‘De vrijwilligers zullen de klus wel klaren’ (denkt de overheid gemakshalve)

(Vaccinatiecentrum Overijse – Foto Ring TV)

Het was een frappant beeld, de voorbije zomer: massa’s (vooral Vlaamse) vrijwilligers die naar Wallonië afzakten om hulp te bieden na de overstromingsramp, terwijl er van professionele hulpverlening nauwelijks iets te bespeuren viel. Vandaag trouwens nog steeds niet, de schimmels groeien weelderig op de doorweekte muren, kleinere privé hulporganisaties lenigen de grootste nood. In een normaal land was de verantwoordelijke minister al lang de laan uitgestuurd, maar Annelies Verlinden bleef die dagen op haar vakantie-adres en liet zich in Pepinster en omstreken nauwelijks zien.

Vrijwilligerwerk dus. Vlamingen hebben wel degelijk de neiging om in de bres te springen, ook over de taalgrens. Zo’n opstoot van idealisme hoort bij een acute, niet te voorspellen noodsituatie waar het simpelweg alle hens aan dek is. Maar de nalatigheid van de overheid -zowel wat het voorzien van de waterramp betreft als de hulp nadien- maakt van de vrijwilligers, om het respectloos te zeggen, nuttige idioten. Ze doen wat de hulpdiensten eigenlijk moeten doen en creëren een sentimenteel beeld van ‘solidariteit’ die als schaamlap dient voor schuldig verzuim. Waar ligt de grens tussen de warme samenleving en misbruik van naïviteit?

Non-profit sfeer

Antwerpse jongeren komen hulp bieden in Waals overstromingsgebied, waar le Croix Rouge hen wandelen stuurt (ATV/5 aug 2021)

Het is dus nuttig om aan te geven welk soort onbaatzuchtigheid zinvol en wenselijk is in onze samenleving. Langs de ene kant is er het vrijwilligerswerk dat vanuit een idealistische motivatie bijspringt in non-profit initiatieven in de culturele, socio-culturele en zorgsfeer. Dat zijn de echte vrijwilligers, die doorgaans al een job hebben, gepensioneerd zijn, of werkloos.

Er moet plaats zijn voor sociaal engagement dat onder een statuut valt, tegen een bescheiden onkostenvergoeding en qua verzekering OK

Het is een breed netwerk van mensen die zich belangeloos inzetten voor een goed doel of een interessant project. Ze doen het omdat ze het graag doen en om zich nuttig te maken, in plaats van bijvoorbeeld ’s avonds TV te kijken. Die maatstaven zijn zorgvuldig bepaald door de Vlaamse overheid zelf, om misbruiken te voorkomen. Het gaat bijvoorbeeld om allerlei taken in sportclubs, het verenigingsleven, jeugdbeweging, amateurkunsten, scholen, bibliotheken, maar bijvoorbeeld ook voedselbedeling en sociale keukens. Er moet plaats zijn voor sociaal engagement dat onder een statuut valt, tegen een bescheiden onkostenvergoeding en qua verzekering OK.

Aan de andere kant valt er iets voor te zeggen dat langdurig werklozen ingeschakeld worden in een specifiek circuit waar helpende handen nodig zijn, acuut of structureel. Dat zijn dan geen vrijwilligers, het gaat veeleer om een specifiek arbeidscircuit waar de achtergrond en opleiding van de man of vrouw uiteraard een rol spelen. Ze krijgen een uitkering en mogen daar iets voor terugdoen. Het kan gaan om het onderhouden van gemeentelijke plantsoenen, klussen voor hulpbehoevende personen, gemeentelijke administratie, technische ondersteuning. Dat kunnen ingroeibanen worden, echte jobs.

Wat niet kan, is vrijwilligers gebruiken als goedkope arbeidskrachten in een permanent systeem. Twee jaar geleden, aan het begin van de pandemie, gaf toenmalig minister van sociale zaken, Maggie de Block, de private woon- en zorgcentra de toestemming om met quasi onbetaalde vrijwilligers te werken. Een beslissing die door haar opvolger, minister Frank Vandenbroucke, werd verlengd.

Medische routine

Bij deze de-professionalisering van de zorg wordt veelal het personeelstekort ingeroepen, maar uiteindelijk evolueren we zo naar een maatschappij waar de burger belastingen betaalt én nog eens verondersteld wordt om kosteloos taken op zich te nemen die de zijne/hare niet zijn. Dat is geen billijke situatie, en het veroorzaakt op de duur concurrentie met het echte socio-culturele vrijwilligerswerk.

Rond vaccinatiecentra hangt nog teveel de sfeer van noodhospitalen in een ontwikkelingsland, met helpende handen en lange wachtrijen.

In dezelfde zin hebben Tom Lemahieu en Eva Hambach van het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk zich al herhaaldelijk kritisch uitgelaten over het blijvend inzetten van vrijwilligers in de vaccinatiecentra. Rond deze centra hangt nog teveel de sfeer van noodhospitalen in een ontwikkelingsland, met helpende handen en lange wachtrijen. In de eerste fase waren het inderdaad in allerijl uit de grond gestampte hulpposten, en diende de achterstand, in hoge mate te wijten aan de traagheid van zorgminister Beke, goed gemaakt met de inzet van menig goede ziel. Waarbij de vaccins dan nog op zich lieten wachten.

Maar we zijn al lang een paar staties verder. De vaccintoelevering is verzekerd. Cultuurmakers moeten hun programma niet meer afgelasten omdat het desbetreffende centrum opgeëist wordt. De prik is tot een medische routine geëvolueerd, en zal periodiek herhaald moeten worden. Het Pfizervaccin (het meest effectieve en nu algemeen gebruikt) vergt een bijzonder behandeling omdat het bij extreem lage temperatuur wordt bewaard. Deze context vraagt om een professionele omkadering.

Warmste Week

(Foto StuBru)

Pasjes dus of geen pasjes, en ondanks het handvol antivaxxers, zullen de covidprikken nog een tijd deel van ons leven uitmaken. Dat impliceert het inschakelen van volwaardige arbeidskrachten met een volwaardig uurrooster en een dito sociaal statuut. Eventueel zelfs gekoppeld aan een opleiding.

In een land met bijna de hoogste belastingdruk ter wereld, is het ongepast dat de burger ook nog eens, in naam van de verbondenheid, de taken en lasten van de overheid op zich neemt.

Desondanks draaien de vrijwilligers in de vaccinatiecentra, uitgebaat door de Vlaamse overheid, nog steeds hun nestel af voor een onkostenvergoeding van 3 euro per uur. Het zijn goedkope arbeidskrachten geworden, waarvan het belangeloos enthousiasme wordt misbruikt. Het motto ‘de vrijwilligers zullen de klus wel klaren’ roept liefdadigheid en onbaatzuchtigheid in, doet beroep op mensen met veel gevoel voor ‘burgerzin’, terwijl de overheid er zich op een goedkope manier van af maakt. Stel u maar eens voor dat de ziekenhuizen vol zouden lopen met ‘vrijwilligers’, verplegers met en zonder diploma die voor 35 euro per dag het vuile werk doen. En wat voor iets is een ‘brandweervrijwilliger’? Is het blussen van branden iets voor mensen die mits een minimale onkostenvergoeding mee willen draaien in een toch wel niet risicoloze hulpdienst?

Het probleem stelt zich nog breder. In Antwerpen is de hoofdzetel voor België en Nederland gevestigd van de katholieke  gemeenschap van Sant’Egidio, een liefdadigheidsvereniging met spirituele inslag, waarin vrijwilligers zich inzetten voor de opvang van daklozen, drugverslaafden en dies meer. Een mooi initiatief. Schrijfster Kristien Hemmerechts is er een notoir lid van. Politici van allerlei gezindte koesteren er een warme sympathie voor en willen wat graag voor de foto eens soep opscheppen in de keuken, evenals het koningspaar Filip en Mathilde. Die sympathie van de politiek en de monarchie is niet helemaal onschuldig: dit soort liefdadigheid ontlast het systeem van een verantwoordelijkheid, en gebruikt het altruïsme als dekmantel. Dat Sant’Egidio de islam ziet als een positieve kracht in ‘het samenbrengen van de wereldgodsdiensten’, zal er ook wel mee te maken hebben: dit initiatief vormt ook nog eens het uithangbord voor de multiculturele doctrine. Het is dezelfde vereniging die acties steunt voor de regularisering van illegale asielzoekers. Un train peut en cacher un autre.

In een land met bijna de hoogste belastingdruk ter wereld, is het ongepast dat de burger ook nog eens, in naam van de verbondenheid, de taken en lasten van de overheid op zich neemt. De oproep tot solidariteit is helaas een alibi daartoe. Denken we bijvoorbeeld aan evenementen zoals De Warmste Week en de Kom-op-tegen-Kanker campagne, ondersteund door veel BV-sentiment, inclusief echte tranen. Terwijl kankerbestrijding, en het steunen van onderzoek daarin, toch vooral hoort bij de zorgplicht van de overheid, en niet van liefdadigheid moet afhangen.

Solidair dus, maar niet idioot. In de grijze zone tussen de warme samenleving en een nalatige, lakse overheid moet de kritische burger constant positie kiezen. Met een goed hart en een slecht karakter, zoals het motto van een bekend Vlaams weekblad luidt.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .