Cultuur of terrassen? (Als ik mag kiezen, toch maar liever het laatste eerst)

Sioen2Tonnen sympathie heb ik voor de mensen van de cultuursector, die nog steeds gesloten is. Althans het luik evenementen, alles wat rechtstreeks met publiek in contact komt. Maar als ik hun smeekbeden beluister om te heropenen, krijg ik altijd een knoop in mijn maag. Want willen ze terug optreden omdat ze zo essentieel zijn voor de samenleving,-wat ze zelf beweren,- of omdat ze op droog zaad zitten?

Dat laatste is geen schande, er zijn nog sectoren die op apegapen zitten en lieden bij wie het water financieel tot aan de lippen reikt. En als er subsidies gelden voor cafébazen, waarom zouden professionele publiekskunstenaars geen overlevingstoelage mogen krijgen. In ruil zouden ze dan wel moeten ophouden met te doen alsof heel het land wacht op hun terugkeer. Dat is gewoon niet zo. De jeugd wil terug fuiven en wij willen terug op een terras zitten. De rest, ach.

Het Grote Verbinden

willaertDominique Willaert, artistiek leider van Victoria Deluxe probeert Theo Francken het spreken te beletten (UGent, 2017)

Gisteren ook weer rockartiest Frederik Sioen, die in De Afspraak namens de Crisiscel Cultuur voor versoepelingen kwam pleiten. ‘Wij hebben een antwoord op behoeften in de maatschappij’, klinkt het, kijk maar naar de wachtlijsten van de psychologen. Hij gewaagt van een verbindend en therapeutisch effect van cultuur, zeker in deze moeilijke tijden.  Als dat woordje ‘verbindend’ opduikt, is het opletten geblazen, want elke dorpspolitieker wil vandaag bruggen bouwen en ‘verbinden’.

Genant wordt het pas als Sioen en C° proberen goede maatjes te blijven met de virologen, omdat ze beseffen dat deze mensen vandaag de macht naar zich toe hebben getrokken. Vele knipoogjes dus naar Erika Vlieghe (met mondmasker) aan de andere kant van de tafel, en doen alsof de hogepriester van de virocratie je beste vriend is (‘Daarnet kwam ik Marc Van Ranst tegen in de coulissen’): het kan allemaal helpen, maar het oogt als hondjesgedrag en euh… slecht toneel.

Het idee van cultuur als grote verbinder is even fantasmagorisch als het idee dat psychologen ons uit de shit kunnen halen.

Soit, Sioen is best een slimme jongen en beseft dat hij het breed moet verkopen: theaters, concerten, DJ-optredens, fuiven, naast wielerkoersen, kermissen, trouwfeesten, het is allemaal cultuur, herverpakt onder de noemer ‘evenementensector’. Hij vindt daarin steun bij minister Jan Jambon, die door het linksdraaiende kunstencircuit altijd met enig dédain is bejegend.

Noteer dat een deel van die sector zich in een nabij verleden graag activistisch opstelde en bijvoorbeeld Theo Francken nog het spreken heeft belet toen die een lezing wou geven. Zo’n evenement kon dan weer niet. Voor mij allemaal niet gelaten, maar het gefleem van Frederik Sioen als gaat het om één grote, gezellige bedoening, het maïzena-idee van cultuur als grote verbinder is even fantasmagorisch als het idee dat psychologen ons uit de shit kunnen halen. Cultuur is namelijk een containerbegrip waarbinnen allerlei interessesferen en activiteiten naast elkaar maar soms ook tegen elkaar schuren. En waarbij mensen zich terecht afvragen of ze wel mee moeten betalen voor die 0,1% Cultuur met grote C.

Van voetbal tot Tomorrowland

TomorowlandAls operaliefhebber -zowat het enige dat ik met Jan Jambon gemeen heb- kan het me eerlijk gezegd geen fluit schelen of Tomorrowland dit jaar doorgaat of niet. Dat geldt natuurlijk evenzeer in de omgekeerde richting. Ik gun het die mensen uiteraard wel, maar louter intrinsiek beschouwd: een DJ die plaatjes staat te draaien is voor mij zelfs geen cultuur maar eerder massa-amusement. Trouwfeesten zijn heel belangrijk, ik ben er verzot op (als genodigde wel te verstaan), maar is dat cultuur? Ja, hééél breed wel, zoals de tuinkabouter op mijn kortgeschoren gazon ook een teken van zelfexpressie is.

Supporters die voetballers van topclubs uitjouwen, geven misschien wel een interessantere performance weg dan hun overbetaalde idolen.

Dus hoe breder we cultuur definiëren, hoe mistiger het wordt. Is voetbal cultuur? In de Sioen-optiek zeker wel, want er komt volk naar kijken, ook al is het een pure geldzaak en betaalt een prof in de Belgische competitie minder belastingen dan een verpleegkundige, die twintig tot honderd keer minder verdient. Met de super league wilden de poenscheppers er nog een stukje bovenop doen, maar het feest ging niet door. Supporters die voetballers van topclubs uitjouwen, geven misschien wel een interessantere performance weg dan hun overbetaalde idolen. Helaas verbinden ze niet, integendeel. Om nog maar te zwijgen van die banaan op het voetbalveld en de (verboden) oerwoudkreten. Niets zo goed voor culturele expressiekracht als wat censuur.

Ik eindig met een opmerking van Frederik Sioen dat hij veel in woonzorgcentra heeft opgetreden en daar ook op warm applaus werd onthaald. Meteen komt me een artikel in de Standaard voor de geest, waarin Red Zebra-frontman Peter Slabbynck, ondertussen ook al 58, vindt dat La Esterella stilaan moet wijken voor de Sex Pistols, onder het motto: ‘Generatie X wil in het rusthuis haar eigen soundtrack’. Meteen is de toekomst van Frederik Sioen verzekerd in Huize Avondrood: hij moet maar gewoon zijn gitaar bovenhalen.

Fans van Bach, Beethoven of Wagner lijken er niet rond te lopen in de woonzorgcentra. Die zijn blijkbaar allemaal al eerder naar het Walhalla vertrokken. Wat ondergetekende ook zal doen mocht het zover komen, ik wil het risico niet lopen. Samengevat, de grote theaterschrijver Bertold Brecht parafraserend, zou ik dus zeggen: eerst de terrassen en dan het toneel. Temeer daar we van dit laatste door de politiek al elke dag een vertoning aangeboden krijgen, die op voorhand betaald is.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .