Cultuurschepen Eric Antonis (CD&V) zag de aanstelling van Tom Lanoye uitdrukkelijk als een PR-stunt voor de anti-Blok-coalitie.

De eerste poëet die de eer te beurt viel, was Tom Lanoye in 2002. Dat was nog onder burgemeester Leona Detiège (SP), die na de VISA-affaire door Patrick Janssens zou vervangen worden en een SP-CD&V-VLD-Agalev coalitie leidde, zeg maar een bond van de verliezers nadat het VB in 2000 een monsterscore had behaalde. Cultuurschepen Eric Antonis (CD&V) zag de aanstelling van Tom Lanoye uitdrukkelijk als een PR-stunt voor de anti-Blok-coalitie. 5000 euro per jaar kreeg onze dichter, ‘een peulschil vergeleken bij wat communicatiebureau’s vragen’, was de commentaar van Antonis.

Eens de post gecreëerd trad nog een klad andere Antwerpse beroemdheden in de sporen van Lanoye, zoals Ramsey Nasr, Bart Moeyaert, Joke van Leeuwen, Peter Holvoet-Hanssen, Bernard Dewulf, Stijn Vranken, Maarten Inghels, Maud Vanhauwaert, die zich allemaal tamelijk nauwgezet kweten van hun taak als stadsheraut.

City marketing

 Deurne, augustus 2022

Helaas is dat vandaag een belachelijk anachronisme. We leven niet meer in een tijd dat kunstenaars, verenigd in gilden, een ode aan de samenleving en het gezag moeten plegen. En ook het communisme en fascisme met hun cultuurkamers liggen al een tijdje achter ons. Voor het schrijven van promoteksten heb je vandaag reclamebureaus en copywriters. Het beroep van stadsdichter kan alleen verzonnen worden in een cultuurmarxistisch kader. Kunstenaars moeten zich niet laten optrommelen voor propaganda noch voor city marketing-doeleinden. Ze moeten te allen tijde een afweging maken tussen artistieke vrijheid en materiële zekerheid. En zo nodig ook bedanken voor de eer. Die moed is niet iedereen gegeven, het beste voorbeeld was de eerste stadsdichter Tom Lanoye, die zijn (betaalde) medewerking zag als hand- en spandiensten aan een anti-VB-coalitie.

Voor het schrijven van promoteksten heb je vandaag reclamebureau’s en copywriters. Het beroep van stadsdichter kan alleen verzonnen worden in een cultuurmarxistisch kader.

In die zin vind ik het gebaar van Ruth Lasters moedig. Al had ze natuurlijk op voorhand moeten weten wat er aan dat middeleeuws concept van stadsdichter vasthing. Noteer nogmaals dat haar bijdrage helemaal niet naar wokeness ruikt of naar rode strijdlyriek, maar opkomt voor jongeren in het technisch- en beroepsonderwijs waar ze les geeft.

Als je als cultuurschepen daar niet mee om kan, laat het dan zo en schaf die flauwe charade van het stadsdichterschap af. Ligt daar overigens iemand van wakker? Elke dag gewapende afrekeningen tussen drugsbendes in Deurne en omstreken, de Antwerpenaar smacht even naar ander vakmanschap dan dat van de edele dichtkunst. 

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Cultuur, Onderwijs, Sterke Vlaamse verhalen | 8 reacties

Wanbeleid, antipolitiek, en de binnenpretjes van Poetin

Overpeinzingen bij het breien van een warme wintertrui

Op Facebook schudde politicoloog Jonathan Holslag een interessante bedenking uit zijn mouw, die meer weerklank verdient en ook wel wat bijkomende reflecties. Holslag is een van de weinige opiniemakers die in de mainstream media aan bod komen en nog zinnige dingen te vertellen hebben. Als analist ontpopte hij zich tot een heuse Cassandra wat betreft de houding van Europa en het Westen tegenover grootmachten China en Rusland. Als we blijven Chinese rommel kopen en verzuimen een eigen economie te beschermen en uit te bouwen, worden we vroeg of laat een Chinese provincie zoals nu al sommige Afrikaanse regio’s, waarschuwt hij.

‘Fluffy watjesbende’

Jonathan Holslag: ‘We mogen ons niet laten demoraliseren’

Inzake Rusland voorspelde Holslag de invasie in Oekraïne, toen vredesduiven als professor-politicoloog Hendrik Vos dat idee nog weglachten. In de bewuste FB-post wijst Holslag erop dat zowel China als Rusland de demoralisatie van Europa als een strategie opvatten: men speculeert via de huidige energiecrisis op een verdere kloof tussen overheid en burger. De ons beloofde koude winters (tien volgens premier De Croo) zullen een uitdaging zijn voor de wankelende rechtstaat en het politiek systeem.

Holslag is streng voor de politieke klasse -terecht-, maar roept ook op tot morele weerbaarheid, die zich dan uit in het dragen van dikke truien en een algehele, waardig beleefde soberheidscultuur tot in betere tijden.

Jonathan Holslag raadt ons dan ook flink wat burgerzin aan, door bijvoorbeeld solidair warme truien aan te trekken, om Poetin niet de indruk te geven dat het decadente Westen hem als een rotte appel in de schoot zal vallen. Dat is ook de enige reden waarom de Russische dictator extreem-rechts opvrijde: bepaalde VB-politici waren echt te dom en te ijdel om dat te snappen.

Holslag is streng voor de politieke klasse -terecht-, maar roept ook op tot morele weerbaarheid, die zich dan uit in het dragen van dikke truien en een algehele, waardig beleefde soberheidscultuur tot in betere tijden. We mogen, aldus de politicoloog, ons niet laten verleiden tot antipolitieke stemmingmakerij, want dat speelt in de kaart van Poetin en consoorten, die uit zijn op een morele ontwrichting van onze samenleving: “Het is moeilijk om op korte termijn het politieke geklungel ongedaan te maken. We betalen overigens een stuk de prijs van dertig jaar desinteresse, waarbij het ons eigenlijk totaal niet interesseerde wat de politiek deed met onze energie, onze veiligheid, etc. Maar als burgers mogen we de Russen en de andere dictaturen niet het signaal geven dat we een fluffy watjesbende zijn. Wat er ook volgt, we moeten door deze moeilijke winter heen.”

Kerende tankers

LNG ship orders reached record heights in 2021Uiteraard hebben we in 2024 de zoveelste afspraak met de geschiedenis. Het punt is echter, en dat beseft een intelligent analist als Jonathan Holslag zonder twijfel, dat het defaitisme al lang heeft toegeslagen bij een vermoeide bevolking, en dat de antipolitiek niet de oorzaak is van het probleem, maar een reflex. Op wat? Op een globalistisch-multicultureel mantra dat mee door Europa wordt in stand gehouden, en elke vorm van volkssolidariteit fnuikt. De van overheidswege opgezette migratiegolven hebben ervoor gezorgd dat elk nationalisme of protectionisme als enggeestig en des duivels werd verklaard: oikofobie werd de norm. We moesten open staan en positief denken ten voordele van een kosmopolitische doctrine, die in één moeite ook de vrije markt laat zegevieren. Niets minder dan ‘het einde van de geschiedenis’, zoals econoom Francis Fukuyama euforisch voorspelde.

De van overheidswege opgezette migratiegolven hebben ervoor gezorgd dat elk nationalisme of protectionisme als enggeestig en des duivels werd verklaard: oikofobie werd de norm.

De roze wolk van de multicultuur werd al doorprikt. Vandaag maken we ook de keerzijde mee van de vrije marktreligie: energieprijzen die door het dak gaan, woekerwinsten, helemaal volgens het boekje bekomen dankzij de wet van vraag en aanbod. Tankers die midden de oceaan rechtsomkeer maken omdat er een hoge bieder opdook voor hun lading vloeibaar gas. Groene stroomprijzen die aan deze van de gasprijs worden gekoppeld, een waanzinnig handelsprotocol dat tot op heden overeind blijft. Europa heeft in de jaren ’90 beslist om de energiemarkt te dereguleren en te privatiseren, met onder meer ene Guy Verhofstadt als grote pleitbezorger; nu stellen de overheden vast dat ze op die energiemarkt totaal geen vat meer hebben. Geen vat, jawel. Ergens worden speculanten slapend rijk van die op drift geslagen tankers.

Ondertussen in Denderleeuw

Belgian Pride, Brussel 2022

Zowel het globalistische vrijemarktcredo als de multiculturele onteigening hebben de situatie gemaakt tot wat ze is. Alles is te koop maar niets is nog van ons. Een hernationalisering van vitale sectoren zoals energie dringt zich op, maar tegelijk hebben we een nieuwe vorm van collectief zelfbewustzijn nodig, zeg maar een identitair reveil, waardoor de dikke truien in crisistijd niet aangevoeld worden als de zoveelste pestmaatregel, maar als een gebaar van volksverbondenheid, onder het motto ‘samen uit, samen thuis’. 

De media doen niets anders dan elke opstoot van onbehagen omtrent vervreemding als verzuring en xenofobie neersabelen. Het klootjesvolk moet gewoon opgevoed worden.

Gemakkelijk gezegd dus. Links, groen en linksliberaal hebben dat Volksempfinden als fascisme en racisme gelabeld. Welke verbondenheid? Er rest alleen nog een Belgisch voetbal- en Jupilerpatriottisme. Het Vlaamse natiegevoel is sowieso een fata morgana. De media doen niets anders dan elke opstoot van onbehagen omtrent vervreemding als verzuring en xenofobie neersabelen. Het klootjesvolk moet gewoon opgevoed worden. Als mensen in Denderleeuw zich ongerust maken over de toevloed van anderstaligen en andersgekleurden (oeps), zich niet meer thuis voelen in hun eigen stad, en daar ook lucht aan geven, dan strijkt er een VRT-reportageploeg neer om meewarig/verontwaardigd te berichten over la Flandre profonde en zijn onderbuikgerommel.

De traditionele politiek, met progressieve liberalen als De Croo voorop, naast uiteraard groen en rood, hebben elk identitair besef met ‘extreem-rechts’ populisme geïdentificeerd, en vervangen door een kunstmatige regenboogvlag van de diversiteit, Prides en met pluimen in hun kont paraderende queers. Daar worden ze in het Kremlin echt vrolijk van.  

Een wit vel papier

Jan Jambon bij de kerstboom

Ondertussen gaat het gezemel van de dagjespolitiek verder. Een ’fluffy watjesbende’? Zeg maar gerust: incompetente, kortzichtige dwazen. Het energiedossier symboliseert dertig jaar gebroddel onder een liberale vlag, met hier en daar wat sossen en tsjeven die door het beeld lopen. Vlaamse ambities om een echt energiebeleid te voeren, moet men met een microscoop zoeken. In 2014 constateerde ik al dat het vooropgestelde Vlaams Energiebedrijf een dode mus was, in de eerste plaats omdat de dominante stroming binnen de N-VA de energieproductie liever aan de vrije markt overliet. Vandaag zit een besluiteloze minister-president Jan Jambon weer naar een vel wit papier te staren.

We zijn geen volk, geen natie, we leven in een identitair vacuüm, en dus resideert elke Vlaming wantrouwig op zijn vierkante meter.

Het huidige malgoverno is het verlengstuk van de nefaste energiepolitiek die al in de jaren ’80 aan de gang was met de uitverkoop van Electrabel, en door paars werd bezegeld. Ook de andere Europese regeringen worstelen met die erfenis van de liberalisering, maar België en Vlaanderen hebben een enorme bijkomende handicap, namelijk een historisch gecreëerde afwezigheid van enig burgerschap. We zijn geen volk, geen natie, we leven in een identitair vacuüm, en dus resideert elke Vlaming wantrouwig op zijn vierkante meter. Wat de Denen wél hebben, en waar de vermaledijde Victor Orban mee begaan is: een natiegevoel dat in crisistijden eendracht oplevert. We kunnen nog iets leren van de Russen op dat vlak: Stalingrad 1942, onder de Duitse belegering speelt een orkest in een onverwarmde zaal met verkleumde vingers een symfonie van Shostakovitsj. Alleen de adem van het publiek zorgde voor enige warmte.

Bij ons geen orkest, wegens geen partituur. Elke graad lager van de thermostaat, elke extra trui, de dampkap die uit moet (terwijl hij vorig jaar nog aan moest om de virussen naar buiten te blazen), niet te vergeten de onbetaalbare elektriciteits- en gasfactuur zelf, zal worden aanzien als een aanslag op onze vrijheid en levensstandaard vanwege onze eigen overheid, wat de antipolitiek nog zal versterken. We hebben niet het gevoel dat Poetin ons nekt, het zijn onze eigen politici die ons belazeren.

Het gevoel, nu reeds, dat in 2024, wat de uitslag ook zij, dezelfde mooipraters en leeghoofden het met elkaar op een akkoordje zullen gooien, dàt, beste Jonathan, is het duidelijkste signaal dat het met onze ‘democratie’ de foute kant uitgaat.

Geplaatst in cacistocratie, Het politiek theater, Op onpare dagen ben ik links | 22 reacties

De ‘Nacht van de Vrijdenker’: tamelijk slaapverwekkend

Vol trots verklaart professor Ignaas Devisch op Twitter dat hij zijn medewerking zal verlenen aan de Nacht van de Vrijdenker, die doorgaat op 12 November in de Gentse Vooruit.

De organisatoren hebben zowaar de Duitse filosoof Peter Sloterdijk kunnen strikken, bekend van werken als ‘Kritiek van de cynische Rede’ (1984). Sloterdijk is een Nietzsche-kenner en staat bepaald boven het politiek correcte mainstreamdenken. Hij polariseert, polemiseert, en ziet humor als een vluchtheuvel, weg van intellectuele bevoogding, academisme en cultuurmarxistisch controledenken.

Dat belooft. Helaas, wie het rijtje van de sprekers verder afgaat, wordt teleurgesteld: het zijn allemaal tamelijke brave mainstreamintellectuelen die de krantencolumns vullen en op zowat elk colloquium te vinden zijn. Om te beginnen Ignaas Devisch zelf, professor filosofie en medische ethiek, en vrijwel dagelijks in de krant of op televisie als ‘opiniemaker’ en expert in morele aangelegenheden. Devisch out zich om de haverklap als VB-basher en verdediger van het cordon sanitaire, met een duidelijke minachting voor het klootjesvolk. Voor hem komt het gevaar van rechts, en niet van datgene wat rechts aanklaagt, namelijk de vervreemding, het als tolerantie verpakte uitsluitingsdiscours tegenover andersdenkenden, en de islamisering.

Zeven Vinkjes

Joris Luyendijk, recent bekeerd tot het wokisme

Dat is zijn goed recht, het levert hem regelmatig een zitje op in programma’s als De Afspraak, maar ik permitteer me om dit centrumlinks orakel niet echt als vrijdenker te catalogeren, laat staan een intellectuele vrijbuiter, eerder als een consensusfiguur die zich zelden buiten de politiek correcte krijtlijnen beweegt. Alles aan hem ademt voorzichtigheid en koudwatervrees uit. Dat is ook de reden waarom hij het nevenbaantje kreeg van voorzitter van de denktank Itinera.

Onder de rest van het sprekersgezelschap vinden we namen als Grace Blakeley (ideologe van de Engelse Labour Party), de linkse econoom Branko Milanovic, het feministenduo Lisa Whiting en Rebecca Buxton, de woke-bekeerling en schaamtehetero Joris Luyendijk (bekend van ‘De zeven vinkjes’), Boris Van Der Ham (verbonden aan het Nederlandse D-66), en de onvermijdelijke Dirk Verhofstadt.

De organisatoren leken vooral op zeker te willen spelen dat er op deze Nacht een rustig slapengaan zal volgen. En dat allemaal in naam van Friedrich Nietzsche, de meest controversiële en averechtse filosoof die we rijk zijn.

Behoudens een paar uitgenodigde Afrikaanse vrouwenactivistes zoals Zara Kay en Maryam Namazie, wellicht schaamlapjes om het niet allemaal te mannelijk-‘wit’ te laten lijken, zijn het allemaal leden van het welbekende intellectueel-politieke establishment met een uitgesproken linkse signatuur. Daarnaast redt ook Johan Braeckman nog enigszins de meubelen. Al houdt ook deze naam geen enkel risico in op onwelvoeglijke uitspraken. De organisatoren leken vooral op zeker te willen spelen dat er op deze Nacht een rustig slapengaan zal volgen. En dat allemaal in naam van Friedrich Nietzsche, de meest controversiële en averechtse filosoof die we rijk zijn.

De organiserende vereniging is dan ook niemand minder dan het Humanistisch Verbond Gent. Onder de sponsors vinden we Knack en De mens.nu, weerom een humanistische club, en in feite een andere naam voor de Unie van Vrijzinnige Verenigingen. Of hoe men zichzelf tegenkomt.

Wat roept deze nomenklatuur van de Nacht van de Vrijdenker op? Inderdaad: een ons-kent-ons-cultuur en intellectuele inteelt, waar niet de kleinste vonk kan uit voortkomen. ‘Verdraagzaam, pluralistisch, intercultureel en democratisch’, zoals hogervermelde humanistische koepel zich noemt, maar met een totale negatie van stemmen uit de samenleving die bijvoorbeeld de wokes en de cancelcultuur ter discussie stellen. Daarover geen woord in het programma.

Humanistische moraalridderdom

Dirk Verhofstadt, ook uit Gent

Komen op dit vrijdenkersforum dus niét aan bod: rechtse of rechts-conservatieve denkers, klimaatsceptici of antivaxxers. Ook geen nationalisten (uiteraard), identitaire denkers, critici van de multicultuur, onaaibare polemisten of andere dwarsliggers. Geen Paul Cliteur, Wim Van Rooy of Sid Lukkassen, of zelfs geen Lieven Annemans, de man die de pensée unique van het coronaregime durfde te tarten. Of een echte uitdaging, als randanimatie hors catégorie: brulboei Jeff Hoeyberghs. Dat zou ik nog eens als een bewijs van intellectuele durf kunnen appreciëren. En neen, ook ondergetekende zal er zijn visie op humor en satire niet hoeven uiteen te zetten. Voor de humanistische organisatoren zijn dat vermoedelijk allemaal ongewenste uitingen van vrijdenkerij. Om niet te zeggen: gewoon racisten.

Of een echte uitdaging, als randanimatie hors catégorie: brulboei Jeff Hoeyberghs. Dat zou ik nog eens als een bewijs van intellectuele durf kunnen appreciëren.

Nu mag iedereen een evenement organiseren met om het even welke spreker(s), intellectuele of artistieke boegbeelden, het mag voor mij zelfs een Frontnacht zijn. Waar ik moeite mee heb, is de toeëigening van de term ‘vrijdenkerij’ en het uithangbord ‘Nacht van de Vrijdenker’, terwijl het puur gaat om de vrienden en favorieten van het Gentse Humanistisch Verbond. Het versmallen van de Diogenisch-kynische en Nietzscheaanse geest tot een onderonsje van gelijkgestemden, geïnspireerd door het humanistische moraalridderdom, lijkt me gewoon een geval van valsmunterij, een manifestatie tégen de intellectuele diversiteit, waarin ik figuren als Dirk Verhofstadt en Ignaas Devisch perfect zie passen.

Lieden dus die hun wensen voor werkelijkheid nemen en zich gedragen als moderne pastoors. De denkers die ze aanhalen draaien zich om in hun graf. Misschien een tegen-Nacht organiseren, voorbehouden aan de filosofen en publicisten die niet in het politiek correcte straatje passen?  Wie doet het?

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Cultuur, Geen categorie, Politiek incorrect | 28 reacties

Satire als wapen: Charlie blijft de norm, tScheldt de ondergrens

Charlie-redacteur Stéphane Charbonnier, omgekomen in de raid van januari 2015

De recente moordaanslag op schrijver Salman Rushdie zet de tegenstelling weer op scherp tussen het Westerse universum van ironie, relativiteit en satire enerzijds, en de islamwereld waar voor deze beschavingskenmerken nog steeds niet de minste plaats is. Beschavingskenmerken? Jawel. Gevoel voor humor is een perfect ijkpunt voor civilisatiegraad. Waar niet gelachen wordt, zelfspot onmogelijk is, mankeert reflexiviteit, het vermogen om zichzelf in de spiegel te kunnen zien. Anderzijds vallen humorloosheid en (collectieve) domheid perfect samen, zoals acteur John Cleese opmerkte naar aanleiding van woke-achtige censuurpogingen op zijn iconische serie Fawlty Towers.

In mijn boek daarover,‘Terug naar Malpertus’, betoog ik dat satire een Europese uitvinding is, waarvan de oorsprong moet gezocht worden bij de Griekse komedieschrijvers zoals Aristophanes enerzijds, en de straatfilosofen à la Diogenes en Socrates anderzijds. Van deze laatste leren we wat ironie is, het fijne spel van tussen de regels lezen, althans door de bril van zijn leerling Plato want Socrates zelf zette geen letter op papier.

Religieus absolutisme

Originele Deense Mohammedcartoon, 2005

Satire is de kunst van het spotten, via literaire of beeldmatige constructies. Ze ent zich op actuele situaties, uitspraken, teksten, met de bedoeling om via knipogen de waan van de ernst, vooral door de macht uitgestraald, te doorprikken. Satire ontluistert en sleept via de lach toehoorders en/of kijkers mee in een spel van de deconstructie.

Voor wie het nog niet door had: we zitten wel degelijk in een cultuuroorlog, uitgevochten tussen de pen en het mes.

De cartoon is de meest elementaire, beknopte vorm van satire. Een statement in één oogopslag. Al moet ook een cartoon gelezen worden, je moet de ‘muis’ in de tekening ontdekken. Er is altijd een element van provocatie, het uitdagen van de censuur. Cartoons die niet prikken, prikkelen niet. De fameuze Mohammedcartoons doken voor het eerst op in de Deense Jyllands-Posten van 30 september 2005. Ze vormden een repliek op de aanslagen van 11 september 2001, en veroorzaakten op hun beurt een enorm tumult vanwege de moslimwereld, eerst in Denemarken zelf, daarna internationaal. Dat was het sein voor het Franse satirische magazine Charlie Hebdo om een jaar later dezelfde cartoons met passende teksten te publiceren. Het idee en de boodschap waren duidelijk: net daar waar censuur wordt uitgeoefend en geweld dreigt, moet satire de controverse uitlokken en de taboes doorbreken.

Wat uiteraard weerom een reactie uitlokte, en ditmaal waren de kantoren van Charlie Hebdo in Parijs het mikpunt. We zitten wel degelijk in een cultuuroorlog, uitgevochten tussen de pen en het mes. In 2012 dook de profeet weer op in Charlie, maar ditmaal in zijn blootje, de geslachtsdelen zichtbaar, met het onderschrift ‘Une étoile est née’, verwijzend naar het sterretje dat zijn kont bedekt. Het is het tonen van deze cartoon in de klas die leraar Samuel Paty later fataal zou worden: hij werd op straat geëxecuteerd.

De naakte aap

Mohammed in Charlie, 2007

Paty koos bewust deze spotprent, want er schuilt wel degelijk een filosofie achter, het is veel meer dan zomaar een karikatuur. Door de profeet naakt te tonen, wordt hij vermenselijkt en zelfs verdierlijkt. Pure blasfemie, maar sinds Darwin weten we dat we allemaal geëvolueerde apen zijn, mét apenstreken.

Daar ligt het echte kalf gebonden: de naakte profeet wordt als mens, erger nog, als dier afgebeeld, of misschien zelfs een hond die zijn gevoeg doet (men weet dat Diogenes het ‘kynisme’ beoefende, hij leefde als een straathond). In die zin is de fameuze cartoon helemaal niet beledigend of aanstootgevend, maar integendeel verbindend: we zijn allemaal mensapen ondereen, aanstellerige clowns die metafysische alibi’s verzinnen om hun behoefte aan eten, drank en seks te camoufleren. Het staat ons ook toe van met het Apekot te lachen, zoals Vuile Mong in 1974 al deed.

In die zin is de fameuze cartoon helemaal niet beledigend of aanstootgevend, maar integendeel verbindend: we zijn allemaal mensapen ondereen…

Niet te verbazen dat moslims de evolutieleer uit het leerplan willen schrappen. Dat ook de profeet een anus had, is daarbij een onverdraaglijke gedachte. Dat de islam hét gedroomde mikpunt was van de Charlie-satire, ligt echter aan de moslims zelf, en in tweede instantie natuurlijk aan de politieke correctheid van onze samenleving en politici, die woorden als ‘islamofobie’ verzinnen om personen te stigmatiseren -en zelfs te criminaliseren- die zich kritisch uitlaten over de totalitaire ambities van de Europese Islam.

Ooit, in 1968, was links de vaandeldrager van de vrij/vranke expressie en de stoute humor: de Charlie-fans zaten vooral daar. Snel veranderde dit, raakte Charlie Hebdo geïsoleerd, en sloeg links om naar het welbekende, door de media gehandhaafde ontkenningsgedrag, dat tot de wokeness en de cancelcultuur leidde. Vandaag zijn de verdedigers van de vrije meningsuiting en de stoute satire vooral bij rechts te vinden. Het kan verkeren.

Onderbroekenhumor

tScheldt-uitgever Gert Van Mol (met blokjes om geen portretrechten hoeven te betalen)

Helaas hakt men daar regelmatig met de botte bijl, en wordt de toog- en onderbroekhumor de norm. Wanneer ene Fien Germijns, de mij voorheen onbekende presentatrice van het VRT-kwisje ‘Switch’, in een vraag volgende beschouwing verwerkt: ‘Je hebt natuurlijk altijd uitzonderingen, zoals Tom Van Grieken of Dries Van Langenhove, maar de meeste politici zijn ook maar mensen’, dan hebben zelfs de betrokkenen geen zin om erop te reageren. Begin daar eens aan, er staat wat anders op het vuur.

Gefundenes Fressen dus voor tScheldt, dat het al in de titel over een ‘hangbuikzwijn’ heeft, doelend op Germijns, en heel de column ook blijft hangen aan die fysieke gelijkenis op lagere-school-niveau. De beloofde onthulling over politieke connecties komt er niet, we moeten blijven lachen met de Rubensiaanse vormen van de presentatrice, en dat VRT-CEO Frederik Delaplace daar op kickt. Kietel mij eens.

Vlaanderen snakt naar een Charlie, politiek incorrecte satire met allure, scherpe pennen in vitriool gedoopt, waar de macht zich echt aan ergert.

Dat vind ik zo jammer: zelfverklaarde satirische blaadjes die blijven steken in zattekullenpraat, en de tegenstanders eigenlijk gemakkelijke argumenten geven voor de stelling dat links met recht en reden de media monopoliseert. Pure lol voor Fien Germijns dat het Antwerps rioolkrantje zijn naam eer aandoet: het provoceert helemaal niet, het is schieten met losse flodders. Overigens zie ik de sneer van Germijns zelf als een kwinkslag met een geurtje, lach er eens mee, komaan. Het brein achter tScheldt, ‘communicatiestrateeg’ Gert Van Mol, ooit bij de CD&V buiten gegooid omdat de door hem gegenereerde nieuwe Facebookvolgers van de partij uit Indische clickfarms bleken te komen, is niet subtiel genoeg om dat te snappen. Van Mol is ook de man die lieden, die iets kritisch over hem schrijven, bestookt met gepeperde facturen voor ‘portretrecht’ als ze zijn smoel afbeelden. Je hebt gevoel voor humor of je hebt het niet.

Ik heb tScheldt verdedigd toen het n.a.v. de Zelfa Madhloum-affaire werd beschuldigd van ‘aanzetten tot haat’, en zal dat blijven doen. Maar Vlaanderen snakt naar een Charlie, politiek incorrecte satire met allure, scherpe pennen in vitriool gedoopt, waar de macht zich echt aan ergert. We hebben ooit, in een ver verleden, het meesterlijke Reinaert-epos gecreëerd, laat dat de norm blijven. Toogpraat dient voor aan de toog, van journalistiek en polemiek verwacht ik iets anders.

Vanaf september zet ik mijn lezingenreeks over ‘humor en satire in woketijden’ verder. Info en boeking hier.

Geplaatst in Inleiding tot de humorologie, Media | 13 reacties

Meer interesse voor vrouwenrechten in Afghanistan dan voor Europese moslimradicalisering

Gisteren zag ik in een mondain vakantieoord twee mannen die een vrouw in burka, het gezicht geheel bedekt, voor zich uit lieten lopen als was het een hondje. Alleen de leiband ontbrak. Af en toe riep een van de mannen ‘pssst’, of knipperde met zijn vingers ter attentie van dat wandelend spook, dat meteen gehoor gaf en bijdraaide, ik verzin het niet. Weinig of geen toeschouwers vonden dat raar, en dat vond ik dan weer raar: in een Europese stad, niet bepaald een marginale omgeving, een tafereel dat men zich zelfs in Saoedi-Arabië nauwelijks nog kan voorstellen.

We weten al langer dat moslims het bij ons bij ons dikwijls bruiner bakken dan in vele staten waar de sharia heerst. Naar aanleiding van het WK voetbal in Quatar, dit jaar in november en december, worden we er ook weer aan herinnerd dat in die steenrijke golfstaat homofilie verboden is en de vrouwenrechten een bedenkelijk niveau halen. Dat is zeker aanbevelenswaardig: sport- en andere journalisten die met een kritische blik kijken naar de staat van de mensenrechten in een organiserend land.

Maar tegelijk werkt dit als een mistgordijn, en dient het om politiek incorrecte beschouwingen te weren over de manier waarop de islam in onze eigenste contreien haar stempel op de samenleving drukt. Duidelijk in een geest van expansie en dominantie. De wereldlijke wetten zijn ondergeschikt aan het woord van de Koran, moslims accepteren deze wereldlijke wetten maar voorlopig, tactisch, in afwachting dat de sharia kan worden toegepast.

Rudi de Gutmensch

Het kan me dus eigenlijk niet zoveel schelen dat in moslimstaten deze sharia wordt toegepast. Het moet zijn dat de bevolking dit ook accepteert als een deel van de culturele traditie. Willen ze in opstand komen, des te beter, ze krijgen al mijn sympathie. Maar ondertussen wordt de olifant in onze kamer groter en groter, en zie ik in de mainstream media nog altijd grote omzichtigheid, kwestie van niet van ‘racisme’ beschuldigd te worden.

De reportages van Rudi Vranckx zijn voor een groot deel oefeningen in humanitaire self-exposure, waarbij de journalist zelf een vedettenrol vervult

In dezelfde zin begint me de gedrevenheid te storen waarmee VRT-sterjournalist Rudy Vranckx de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen aanklaagt in exotische locaties zoals Afghanistan, sinds de Amerikanen er halsoverkop op de vlucht sloegen voor de oprukkende Taliban. Ja, het is erg dat meisjes er illegaal moeten school lopen, dat vrouwen er behoudens burka uit het straatbeeld en het openbare leven worden geweerd, nauwelijks nog een job mogen uitoefenen, enzovoort. Maar helaas, Afghanistan is een islamitisch land dat al een aantal keren door verschillende grootmachten werd belaagd in zijn soevereiniteit. Je zou van minder wat paranoïde worden.

De reportages van Rudi Vranckx zijn voor een groot deel oefeningen in humanitaire self-exposure, waarbij de journalist zelf een vedettenrol vervult: hij is de engelachtige Gutmensch die overal onrecht bespeurt en mistoestanden aanklaagt. En liefst zo ver mogelijk van huis. Om het daarna in de VRT-studio uitgebreid te etaleren. Zo verzamelde hij enkele jaren geleden muziekinstrumenten voor Irak, die dan met veel vertoon en onder veel camera’s werden overhandigd. Mijns inziens is dit een foute benadering van journalistiek, en zit de VRT hier fundamenteel fout. Een journalist moet zich niet overal als weldoener profileren, daar zijn NGO’s en andere hulporganisaties voor. Men verwacht dat een reporter correct verslag uitbrengt, liefst zelf niet teveel voor de camera’s loopt om een show op te voeren, ons dingen laat zien en informeert. De conclusies trekken we liever zelf en de moraal zullen we er ook wel bij verzinnen.

Constructieve journalistiek

Maar Vranckx loopt overal op het eerste plan, en dan nog liefst op een afstand van het acute oorlogsgeweld, om indringende, menselijke reportages te maken waarbij we collectief ‘schande!’ en ‘boe!’ kunnen roepen, terwijl we de geëngageerde verslaggever zouden kunnen omhelzen omwille van zijn feeling voor onrecht en zijn talent om de juiste emosnaar te betokkelen.

Links en (vooral) groenlinks blijven zwijgzaam over deze traditionalistische fixaties, die niet af-maar toenemen, en ook in de radicalisering van jongeren een rol spelen.

Het zal wel ‘constructieve journalistiek’ heten: journalistiek met een boodschap en met een politiek correcte inslag. Maar ik moet de eerste reportage van Rudi Vranckx nog zien die de doorsnee mentaliteit van de in België en Vlaanderen wonende moslims belicht, met hun focus op de religieuze leer en een voor onze begrippen achterlijke moraal, waarin de vrouw een plek op de achtergrond toebedeeld krijgt. We denken ook aan het toenemend aantal genitale verminkingen bij meisjes, de zgn. clitoridectomie. Links en (vooral) groenlinks blijven zwijgzaam over deze traditionalistische fixaties, die niet af- maar toenemen, en ook in de radicalisering van jongeren een rol spelen. Ondertussen wordt er stevig van leer getrokken tegen een muziekfestival waarvan de deelnemers banden zou hebben met enige neo nazi-folklore, alsof dit onze beschaving zou bedreigen.

De vernederende behandeling van vrouwen door Europese moslims is wellicht een strikte toepassing van hun geloof, maar vooral een signaal dat wij met onze Verlichtingsprincipes zo ongeveer aan de terminus zitten. Als journalisten en media dit soort fenomenen al zien als een aspect van diversiteit en multiculturele ‘verrijking’, dan is het logisch dat iemand als Rudi Vranckx in Afghanistan de humanist gaat uithangen. Het is aan ons om de vinger op de wonde te leggen omtrent wat zich in Europa afspeelt, hoe het nieuwe normaal zich opdringt, en om de oorverdovende stilte van de media hierover te doorbreken.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Multicul, Politiek incorrect | 9 reacties

VB- en N-VA-jongeren samen op vakantie: het weer was prima

Er is wat ophef geweest over de gezamenlijke aanwezigheid van jongeren van Vlaams Belang en van N-VA op een zomercampus voor jonge politici over Vrijheid en Soevereiniteit in Polen, in het weekend van 15 augustus.

‘Allemaal fascisten’

De campus was een initiatief van New Direction, een rechts-conservatieve Europese denktank die in 2009 werd opgericht door niemand minder dan Margaret Thatcher. Momenteel wordt deze organisatie gerund door Tomasz Poreba, Europarlementslid voor de Poolse conservatief-nationalistische regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS).

Een en ander bracht met zich mee dat er zowel delegaties waren van de Europese conservatieve ECR-fractie (European Conservatives and Reformists), waartoe N-VA behoort, als van de radicaal-rechtse ID-fractie (Identiteit en Democratie), waartoe Vlaams Belang behoort.

De strategie van links en het traditionele centrum is duidelijk: ten allen tijde beletten dat er een ‘monsterverbond’ tussen N-VA en VB in 2024 zou ontstaan.

Jongerenafdelingen van andere partijen waren er als de kippen bij om deze gezamenlijke vakantietrip van N-VA en VB-jongeren te veroordelen. De woorden ‘fascisme’ en ‘neo-nazi’s’ vlogen in het rond, dit als toemaatje ongetwijfeld op de Frontnacht-affaire die door links dankbaar werd benut om radicaal rechts in Vlaanderen te stigmatiseren. De strategie van links en het traditionele centrum is duidelijk: ten allen tijde beletten dat er een ‘monsterverbond’ tussen N-VA en VB in 2024 zou ontstaan. De boodschap is ook duidelijk: dreigen met een vergroting/uitbreiding van het cordon, wat tot de tamelijk absurde situatie zou kunnen leiden dat een meerderheid van de Vlaamse kiezers zich binnen een schutskring bevindt. Maar dat schijnt links niet te deren.

Het Vlaams Belang gaf nogal wat ruchtbaarheid aan het treffen, bij de N-VA bleef het opvallend stil en zat men wat verveeld met de ‘negatieve publiciteit’. Jens D’Hondt, mede-oprichter van de Jong N-VA-afdeling aan de VUB, verklaarde zelfs in De Morgen dat hij, door het samengaan te contesteren, ‘uit de partij werd gezet’. Uit het interview zelf blijkt dat hij minstens voor de helft de eer aan zichzelf hield en verklaarde ‘niet te kunnen leven met de strakke partijtucht’. Terwijl het toch overduidelijk is dat D’Hondt meer op de lijn zat van het partij-establishment.

Knuppels in het hoenderhok

Dries Van Langenhove: magneet voor jonge kiezers

De grond van de zaak is ietwat anders. Dit gaat in feite niet over partijtucht en dissidentie, maar over het feit dat de N-VA-jongeren minder op hebben met het cordon sanitaire dan die partijtop. Het wordt nu voorgesteld alsof de N-VA-jonkies in een ‘val’ zijn gelopen, maar dat is niet zo. Het cordon sanitaire is een constructie uit de vorige eeuw, zoals bekend uitgedacht door de ecofascist Jos Geysels. De millennials hebben daar niks aan, het is voor hen prehistorie.

Geysels trok de andere Vlaamse partijen mee in het bad, veronderstellend dat een uitsluiting van het VB van alle machtsdeelname deze partij zou laten leeglopen en doodbloeden. Het omgekeerde is waar: het VB bleef een aanzuigaffect creëren voor alle middelpuntvliedende rechts-radicale krachten in Vlaanderen, die gaan voor een splitsing van België, zonder confederale tussenoplossing. Dat jongeren als kamerlid Dries Van Langenhove regelmatig keet schoppen en knuppels in het hoenderhok werpen, kan wel voor veel commotie zorgen bij andere partijen en in de mainstream media, maar schaadt het VB zelf niet. Integendeel: hij blijkt een magneet voor jonge kiezers.

Het VB zit in dat opzicht in een luxe-positie: de tijd speelt in hun voordeel, ze hoeven maar te wachten tot de geesten rijpen bij de N-VA-millennials.

Ook de N-VA-jongeren zijn meer bezig met wat ze gemeen hebben met hun VB-generatiegenoten, dan met wat hen scheidt. Of dat strategisch een goede zaak is, is het probleem van de partijtop. Maar op langere termijn, -uiteindelijk zijn dit de politici van morgen en overmorgen,- lijkt het cordon ten dode opgeschreven en is er een ideologische joint-venture in de maak onder een rechts-conservatieve noemer.

Daar blijkt ook een publiek voor te zijn bij jongeren. Het VB zit in dat opzicht in een luxe-positie: de tijd speelt in hun voordeel, ze hoeven maar te wachten tot de geesten rijpen bij de N-VA-millennials. De partijtop, Bart De Wever vooraan, kan deze tendens een tijd tegenhouden, en professor Bart Maddens zal wel gelijk hebben dat een opheffing van het cordon in 2024 weinig waarschijnlijk is, maar Maddens is ook bij de pinken genoeg om op te merken dat vele journalisten en politici niet goed beseffen in wat voor een parallelle, imaginaire realiteit ze leven, door hun politiek correcte illusies voor werkelijkheid te nemen.

Andermaal: het VB kan zijn jonge veulens vrij laten experimenteren, de N-VA kan alleen maar perplex de realiteit achterna lopen en kijvende vingertjes opheffen. Een fusie is daarom niet nodig, er kan en mag een verschil zijn tussen conservatief rechts en radicaal rechts, dat geeft de kiezer keuzevrijheid. Maar het uitsluitingsdenken handhaven, waarvan men links en het wokisme zo beschuldigt, kan bij rechts geen optie voor de toekomst zijn. Er zullen nog zomers en zomercampussen volgen. De woorden ‘racisme’ en ‘fascisme’, door links altijd opnieuw gebruikt, zullen verdampen in de nieuwe realiteit van wat Bart Maddens een cultuuroorlog noemt. Ik noem het gewoon een politiek strijdtoneel, dat is al meer dan genoeg. Oorlog is jihad, en dat is iets voor moslims. Geef de democratie eens een kans, de echte dan.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Burgerzin en onzin, Politiek incorrect | 10 reacties

Leve de spektakeldemocratie

Politicologie voor dummies

Dictatuur of democratie? Het zijn de twee bestuursvormen die vandaag tegenover elkaar staan. Een strikte politiestaat die geen inspraak of tegenspraak duldt, tegenover een regering-door-het-volk, wat de letterlijke maar ook tamelijk utopische betekenis is van het woord ‘democratie’. Wij westerlingen voelen ons goede democraten en verkiezen de laatste. Helaas met een wrang gevoel: er klopt van alles niet, we lijken meer in een farce te leven. De fameuze kloof tussen politiek en burger dus. Even de geschiedenis induiken, want daar is over nagedacht.

De vacature van Plato

De Griekse filosoof Plato (427-347 v.C.), een geboren en getogen Athener, was de eerste die het probleem ter hand nam. In zijn Politeia onderscheidt hij vijf bestuursvormen, van slecht naar uitmuntend: de tirannie (wat wij dictatuur noemen), de democratie (bestuur door het volk), de oligarchie (bestuur van de rijksten), de timocratie (een militair bestuur, zoals het toenmalige Sparta), en als summum de aristocratie: een regering van de besten, de meest competente leiders die ook, jawel, onbaatzuchtigheid voorop stellen.

Dé oplossing voor onze wijsgeer was de ‘aristocratie’: laat wijze mannen de staat besturen, filosofen dus zoals hij zelf…

Om maar te zeggen dat Plato geen hoge pet op had van de democratie. Iets meer dan de tirannie, maar niet veel meer. Het gewone volk dat inspraak wil en de staat meent te moeten besturen, kwalificeert hij als ‘darren’, met of zonder angel, respectievelijk dieven en bedelaars. Ze misbruiken de hen toegekende vrijheid en doen de staat vroeg of laat toch afzakken naar het stadium van de tirannie. Plato wist iets van verzuring af.

Dé oplossing voor onze wijsgeer was de ‘aristocratie’: laat wijze mannen de staat besturen, filosofen dus zoals hij zelf, die eindelijk uit hun grot konden komen. Deze onverbloemde sollicitatie leidde finaal zelfs tot het invullen van een echte vacature: toen de tiran Dionysios van Syracuse op Sicilië door de filosoof Dion werd afgezet, riep deze de hulp van Plato in om een filosofenregering te installeren. Zo gezegd zo gedaan, topadviseur Plato trad aan. Tot het regime van Dion zelf tirannieke trekjes kreeg, en Plato mocht kennis maken met politieke wet nummer één: macht heeft de neiging om zichzelf te stabiliseren, koste wat kost.

Met alle Chinezen

Lockdown in Shangai, mei 2022

Mokkend trok Plato zich terug en bleef een soort cultuurmarxisme avant-la-lettre verdedigen: de staat moet waken over goede zeden en correcte ideeën. Foute opinies zijn verboden, wie in gebreke blijft wordt uitgesloten van het maatschappelijke leven. Cancelcultuur zowaar.

Het weze duidelijk: Plato’s ‘aristocratische’ visie op het bestuur van de staat draaide rond een onvervalste éénpartijstaat ondersteund door een sterk politie-apparaat. Vandaag lijkt China het dichtst dat Platonisch ideaal te benaderen: een uitermate efficiënte bestuursvorm die op onvoorwaardelijke gehoorzaamheid is gebaseerd.

De coronapandemie -die vermoedelijk door de Chinese overheid zelf werd geïnitieerd- heeft de superioriteit bewezen van autoritaire regimes met zin voor efficiëntie.

Ook hier is een filosoof de inspiratiebron, namelijk Confucius (551 – 479 v.C), een bijna-tijdgenoot dus van Plato. Bij deze Chinese wijsgeer dezelfde ideeën van een bestuur-door-de-meest-bekwamen, staatsmanagers die de politieke correctheid bewaken en harde maatregelen durven nemen als de omstandigheden dat vereisen. Het volk is onbekwaam om de situatie te overzien, het moet aanvaarden en berusten.

De coronapandemie -die vermoedelijk door de Chinese overheid zelf werd geïnitieerd- heeft de superioriteit bewezen van autoritaire regimes met zin voor efficiëntie. Terwijl in westerse democratieën als de onze een praatbarak van parlementen en regeringen, al-dan-niet-zelfverklaarde experten en journalisten, tot een compleet imbroglio leidden, met overlegcomités waarin over het geslacht der engelen werd gediscussieerd, besliste Peking met één vingerknip om miljoenensteden in lockdown te laten gaan.

De Chinezen slikken het allemaal, omdat het systeem werkt, en omdat ze voldoende in de Confucianistische traditie geïndoctrineerd zijn. Daar besteedt de communistische partij veel tijd aan, want het monster van de democratie loert altijd om de hoek. Een antivaxbeweging van lieden die om persoonlijke redenen geen inenting tegen corona wensen, of problemen maken bij een QR-scan, is in China ondenkbaar. Noch Plato noch Confucius kennen zoiets als privacy of ‘persoonlijke redenen’. Het algemeen belang is absoluut.

Politieke clowns

Het ziet er sowieso naar uit dat heel de Platoonse piramide, met de aristocratie aan de top, als een hersenspinsel in mekaar stuikt. Er is nooit een aristocratie van topbestuurders geweest, hooguit hier en daar een betere, goedmenende politicus, die meestal als vreemde eend snel wordt gedeclasseerd in de partij. De democratieën verrotten aan snel tempo, maar ook de dictaturen zullen eroderen. Naarmate de Chinezen luxeproducten als vrije meningsuiting, inspraak, mensenrechten en privacy ontdekken, zal Peking inventiever voor de dag moeten komen dan met het rondstrooien van virussen en het afkondigen van groteske lockdowns. De Confuciaanse discipline zal afgelost worden door een spektakeldemocratie, met praatbarakken, ‘vrije’ sociale media -weliswaar onder politiek correcte supervisie-, veel sport en spel, idiote TV-kwissen, Warmste Weken enzovoort.

Macht corrumpeert, of beter: men moet al corrupt zijn om zich tot macht aangetrokken te voelen.

Het populisme gaat een grote toekomst tegemoet: Trump en Johnson zullen school maken. Ze spelen of speelden in de eerste divisie van de politieke commedia dell’arte. Plato had gelijk dat de democratie niet deugt, een louter spel is, maar hij onderschatte de kracht van de demagogie, de kunst om het volk te bespelen. De door hem versmade ‘darren’ zijn in de top van de piramide gekropen, men krijgt er hen nooit meer uit. Erger nog, ze tolereren uitsluitend nog andere, gelijkgezinde bedelaars in maatpak.

Macht trekt daarom per definitie psychopathisch aangelegde lieden aan. De filosoof-leider is een mythe die tot de politieke waan zelf behoort. Macht corrumpeert, of beter: men moet al corrupt zijn om zich tot macht aangetrokken te voelen. Bekijk onze politici, één voor één, en ruik hun narcistische lijfgeur die ze met mediatieke cosmetica en allerlei verkooppraatjes trachten weg te stoppen. Om het moment daarop in een TV-show te verschijnen als een echte nar. De vis rot aan de kop. In de marge, aan de staart, hebben ook columnisten, satireschrijvers en cartoonisten een broodwinning aan deze groteske vertoning.

De staat wordt een circus, totaaltheater, het publiek applaudisseert of schreeuwt luidkeels zijn afkeer uit. De politici zijn acrobatische clowns die zich vastklampen aan de trapeze van de instellingen, met een containerbegrip als ‘rechtstaat’ aangeduid. Iemand als Alexander De Croo, na 500 dagen en een embrouillage met een pornoster premier geworden louter wegens zijn familienaam, is technisch onbekwaam om te regeren maar beantwoordt perfect aan de uitgeschreven vacature van klucht-onderkoning, een soort Ubu Roi. Hij blijft met vlag en wimpel in Vlaanderen de meest populaire politicus. Een beter bewijs dat het volk regeert, is niet denkbaar.

Deze column is een voorpublicatie van mijn nieuw boek ‘Kakistocratie’ (Uitg. Doorbraak, september 2022).

Geplaatst in Burgerzin en onzin, cacistocratie, Het politiek theater | 13 reacties

Rechts-identitair ‘Frontnacht’-festival gecanceld

Koeien in Steenstraete, PVDA en Tom Lanoye reageren opgelucht

Op zaterdagavond 27 augustus had de eerste editie van het muziekfestival Frontnacht plaats moeten vinden, als opmaat naar de IJzerwake van zondag. Er waren een aantal muziekgroepen uitgenodigd die passen in de identitair-Vlaamse missie van de IJzerwake. Ik zei ‘had moeten’: de toelating die het comité van de stad Ieper kreeg, werd weer ingetrokken, wegens geruchten dat het om groepen en artiesten met een ‘neo-nazi’- signatuur zou gaan. Het IJzerwakecomité is nu van plan de reeds gemaakte kosten te verhalen op het Ieperse stadsbestuur.

OK, de affiche is niet super, het ontwerp alles behalve hedendaags: de krijger met de knots lijkt zich toch nog met wat anders bezig te houden dan met gezang en getokkel. Toch gaat het bij nader inzien vooral om een goed opgezette beschadigingsoperatie, stigma’s en uitingen van politieke onverdraagzaamheid vanwege de andere kant, vooral vanuit extreem-linkse hoek. Dat procedé kennen we: alles wat niet extreem-links is, is fascistisch en moet dus gewoon verboden worden. Vervelender is, dat de mainstream media ook op die kar sprongen onder het motto ‘guilty by association’. Als je iemand kent of er ooit mee in aanraking bent gekomen, of erdoor geapprecieerd wordt, word je in dezelfde hoek geplaatst.

In de koeiewei

Tom Lanoye waarschuwt meteen voor een ‘identitaire zuiveringsoorlog’

Een artikel in De Standaard geeft een idee van hoe die stemmingmakerij werkt. ‘Verscheidene van de aanwezige groepen of soloartiesten genieten enig aanzien in het rechts-extremistische milieu’, zo weet journalist Stijn Cools. Als dat zo zou zijn, is er dan een probleem? Moeten we de Brusselse band Stikstof in de ban slaan omdat ze op het PVDA-festival Manifiesta spelen en vermoedelijk het gedachtengoed van deze extreem-linkse partij niet ongenegen zijn? Moeten we de boeken van Tom Lanoye verbranden omdat hij op datzelfde PVDA-propagandafeestje als spreker is aangekondigd? Hoe kosjer is het feestje van een partij die heel genuanceerd denkt over het Noord-Koreaanse regime, en als enige fractie in het Vlaams Parlement weigerde de Russische inval in Oekraïne te veroordelen?

Gelet op wat zich zopas afspeelde op een podium in Chautauqua/New York zou Tom Lanoye zich beter op een andere ‘zuiveringsoorlog’ focussen.

Diezelfde Tom Lanoye tekende de petitie die circuleerde om ‘Frontnacht’ te verbieden. ‘Geen fascistisch festival in vredesstad Ieper!’ luidde het motto. Hij waarschuwde meteen voor een ‘identitaire zuiveringsoorlog’. Gelet op wat zich zopas afspeelde op een podium in Chautauqua/New York zou Tom Lanoye zich beter op een andere ‘zuiveringsoorlog’ focussen.

Dat Ieper een vredesstad is, willen we graag aannemen. Zoals het nabij gelegen Diksmuide, waar de IJzertoren staat met het motto ‘Nooit meer oorlog’, maar waarvan het comité gekaapt werd door Belgicistische revisionisten die met het Vlaamsvoelend karakter van het gebeuren korte metten hebben gemaakt. Waardoor, o ironie, radicale flaminganten naar een koeiewei in Steenstraete afzakten.

Het is zeker zo dat de uitgenodigde groepen en kunstenaars tot de identitair-rechtse scène behoren. Dat zo’n groep ‘Fuck EU’ zingt, kan voor sommige mensen vervelend klinken, maar het is een louter politieke boodschap. Ocad heeft ze doorgelicht en al maanden geleden een ‘niet sluitend negatief advies’ gegeven. Anders gezegd: men liet het aan de organisatoren over. Die hadden eerst hun akkoord gegeven, maar hebben nu bakzeil gehaald onder druk van extreem-linkse stemmingmakerij en de echo’s daarvan in de media. Ook Vooruit-voorzitter Conner Rousseau rook publiciteit en dreigde zijn partij terug te trekken uit de Ieperse bestuurscoalitie (met Open-VLD en N-VA). Waarna Groen-covoorzitter Jeremie Eeckhout uiteraard niet kon achterblijven: de wei van Steenstraete zal euh… gezuiverd worden van ongewenst gespuis. Van politiek opbod gesproken.

‘Samen luisteren en meezingen’

Nicholas Potter, neo-nazi jager en censor

De Standaard ging ondertussen in dezelfde stijl verder, en probeerde de uitgenodigde artiest Philipp Neumann te associëren met neo-nazi kringen:

Zo staat op de affiche van Frontnacht ‘Phil van Flak’ aangekondigd. Het gaat om Philipp Neumann, de frontman van de Duitse rockgroep Flak. Hij treedt nu solo op. Flak stond op de affiche van Hammerfest, editie 2019, het besloten muziekfestival van de Hammerskins. Er circuleert een foto van Neumann met een T-shirt met daarop Crew 38, een verwijzing naar het logo van de Hammerskins. Daarnaast bracht Flak muziek uit bij PC Records, een extreemrechts platenlabel uit het Duitse Chemnitz.’

Een foto van een T-shirt die verwijst naar een andere groep die…. Of als het over Flatlander gaat, waarover een rapport van de Anne Frank Stichting circuleert: ‘Binnen de neonazistische muziekscene kan Flatlander inmiddels op nationale en internationale belangstelling rekenen’. Van zo’n gemeenplaatsen zakt mijn broek af. Bestaat er zoiets als een ‘neonazistische muziekscène’? Ja, dus: Frontnacht. Quod erat demonstrandum.

De Standaard lijstte niets meer op dan een verzameling geruchten en van-horen-zeggens, en voerde zelfverklaarde ‘experten’ op die de stemmingmakerij moesten voeden.

Verderop werd als autoriteit ene Nicholas Potter aangehaald, een ‘onderzoeksjournalist’ die op neo-nazi’s jaagt. Nicholas wie? Toch geen familie van… Over de deelnemende artiest Sacha Korn orakelt hij het volgende: ‘Hij probeert zichzelf te presenteren als een patriottistische singer-songwriter, maar er zijn linken met extreemrechts. Al wijst hij dat label zelf af’. Ook als je dus uitdrukkelijk afstand neemt van neo-nazi-ideologieën, ben je er toch een spreekbuis van. En ook als De IJzerwake zich expliciet distantieert van neonazi-toestanden, dan blijft het toch met dat etiket rondlopen omdat mijnheer Potter en Tom Lanoye dat willen. De Standaard lijstte niets meer op dan een verzameling geruchten en van-horen-zeggens, en voerde zelfverklaarde ‘experten’ op die de stemmingmakerij moesten voeden.

De krant besluit met een ijzersterk argument vanwege dezelfde Potter tegen een festival als Frontnacht: ‘Het versterkt de mensen die er naar luisteren in hun ideologie. Samen luisteren en meezingen, geeft ze het gevoel niet alleen te zijn. Bovendien kunnen de tickets en de merchandising een belangrijke bron van inkomsten zijn.’ 

Jeugdbendes

Wim De Wit: ‘Als het Ieperse stadsbestuur alsnog toegeeft aan de politieke druk, dienen we een schadeclaim in’

Samen luisteren en meezingen! Schaf het Zangfeest dan ook maar af, en neen, ook massa-evenementen als Tomorrowland lijken me in dat opzicht, zeker de winstgevende ticketverkoop, heel verdacht.

Het weze duidelijk: de linkerzijde vindt het heel vervelend dat de IJzerwake, met zijn comité van 70-plussers, naar verjonging zoekt en daartoe andere artistieke genres aanboort waarin, uiteraard, een politieke boodschap verpakt zit.

Het onderhoud van de soldatenkerkhoven en het blazen van de Last Post is misschien niet meer toereikend in een wereld waar de dreiging toch van een andere kant komt.

Daar zit het echte kalf gebonden: rechts heeft de wind in de zeilen bij jongeren, die het kotsbeu zijn dat bijvoorbeeld in mijn gemeente Overijse Brussels-Marokkaanse jeugdbendes drugshandeltjes opzetten nabij middelbare scholen en er een soort straatterreur op nahouden. De politie treedt nauwelijks op, uit schrik om het etiket ‘racisme’ op zich geplakt te krijgen. Dààr zit de voedingsbodem voor radicaal rechts, niet in een tamelijk marginaal muziekfestival. Er mogen op school dan wel campagnes voor diversiteit opgezet worden, met veel regenboogvlaggen, de jeugd ervaart de realiteit enigszins anders. Allemaal mensen die in 2024 voor de eerste keer gaan stemmen, politici hou u vast aan de takken van de bomen.

De ‘vredesstad Ieper’ moet zich dringend beraden wat vrede betekent en hoe zich dat vertaalt in de huidige maatschappelijke context. Het onderhoud van de soldatenkerkhoven en het blazen van de Last Post is misschien niet meer toereikend in een wereld waar de dreiging toch van een andere kant komt. Soms is de witte vlag niet genoeg om onze vrijheid te verdedigen, anders hadden we daar nooit twee wereldoorlogen voor over gehad.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Geen categorie | 17 reacties