De dag dat de cafébaas mij begon te scannen

Over covid en de oprukkende digitale doolhof

Het Covid Safe Ticket (CST) is sinds 1 november van toepassing in de Vlaamse horeca, dat zelf vragende partij hiervoor was. Voor de sector is het kwestie van de boel draaiende te houden en klanten hoeven niet eens een mondmasker meer te dragen, het valt allemaal nog mee. Op de sociale media wordt niettemin grote scepsis geventileerd over het systeem. Het zou de maatschappij verdelen, er zijn vragen bij de privacy, ongevaccineerden (nog altijd een vrije keuze) zouden gediscrimineerd worden, en we zouden zo naar de fameuze pasjesmaatschappij evolueren. Hier en daar richt een rebel een privé-herberg op waar geen CST van doen is.

Ter verduidelijking: ik heb alle begrip voor de argwaan tegenover apps die we van overheidswege moeten installeren zelfs om op café te mogen gaan, zeker als men daarbij ook nog je identiteitskaart mag vragen. In een liberale samenleving dienen grondrechten rond bewegingsvrijheid en privacy streng bewaakt. Vergelijkingen met de Jodenster en waarschuwingen voor een nieuw nazitijdperk vind evenwel ik van de pot gerukt. Het is een tijdelijke noodmaatregel tegen een virus dat zich van ideologie niets aantrekt.

Kaakslagflamingantisme

Ik ben niet gevaccineerd om Frank Vandenbroucke te plezieren, maar om mezelf en mijn medeburgers te beschermen en de zorg niet te laten ontsporen. Het klopt dat Vlaanderen een hoog vaccinatiecijfer kent en er waren argumenten om het CST hier niet in te voeren. Maar op de beslissende dag was Jan Jambon niet op de afspraak en verleuterde de halve Vlaamse regering zich in snoepreisjes naar Denemarken, terwijl onze minister-president in Dubai op een 3D-fiets zat te peddelen.

We hebben ons laten rollen, het is te zeggen, Jambon en C°, als onnozele seuten. Laat ons niet jammeren en vooral kritisch zijn voor onze eigen bewindvoerders.

We moeten dus niet aan kaakslagflamingantisme doen, en het voorstellen alsof de federale staat met Frank Vandenbroucke op kop een ‘coronacoup’ heeft gepleegd op de Vlaamse deelstaat en alle macht naar zich heeft toegetrokken. We hebben ons laten rollen, het is te zeggen, Jambon en C°, als onnozele seuten. Laat ons niet jammeren en vooral kritisch zijn voor onze eigen bewindvoerders. Voor de rest: van zodra de gerechtvaardigde scepsis tegen het CST zich vermengt met de complottheorieën van de antivaxbeweging, houdt het voor mij op. De weigering om zich te laten vaccineren omdat Bill Gates heel de wereldbevolking van een chip wil voorzien, sorry, met dat soort lieden wil ik helemaal niet aan één toog zitten.

Het is misschien interessant om het gezonde wantrouwen tegen de deep state eens vanuit een ander perspectief te legitimeren: vanuit het begrip e-government. Wie die fameuze CST-app wil installeren, vindt op de webstek van de Vlaamse overheid deze informatie:

Een COVID-certificaat is digitaal opvraagbaar via de CovidSafeBE-app (mobiele app) en op websites zoals Mijn Burgerprofiel, Mijngezondheid.be, of MyHealthViewer. Om certificaten digitaal op te vragen heeft u ofwel uw identiteitskaart, pincode en kaartlezer nodig, ofwel een andere geactiveerde digitale sleutel (bijvoorbeeld itsme).

Verapping

Zo gezegd, zo gedaan. Ik ben geen IT-techneut en hou het wat dat betreft graag simpel. Een pc is voor mij een werkinstrument, geen fetisj. Helaas vrees ik dat nogal wat mensen in het haar krabben wanneer ze merken dat ze naast hun identiteitskaart een kaartlezer nodig hebben én een pincode. Onthoud al die codes en paswoorden vanbuiten, schrijf ze niet op want iemand zou ermee aan de haal kunnen gaan.

O, maar het kan ook via itsme, zo gemakkelijk. Itswie? Dat is een app (weeral) die ervoor zorgt dat je met andere apps kan werken, je hoeft je niet telkens te identificeren, mits het ingeven van nog maar eens … een pincode. Een halve dag heb ik besteed aan het installeren van die schijtapp, waarmee ik dan de CST-app op mijn mobieltje kon plaatsen. Wie verzint dit soort gezelschapsspelen? De verapping van de samenleving, daar komen mijn haren van recht, meer dan dat vaccinatiebewijs op zich dat een brave kelner me vraagt.

Een halve dag heb ik besteed aan het installeren van die schijtapp, waarmee ik dan de CST-app op mijn mobieltje kon plaatsen. Wie verzint dit soort gezelschapsspelen?

Als houder van twee universitaire diploma’s sympathiseer ik dus met diegenen die vloeken en zuchten vanwege de arrogante vanzelfsprekendheid waarmee de digitale maatschappij zich opdringt. Is men verplicht om een GSM te bezitten? Ik dacht het niet. Er zijn mensen die niet de godganse dag surfen en het PC-gebruik beperken tot het versturen van een paar mailtjes. Er zijn mensen die de wirwar van nuttige overheidswebsites ervaren als een kat die haar jongen niet terugvindt. Mijn burgerprofiel, Mijn gezondheid of Healthviewer: drie verschillende webstekken die naar dat covid-ticket zouden leiden. Waarom drie? Omdat één te simpel is?

E-bureaucratie

Mark Robben

Het antwoord is, dat deze digitale doolhof een categorie van mensen macht geeft die kennis zorgvuldig afdekken en monopoliseren. Er komt een slag lieden de boel beheren die niemand kent, maar aan wie de overheid een soort carte blanche geeft om de QR-maatschappij op poten te zetten. Voor Vlaanderen is dat één man, één technicus die achter de schermen een monopolie van de digitalisering beheert: Frank Robben, bijgenaamd de ICT-paus van de Vlaamse overheid.

Robben staat aan het hoofd van de Kruispuntbank voor de Sociale Zekerheid én van het eHealth-platform dat hij aanleverde vanuit Smals, het bedrijf waarvan hij zaakvoerder is.  Daarnaast zetelt hij ook nog eens in het Kenniscentrum van de Gegevensbeschermings­autoriteit (GBA), de privacywaakhond van ons land. Hij is dus topambtenaar én overheidsleverancier én controleert zichzelf. Vanuit die machtspositie kreeg hij ook alle opdrachten toegewezen, zowel Vlaams al federaal, voor de fameuze contacttracing (een slecht functionerend onding) en de corona-app Coronalert. Alle digitale Sciensano-projecten passeren langs hem.

De IT-ers maken het daarbij zo ingewikkeld mogelijk en stellen zich vervolgens voor als grote depanneurs. Hallelujah.

Achter en voorbij de discussie rond de ‘pasjesmaatschappij’ zit een veel fundamentelere discussie rond het digitale schisma, en de vraag of wij zomaar moeten meegaan in de dans der techneuten die heel de maatschappij geruisloos naar hun hand zetten. Al wie enigszins conservatief staat tegenover de digiforie, wordt beschouwd als een achterlijke digibeet. Voor hen is er nog even de papieren versie, opvraagbaar per telefoon bij een sprekende robot, in afwachting dat ze uitsterven.

Figuren als Frank Robben zien in tijden als deze de kans schoon om een compleet e-government uit te bouwen, dat niet zozeer vanuit een ideologie greep wil krijgen op de burger, dan wel vanuit een technocratisch machtsdenken waar de filosoof Max Weber (1864-1920) al interessante bespiegelingen over ten beste gaf. De IT-ers maken het daarbij zo ingewikkeld mogelijk en stellen zich vervolgens voor als grote depanneurs. Hallelujah. Hoe minder gewone burgers, maar ook politici en ambtenaren, het snappen, hoe groter hun macht. Op het einde opereert de IT-er als een deus ex machina in een maatschappij waar mensen zowat gek worden als Facebook een halve dag uitvalt.

Ooit was die GSM een gadget om draadloos te bellen, vandaag geraak ik zonder zelfs niet meer binnen op café of in het theater, of op de bus. Hij is mijn sleutel tot de samenleving geworden, die helemaal via QR-codes een elektronisch narratief met de snelheid van het licht genereert, zoals Sid Lukkassen het beschrijft. Vergeet de machtsgeile politici, het zijn maar povere clowns die nederig buigen voor de leerling-tovenaars genre Frank Robben.

Dan toch maar afspraak op het terras, vrienden, zonder pas. Op Mijn Gezondheid!

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .