Nooit meer in de hof van Tante Terry

tanteterry

De nationale rouw die over dit land neerdaalt na de dood van Esther Van Ginderen-Verbeeck, alias Tante Terry, is de reden waarom ik het vandaag kort houd.
Niet alleen omdat ze de enige vrouw was die ik ooit tegen een eekhoorn heb zien spreken,- een vondst waarvan de Samson/Gert-act een zwakke imitatie is. Maar vooral omdat ze het klein leutertje aansprak (“wat doet gij in mijnen hof?”) en de eerste mannelijkheid in mijn prille kinderlichaam deed ontluiken.
Tante Terry was een lieve tante (terwijl mijn echte tantes pinnige feeksen waren), een moederfiguur, een onbereikbaar TV-icoon, maar dus ook een seksgodin, hetgeen zich manifesteerde in een fixatie op haar boezem waar ik nooit meer zou van genezen.

Geen liefde zonder haat, en ze heeft me dan ook leren haten, ook daarvoor ben ik haar dankbaar. Die gram betrof Nonkel Bob, haar mannelijke tegenhanger, waarbij toen al het gerucht ging dat die twee iets met elkaar hadden dat het daglicht van de vroege jaren ’60 niet mocht zien. Terry en Bob, daar schroefde mijn keel van toe. De kleine Oedipus vervloekte de kampvuurgod, zijn infantiele Vrolijke Vrienden, de rivaal met de dodelijke gitaar. Het was anderzijds geniaal van de toenmalige BRT om die twee te programmeren op één woensdagmiddag, en op die manier een wekelijks Oedipusdrama uit te lokken met aansluitend geween en eenzaam mokken. De goudmijn voor een filosoof/schrijver, ik verzeker het u.

MisterX2Geloof dus die infantiele In Memoriams niet, en ook niet de melige tweet van Geert Bourgeois (“Dank namens zoveel kinderen voor die vele prachtige, verbindende uren…” etc): de erotische uitstraling van Terry op jonge zielen was gewoon onchristelijk, een complete generatie jongelingen heeft ze bezoedeld, en ik zwijg dan nog van dat piepend eekhoorntje en zijn Freudiaanse symboliek.
Minder geweten is ook dat ze ooit een cinemadebuut maakte, en wel als de zwoele Katrien in “Tim Frazer jagt den geheimnisvollen Mister X” (1964), een Vlaamse film die helemaal in het Duits is opgenomen (!), en waarvan Terry’s décolleté naast het Antwerpse havenmilieu de centrale locatie vormt. Regisseur van de prent is Ernst Hofbauer, die zich in de late sixties toelegde op het pornogenre. Toevallig daar een glimp van opgevangen, want ook mijn vader was fan van tante Terry, maar dat is weer een ander verhaal.

Zo word ik toch nog vrolijk van haar dood, en zelfs ietwat opgewonden, maar dat is nu ook weer de bedoeling niet. Graag laat ik haar rimpelige welvingen aan Nonkel Bob, al langer in de eeuwige jachtvelden vertoevend, ook deze strijd is gestreden.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

3 reacties op Nooit meer in de hof van Tante Terry

  1. Marc Schoeters zegt:

    Etymologisch zou “eekhoorn” kunnen verwijzen naar “eikel” of naar het Germaanse “aig” – wat “heftig bewegen” betekent. En daarmee is over dat pluimstaartbeestje van Tante Terry alles gezegd. Mijn oudere neefjes noemden haar trouwens Tante Tetty.

  2. Hans Becu zegt:

    Mamaatje die zal kijven, papaatje die zal slaan….dit zinnetje uit KKK werd door de Vrt journaliste van dienst met politiek correct gesnuif van oei oei voorgelezen.

Reacties zijn gesloten.