Politieke peilingen zijn het schuim op het bier van de democratie

‘De opiniepeiling van VRT/De Standaard/La Libre/RTBF werd uitgevoerd door het onderzoeksbureau Kantar TNS. Dat peilde naar de kiesintenties van 1.038 Vlamingen, 1.016 Walen en 743 Brusselaars. De respondenten, gevonden via een getrapte toevalssteekproef, werden via gsm of vast telefoontoestel ondervraagd van 19 november tot 8 december. Zo lees ik in DeStandaard die de peiling organiseerde, samen met de VRT, La Libre en de RTBF.

diagram2

Aan een goeie duizend van de vijf miljoen kiesgerechtigde Vlamingen werd dus hun politieke mening gevraagd. Dat is 0,0002% als mijn rekenmachientje het niet laat afweten. Of ter vergelijking: u staat op een festivalweide met vijfduizend man, en u vraagt aan eentje voor welke partij hij/zij gaat kiezen. Bingo! Statistici zullen de geldigheid van mijn vergelijking wel betwisten, maar geef toe: duizend op vijf miljoen, dat is belachelijk weinig. Men moet ernstig rekening houden met toevalsfactoren en de vraag of zelfs het weer het resultaat niet beïnvloedt. Want elke politico-meteoroloog kan u bevestigen: een zonnige, mooie dag verleidt tot radicalisme, bij slecht weer zoeken we beschutting in het centrum. Vandaar vermoedelijk de metafoor: politieke barometer.

3,1 % foutmarge lees ik verder. Dat betekent bijvoorbeeld dat het resultaat voor de N-VA (nu 28,3%) zowel 31,4% als 25,2% kan zijn. Foutmarges gelden namelijk naar boven én naar onder, maar dat vertelt De Standaard er niet bij. Alleszins een wereld van verschil. In het eerste geval blijft de N-VA royaal boven de magische 30%-grens en op het niveau van de vorige peiling in maart, in het andere geval mogen De Wever en C° zich ernstig zorgen beginnen te maken. Voor kleinere partijen is die marge nog betekenisvoller: de peiling geeft voor het Vlaams Belang 7,6%. Met de foutmarge kan dat zowel 10,7 % als 4,5% zijn, een kapitaal verschil voor Tom Van Grieken én zijn tegenstanders. Wat moet je in godsnaam met zo’n uitslag?

Vandaar het laconieke zinnetje dat DS er op het einde aan toevoegt: ‘Door die foutenmarge focust de berichtgeving op de trends en de significante schommelingen’. Lees: we kunnen er niet echt iets uit besluiten, en tappen dan maar een pint met veel schuim. Zo gezegd, zo gedaan, de koppen zijn er dan ook naar: ‘N-VA houdt Vlaams Belang af’, ‘Michel heeft een probleem’, ‘Groen wint overal’,- dat zijn de grote conclusies van Jan-Frederik Abbeloos, politiek redacteur van DS. Nou moe.

Foertgedrag

MCDPRBA_EC039_HEn dan de manier hoe men ‘respondenten’ bereikt: via gsm of vast telefoontoestel. Stel u voor, u wordt opgebeld door zo’n bureau, altijd op het verkeerde moment. Werken, met de kinderen bezig, naar het nieuws kijken, eten maken, of de partner verwennen. 95% kans (om in de cijfertaal te blijven) dat u ofwel de telefoon dichtgooit, óf snel een antwoord verzint om er vanaf te zijn. Dat is de nachtmerrie van de peilingbureau’s: het gegeven dat het de respondent geen fluit interesseert.

Weerom is het een vast gegeven dat mensen die voor radicale partijen stemmen dat minder snel aan het klokzeel zullen hangen. Vooral bekend is het foertgedrag van de VB-kiezer: hij weet dat die peilingen door de mainstreammedia worden besteld, zodat de hoernalisten van de Schandaard er hun ding mee kunnen doen. Dus vindt men het gewoon plezant om de ondervragers te bedotten. Of men schaamt er zich voor, of men denkt dat de Staatsveiligheid meeluistert, of de baas, of wie dan ook: de subjectieve marge is nog veel groter dan de puur statistische. We zijn met mensen bezig, nietwaar, en de kwantummechanica waarin een deeltje van baan verandert puur omdat het geobserveerd wordt, benadert soms dichter de peilingsituatie dan de exacte rekenkunde.

Showgehalte

THEO FRANCKENDe vraag is dan: waarom wordt zo’n peiling uitgevoerd? Het antwoord zit eigenlijk al in het vorige vervat: omdat de kranten er eten en drinken aan hebben en omdat de partijstrategen ermee aan de slag kunnen. De enige twee menselijke soorten die uitkijken naar de resultaten van zo’n peiling zijn de journalisten en de politici. Het is in wezen betekenisloze nep-informatie die een eigen leven gaat leiden dankzij het koffiedikkijken van de politieke redacteuren, tot op het niveau van de self-fulfilling prophecy. En omdat partijen erop reageren, de resultaten becommentariëren, er hun strategie op afstemmen. Peilingen zijn met andere woorden moderne sterrenwichelarij. Ze hebben geen objectieve waarde, maar doordat experten er betekenis aan hechten krijgen ze ook betekenis, met de allure van tussentijdse verkiezingen.

Ik spreek dan nog niet over de genante pop-polls omtrent de populairste politicus, waarin vandaag Theo Francken triomfeert, als de man die gewoon het meest op TV én in de sociale media aanwezig was. Weerom: dit herleidt de politiek tot een perceptiestrijd, waarvan het showgehalte absoluut primeert. Het gaat om zichtbaarheid (waarover toch vooral de media zelf beslissen) en communicatiestrategie (uitgedokterd in de partijbureau’s). Wat vertelt zo’n populariteitscijfer dan anders dan het resultaat van één-tweetjes tussen politiek en media?

Op die manier hollen peilingen eigenlijk de democratie uit, en gebruiken ze de burger als de ingewanden van een schaap waarin vroegere ‘zieners’ de toekomst konden lezen. Politieke peilingen vormen de hoogmis van de particratie, het orgasme van de mediacratie en het schuim op het bier van de democratie.

De drieband tussen politiek universum, pers en politicologen wordt dan een soort meta-democratisch schimmenspel dat toch in de eerste plaats de nooit gestilde nieuwshonger van de media moet voeden. Dagen lang zullen we nog getrakteerd worden op de lectuur van Ivan de Vadder, die met zijn hoogdramatische stem en zijn uilenbrilletje komt uitleggen hoe we deze slecht getapte pint moeten uitdrinken. Eens te meer blijkt dat de vierde macht het essentiële participatierecht van de burger reduceert tot het mompelen aan een hijgtelefoon, waarna alles in een blokdiagram wordt gegoten, ergens op de tiende verdieping van een marktonderzoeksbureau, in dit geval de multinational Kantar TNS.

Dat zijn natuurlijk de echte winnaars van elke peiling, die was ik nog vergeten. Zo’n 250.000 euro kost een marktonderzoek bij een bureau met wat faam, heb ik me laten vertellen. Een habbekrats als je ziet wat er allemaal mee kan gedaan worden en hoe opgewonden we er van worden.

 Deze tekst kadert in een nieuwe Doorbraak-publicatie van Johan Sanctorum over de Vlaamse media, getiteld ‘Na het journaal volgt het weerbericht’, voorzien voor 2019.

Met begeleidende lezingtoernee door Vlaanderen. Organisatoren, kringen, verenigingen: nu reeds boeken op https://sanctorumblog.wordpress.com/lezingen-2019/

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Een reactie op Politieke peilingen zijn het schuim op het bier van de democratie

  1. Johan Verleye zegt:

    Peilingen, statistieken en gemiddelden, het blijven leuke dingen voor de mensen. Ik las ooit ergens dat er een mijnheer was verdronken in een meer dat gemiddeld 20 cm diep was.

Reacties zijn gesloten.