De grote festivals: de versoepeling te veel?

TomorrowlandWaarom de Dag van de Zorg zo weinig aandacht kreeg

Afgelopen woensdag, 12 mei, was het de geboortedag van Florence Nightingale en meteen Dag van de Zorg- en Verpleegkundigen. Dat is opvallend geruisloos voorbij gegaan. Noch in de geschreven media, noch op TV werd er enige aandacht aan besteed, op een moment dat deze sector nochtans de frontlinie uitmaakt tegen een in moderne tijden ongekende pandemie. Geen enkele politicus voelde zich bij mijn weten geroepen om een bloemetje te gooien: men had het vooral druk met het aankondigen van versoepelingen.

Op Doorbraak verscheen er, uitgerekend die dag, wel een artikel waarin het verplicht vaccineren van zorgpersoneel dat met kwetsbare personen in aanraking komt, ‘onethisch’ werd genoemd. Het is dus wel ethisch om een vaccin te weigeren en een patiënt te besmetten. Uit betrouwbare bron weet ik dat in Vlaanderen, zoals trouwens bij heel de bevolking, de vaccinatiebereidheid bij het verplegend personeel zeer hoog ligt. In Brussel en Wallonië ligt dat helemaal anders, waar een hoog percentage allochtone werknemers zich zeer weigerachtig opstelt. In de Brusselse woonzorgcentra bedankt, dankzij een vast ‘moreel kompas’ (sic), meer dan de helft van het personeel voor een prik. Knoop het maar aan mekaar.

Maar dus die stilte rond de verjaardag van Florence Nightingale. Van helden van de zorg zijn het al lang weer de voetvegen van de zorg geworden. Van de 985 euro bruto coronapremie, die ze eind vorig jaar kregen, schoot er netto welgeteld 407 euro over. Voor het salaris (zowat 1800 euro netto voltijds) moet je geen verpleegkundige worden. Het is een zware, veeleisende job, inclusief nacht- en weekendwerk, en je kon er het voorbije jaar ook aan doodgaan. Hopelijk scheelt dat ondertussen met de vaccinatie. Die, laten we duidelijk zijn, in die sector de regel moet uitmaken. Weiger je dat, sorry, dan heb je het verkeerde beroep gekozen.

Bevrijdingseuforie

DeCroo2Alexander De Croo: het goede nieuws heeft vele vaders

Ondertussen is het weer al versoepelen dat de klok slaat, en willen politici ook allemaal de pluimen opstrijken voor de grote stap naar de Vrijheid. Ik schrijf dat woord met een hoofdletter om het potsierlijke ervan duidelijk te maken: we zijn zo verwend en in slaap gewiegd, dat we een pint drinken op een terras als het summum van vrijheidsbeleving ervaren. Je zou bijna hopen dat er eens wat journalisten achter de tralies vliegen om te doen beseffen waar vrijheid echt om draait, zoals nu in Rusland weer met het verboden studentenblad Doxa.

Het doet wat denken aan de tijd vlak na de Duitse bezetting, toen iedereen plots lid was van de Witte Brigade.

Niettemin doopte Jan Jambon, de man die door heel de coronacrisis als een grijze muis sloop, zijn Vlaamse exitplan tot Plan van de Vrijheid, waarna Alexander De Croo snel met zijn Zomerplan voor de pinnen kwam, ook weer om ‘perspectief’ (een ander woord van het moment) te geven. Het doet wat denken aan de tijd vlak na de Duitse bezetting, toen iedereen plots lid was van de Witte Brigade. De crisismanagers mogen in de kast, eindelijk weer tijd voor een goed-nieuws-show. Slechte tijden voor gezondheidsminister Frank Vandenbroucke, de enige die niét meedeed aan dit opbod en waarschuwt voor nieuwe overvolle ziekenhuizen. Pretbedervende socio-autist.

Helaas is de euforie voorbarig en is enige zelfkritiek van nut. De term ‘bevrijding’ is een groteske metafoor, alsof we onder de voet zijn gelopen door een vijandelijk leger. We hebben ons gewoon laten verrassen door een virus dat helemaal niets wil, behalve overleven en zich vermenigvuldigen, zoals alles in de natuur. WHO-experts erkennen nu,- rijkelijk laat,- dat we de verspreiding ervan mits de juiste strategie hadden kunnen verhinderen. Met veel ratio en gezond verstand, naast wetenschap en pharma, redden we het wel. Maar niet met de klassieke demagogische trukendoos en struisvogelpolitiek.  

Cultuur & (vooral) evenementen

ChocriChokri Mahassine, de steeds goedlachse organisator van Pukkelpop

Na de terrassenbevrijding van de horeca is het nu de cultuur- en evenementensector die mag jubelen. Die twee worden vrijwel altijd in één adem genoemd. Minister-President Jambon is zo tussendoor ook nog cultuurminister, herinner u. Helaas, met cultuur vallen geen stemmen te rapen. Cultuur is iets voor het procent achter de komma, het zijn vooral de grote zomerfestivals waarmee politiek te scoren valt, genre Rock Werchter en Pukkelpop en, nog veel groter, Tomorrowland. Bekijken de anderen nog even het hoe en wat, Pukkelpop-organisator Chokri Mahassine laat er geen twijfel over bestaan: er moet en zal 66.000 man per dag op die weide samentroepen, zonder afstand of mondmasker. Leve de vrijheid.

Mahassine spreekt hier duidelijk voor zijn beurt, maar premier De Croo heeft geen zin om het ex-SP.A-parlementslid even tot de orde te roepen: het is OK, Chokri, maar wel enkel binnen op vertoon van vaccin- of testbewijs hé. Dat is voor zo’n massa ondoenbaar, dat weten beide heren ook, maar het verlangen om goed nieuws te brengen is te groot. Dit is populisme op zijn goorst, en dit keer geef ik Erika Vlieghe gelijk, én het ziekenhuispersoneel dat bijna achterover valt: deze superverspreiders bereiden een herfst met een nieuwe piek voor, alle experten voorspellen het en het zal ook zo uitdraaien.

Cultuur is iets voor het procent achter de komma, het zijn vooral de grote zomerfestivals waarmee politiek te scoren valt

De fascinatie van politici voor deze massa-evenementen, die ook onder ‘cultuur’ vallen terwijl ze daar in strikte zin nauwelijks wat mee te maken hebben, is even begrijpelijk als absurd: duizenden jonge stemgerechtigden in een dankbare roes, wie wil daar de bonus niet van opstrijken. Afgelopen met illegale feestjes zoals La Boum, het adolescente kiesvee kan nu legaal van de Vrijheid proeven dankzij joviale politici die dus, niet heel toevallig, de Dag van de Zorg even willen overslaan. We hebben het gehad met de beelden van overwerkte verpleegsters en naar adem snakkende patiënten.

Dat België per se voor een opengrenzenbeleid wil staan, bepaalt mee de gedempte euforie van premier De Croo: aan de grote festivals hangt een geur van multiculturaliteit en kosmopolitisme. Als het even kan verwelkomen we ook onze vrienden uit India. Terwijl politici de moed zouden moeten hebben om te zeggen dat Tomorrowland en aanverwanten even niét hoeft. Een ouderwetse fuif of een kleinschaliger concert zijn veel belangrijker voor het herstel van het sociale weefsel.

De gelijkschakeling van cultuur en evenementenindustrie typeert een politieke klasse én een maatschappij die alleen de koppen telt. In de herfst zal ik, hopelijk, weer lezingen kunnen geven voor zaaltjes van hooguit 200 mannen en vrouwen, in dezelfde logica als waarmee een honderdduizend-koppige massa op een wei uit de bol gaat, vergezeld van flink wat alcohol en drugs. Ik zou zeggen: voor mij niet gelaten, ware het niet dat een nieuwe lockdown iedereen zal treffen. Nooit meer dan in tijden van pandemie is de moraal van Immanuel Kant toepasselijk: ‘Mijn vrijheid stopt waar die van de andere begint’. Het is een libertariër die het u zegt.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .