Het kwaad van de banaliteit

DachauIk wil het hier even hebben, tussen alle bedrijven van het politieke circus door, over een geval van frappante kindermishandeling. Mijn eerdere tekst over de wenselijkheid om mensen niet alleen uit hun ouderlijke macht te ontzetten, maar ook formeel te beletten kinderen te krijgen, wordt daarmee weer op een trieste manier actueel. En het zijn nog eens echte Vlamingen, niks allochtoon of migratie-achtergrond.

Voor de rechter verscheen ene Tamara Van der W. uit Zwijndrecht wegens onmenselijke behandeling en vrijheidsberoving van haar ondertussen 16-jarige zoon – ik noem hem Sander om niet altijd maar over X te moeten spreken- die in een afgesloten, onverlucht hok moest slapen op een stinkende matras, in zijn eigen uitwerpselen, omdat ze met dat ‘probleemkind’ geen weg wist. Lees even het artikel uit HLN en walg mee.

Maar laten we even de klassieke verontwaardiging, die zo’n horrorverhaal oproept, overstijgen en een paar bijkomende observaties maken: omtrent de stilte bijvoorbeeld. Het feit dat haar echtgenoot zich schikte in de situatie en zich van geen kwaad bewust was, de twee andere zonen (waarvan een toch al 18) ook niet beter wisten en het regime toegepast op hun broer accepteerden, en dat zelfs de vrienden van Sander op school de situatie wel ‘raar’ vonden maar dat niemand alarm sloeg. Geen leerkracht, geen opvoeder, niemand van het Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB, in de meeste gevallen een verzameling absoluut waardeloze zorgbureaucraten). Tot een familielid uiteindelijk de politie toch had ingelicht. Ik wil die man of vrouw even feliciteren: voor hetzelfde geld word je als moeial en klikspaan weggezet.

Een brave huisvader

Adolf Eichmann op zijn proces in Jeruzalem (1961)

Dingen die dus eigenlijk niet normaal zijn, worden normaal omdat iedereen eraan went, zelfs het slachtoffer. Bij kinderen is dat evident, ze hebben geen ander referentiekader, daarom is kindermishandeling voor mij een delict hors catégorie. Heel de situatie van Sander leek zich, hoe degoutant ook, in een bubbel van de normaliteit te bevinden die zich tot buiten het gezin uitstrekte en waarbij de moeder maar ook haar echtgenoot geen enkel schuldinzicht vertonen. Het was gewoon… normaal.

Opnieuw komt ons de bekende zinsnede van filosofe Hannah Arendt (1906-1975) voor de geest over de banaliteit van het kwaad, in verband met de berechting in 1961 van de Duitse SS-topfunctionaris Adolf Eichmann, tijdens de Tweede Wereldoorlog verantwoordelijk voor de deportatie van Joden naar de concentratiekampen. Arendt was verrast en gefascineerd door het feit dat Eichmann helemaal niet als een monster verscheen, maar als een rustige oudere heer die gewoon zijn job had gedaan binnen een systeem waarin dat van hem verwacht werd. En dat op zijn proces ook zo naar voor bracht.

De moordmachine, achteraf genaamd Holocaust, had zich volgens Arendt alleen maar kunnen ontwikkelen via een verregaande bureaucratisering door het naziregime, waarbinnen ijverige ambtenaren, op zich helemaal geen sadisten maar voor het grootste deel brave huisvaders, zich nauwgezet van hun taak kweten. Behoudens de echte kopstukken (en dan nog) dreef het naziregime vooral op meelopers en goede ambachtslui die bijvoorbeeld een prima vergassingsinstallatie konden ineen knutselen. In wezen was de medeplichtigheid van Sanders vader niet anders: hij had zich gewoon aangepast aan de norm, opgelegd door een huistiran (het moeten niet altijd mannen zijn), en was helemaal mee in haar logica.

Ik durf daarom de frase van Hannah Arendt omkeren en gewagen van het kwaad van de banaliteit. Veel te makkelijk laten we ons meedrijven in toestanden waarvan we het perverse niet meer opmerken. Thuis, op school, de werkvloer, overal heerst de stilte of het zacht zoemen van het raderwerk. Het sociaal conformisme en de groepsdruk ook, zeer sterk aanwezig in de jongerencultuur: het hoeft niet altijd te gaan over machtsmisbruik en uitbuiting, neen, we willen er gewoon bij horen en leveren onze individualiteit onmerkbaar in, waarna ‘het systeem’ het overneemt. De plicht om normaal te zijn wordt verder massaal opgelegd via de alomtegenwoordige amusementscultuur, de multimediale verkleutering, die ook altijd onder de vlag van de politieke correctheid vaart, en dwarsliggers als kniesoren en caracteriels wegzet. Er moet en zal verbondenheid zijn: het kwaad van de banaliteit schuilt ook in het feit dat het zich aan de goede kant van de moraal zet, telkens opnieuw.

De klokkenluider als zot

Julian Assange

Dat brengt ons op een volgende bedenking: dat er uiteindelijk toch een zot de ‘normaliteit’ moet doorbreken, het evidente ontmaskeren. De zandkorrel in het raderwerk. We hebben het dan graag over het kind dat roept dat de keizer geen kleren aan heeft, maar dat is een romantische benadering à la Rousseau. Zoals bovenstaand verhaal aantoont is kinderlijke onschuld maar zelden de impuls tot subversie. De banaliteit brandt bij kinderen nu net de weerbaarheid af, en er is een buitenstaander, een alien nodig om dat inzicht te brengen. Er moeten zich emotionele taferelen afgespeeld hebben tijdens de ondervraging van Sander, toen de speurders hem erop attent maakten dat zijn situatie niet gewoon was. Af en toe moest het gesprek stilgelegd worden omdat het te heftig werd.

Mijn bewondering voor klokkenluiders genre Julian Assange geldt niet alleen wat ze uitbrengen maar ook hoe, met welke verbetenheid die man daar jarenlang op die kamer van de ambassade van Ecuador hokte als een legbatterijkip, tot hij uiteindelijk toch aan de Britten werd uitgeleverd. Zo’n attitude is niet voor ‘normale’ lieden weggelegd, levend in de aangename oppervlakkigheid van het bestaan. Overigens hou ik niet zo van het woord klokkenluider, het klinkt teveel als bimbam, er is meestal helemaal geen klok, alleen een gestoord individu dat niet meespeelt met het orkest en iets roept als Hola, wacht eens even!

Op de mainstream media moeten we daarvoor niet rekenen, integendeel, ze waken effectief over de mainstream en de normaliteit. Praatprogramma’s zoals De Afspraak op VRT1 zijn wat dat betreft betrouwbare bakens: Bart Schols is de verpersoonlijking van het banale en al zijn gasten drijven mee op dezelfde golf van de weldenkendheid. Waaraan ook wij verzocht worden om deel te nemen: in een echte democratie zou dit soort manipulatieve ‘journalistiek’, en dan nog op een openbare omroep, moeten verboden worden.

Dus samengevat: het normale is niet normaal, en je moet abnormaal genoeg zijn om dat te beseffen en ook te durven naar buiten brengen. Tegen de pensée unique, in zijn linkse maar ook zijn rechtse variant want die bestaat ook. En ik zal nog meer zeggen: al het moois dat wij beoefenen onder de noemer van filosofie, kunst, literatuur en kritische schrijverij allerhande, heeft voor mij maar één zin, namelijk de normaliteit ontmaskeren en het perverse releveren. Dat kan via een aanklacht, een manifest, maar dikwijls is humor het uitgelezen middel en de karikatuur de perfecte stijlfiguur. Schrijven is puur gelul als het niet ergens een mistgordijn doet optrekken of een façade doet kraken. Een mop die de machthebbers geen ongemak bezorgt, is er gewoon geen.

Zo zijn we toch weer in de politiek terecht gekomen, terwijl ik me voorgenomen had om dat vandaag eens een keertje achterwege te laten. Ik zal het onder de rubriek Paralipomena plaatsen: dat wat eerst over het hoofd werd gezien en alsnog een plaats krijgt. Dingen die zelden de voorpagina’s halen, maar net daardoor buitengewoon relevant worden. Neen, dit is niet op de afspraak.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

4 reacties op Het kwaad van de banaliteit

  1. Eric Janssens zegt:

    Wat een prachtige zinsnede : Bart Schols is de verpersoonlijking van de banaliteit. Zelden iets treffenders gelezen. Weer een pareltje uit je pen JS.

    • Eric zegt:

      Klopt, maar hij is niet alléén de verpersoonlijking van het banale, maar ook van het manipulatieve en eigenlijk van het selectieve kwaad. De wijze waarop hij onlangs Kanko aan een kruisverhoor onderwierp – zoetgevooisd suggestief – omdat ze tot NVA behoort en omdat die partij het heeft aangedurfd bij de ECR (Europese Conservatieve fractie) te blijven, was stuitend. Niet de ondervraging op zich was stuitend – een goede journalist stelt moeilijke vragen en drijft de geïnterviewde in het nauw – maar het feit dat hij deze techniek enkel voorbehoudt voor mandatarissen van bepaalde partijen (vooral VB, maar dus ook NVA) en ze niet gebruikt wanneer het om groene, socialistische, christen-democratische of liberale politici gaat duidt op een gebrek aan neutraliteit en onafhankelijkheid. En dat gebrek, voorkomend bij de meeste journalisten, zowel van televisie- als krantenredacties, is stuitend. De dag dat Bart Schols Almaci in haar gezicht vraagt waarom ze tot een religie behoort die door een sadistische roofmoordenaar werd gesticht, en waarin het bon ton is deze roofmoordenaar te aanbidden, die dag verander ik van mening over mijnheer Bart Schols. En tot die dag blijft hij voor mij niet alleen de verpersoonlijking van het banale, maar ook van het Kwaad. Een soort Eichmann in een modern jasje dus, een ambtenaar die nooit uit de toon valt, welke functie hij ook uitoefent, wat ook de gevolgen van zijn opgelegde beslissingen zullen zijn.

  2. Christel zegt:

    Schone tekst. Wat is tegenwoordig normaal in ons apenland? Riadh Bahri die al vijf jaar in Molenbeek woont, liep blijkbaar al die tijd met oogkleppen op tot zijn vriendje van Hasselt bij hem ging intrekken en verontwaardigd over de vuilnisbelt op straat riep: maar zeg, wat is het voor een zwijnenkot? Zooo smerig!. En als Bahri vanuit Brussel-stad het handje van zijn habibi losliet omdat ze Molenbeek naderden, moest zijn geliefde vast geprotesteerd hebben. Want hij twitterde : ‘Niels vindt dit allemaal abnormaal. Ik was het na tien jaar normaal gaan vinden’.
    En wat dixit de oud-directeur van het centrum voor gelijkheid van kansen(!) ? Maar manneke, ‘dat had ge toch moeten weten, waar ge als homo hand in hand kan lopen. En vrouwen met een kort rokje moeten het maar niet uitlokken.’ Het Paterke vind dat allemaal normaal, maar de goegemeente is geschokt en valt van haar stoel. En de hel barst los op twitter. En vrouwe Stultitia lacht zich een kriek 😉

Reacties zijn gesloten.