Waarom u van de Taalunie het woord ‘zwartwerker’ niet meer mag gebruiken

PietBelgaZowat een week geleden beviel de Nederlandse koepelvereniging voor de cultuursector, genaamd Code Diversiteit & Inclusie van een opmerkelijk document, getiteld ‘Waarden voor een nieuwe taal – Richtlijnen voor een inclusieve en toegankelijke taal in de cultuursector.’

De Nederlandse Taalunie nam dit document over en plaatste het prominent op haar webstek. Dat is wellicht niet vrijblijvend. We kennen deze Taalunie als uitgever van het Groene Boekje, een min of meer officiële lijst met de juiste schrijfwijze van alle Nederlandstalige woorden. Dat is nuttig want ook als columnist maak ik nog fouten en hou ik het boekje binnen handbereik. Het zijn de Vlaamse en Nederlandse ministers van cultuur en onderwijs die het instituut, gevestigd in De Haag, patroneren én subsidiëren. Hoofddoel: kwaliteitszorg en promotie van het Nederlands als cultuurtaal. Een nobel streven.

Het boven vermelde document doet evenwel de wenkbrauwen fronsen. Het beoogt namelijk een semantische en inhoudelijke ‘dekolonisering’ van het Nederlands, waarin Zwarte Piet niet meer gewenst is, maar waar ook het woord zwart op zich in feite alleen nog op schoensmeer mag betrekking hebben. En dan nog. Ik citeer even uit de waaier van aanbevelingen:

Vermijd uitdrukkingen waarin ‘zwart’ als negatief bijvoeglijk naamwoord wordt gebruikt, zoals ‘zwarte bladzijde in de geschiedenis’, ‘zwarte dag’, ’zwartrijden’, ‘zwart geld’, ‘zwartwerken’ etc.

Zelfs zijn we uiteraard wit en niet blank. Verder zijn woorden als ‘migrant’ en ‘allochtoon’ ongewenst, naast ‘etnisch’ en ‘inheems’. Je mag niet kijken naar een zwarte spreker als het gaat over de geschiedenis van de slavernij (te stigmatiserend), en moet het n-woord (neger dus), naast hottentot en indiaan uit alle cultuurhistorische en literaire contexten verwijderd worden. Je rijdt niet met een rolstoel maar ‘gebruikt’ hem, en meer van die wolligheden die vermoedelijk niemand met een handicap interesseren. Spreek niet over een moslim maar over ‘iemand met een islamitische achtergrond’ (wat is in godsnaam het verschil?).

Woke-ideologie

399px-Mounir_Samuel_2020Mounir Samuel, auteur van het ‘waardenadvies’ van de Taalunie

Dekoloniseren dus, en waarom dit een euh… zwarte dag is voor het Nederlands én voor de vrijheid waarmee iedereen met die taal moet kunnen omgaan. De Taalunie moet namelijk geen ‘waarden’ opleggen aan gebruikers, daarvoor is ze helemaal niet opgericht, noch initiatieven promoten die dat wél doen. Maar onder invloed van de woke-ideologie breidt ze, onder het mom van inclusiviteit en diversiteit, haar missie uit naar het opleggen van een politiek kader dat men eerder in het Turkije van Erdogan zou verwachten. 

De auteur van het richtlijnendocument, een zekere Mounir Samuel, heeft langs vaders kant Egyptische roots (oeps, mag ik dat wel zeggen), was tot 2015 een vrouw, maar presenteert zich sindsdien als gender queer, een zoekende persoon die afwisselend in mannelijke of vrouwelijke kleedkamers kan gesignaleerd worden.

De clou is overigens dat heel het woke-gebeuren, zo humeurloos als het is, onweerstaanbaar op de lachspieren werkt.

Een toonbeeld van diversiteit dus, maar ik vraag me af wat bijvoorbeeld medevoogdijminister Jan Jambon vindt van de manier waarop de Taalunie deze woke-activist een vrijgeleide geeft om aan de media, de communicatie- en cultuursector ‘codes’ te dicteren. Zeg niet dit, zeg niet dat, doe niet zus, doe niet zo. Geen zin om altijd weer het grote woord cultuurmarxisme te gebruiken, maar taalzorg is iets anders dan taalcontrole. Op het einde wordt dit namelijk gedachtencontrole. En daar wil ik me als schrijver, journalist, opiniemaker niet aan onderwerpen. (*)

Het wegwissen van woorden is doorgaans een verarming, geen verrijking. Er zijn nuances en elk woord heeft uiteraard zijn geschiedenis. Het woord ‘neger’ is misschien niet in alle contexten gepast, maar ik beslis daar zelf over, niet de Taalunie. Allochtonen zijn allochtonen en zwartwerkers zwartwerkers, en tot gisteren had ik deze laatste categorie in de verste verte niet geassocieerd met mensen van Afrikaanse origine. Nu wel dus, met dank aan Mounir Samuel. Het racisme is springlevend dankzij de anti-racisten.

‘Waarden voor een nieuwe taal’? Komaan zeg. Als de Taalunie zich met dit soort Orwelliaans gesmoezel bezig houdt, moet het openbaar nut van deze instelling in vraag worden gesteld. 

De clou is overigens dat heel het woke-gebeuren, zo humeurloos als het is, onweerstaanbaar op de lachspieren werkt. Om te beginnen de aanstichter van bovenstaand initiatief zelf, de geslachtsexperimenterende halve Egyptenaar die het in Nederland tot icoon van de linkerzijde bracht. Dit soort lui is voor diversiteit en inclusie, houdt er zelfs een vloeibare identiteit op na, maar beschouwt de taal en cultuur tegelijk als een middel om de maatschappij naar zijn inzichten te stroomlijnen. Een levende karikatuur, soms denk ik dat de man zichzelf parodieert maar dat is, vrees ik, een overschatting. Voor de satire is dit alleszins een zegen, en zo begrijpt u meteen waarom dit genre aan de linkerzijde klinisch dood is.

(*) Omtrent dit onderwerp ben ik vanavond, op witte donderdag nog wel, te zien en te horen in het VRT/Canvasprogramma ‘De Afspraak’, waar ook mijn boek ‘Politiek incorrect’ (Doorbraak, september 2020) ter sprake komt. Niet te missen!

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .