“Ne me quitte pas, o ma Carmen!”: over liefde, geweld, en het zielenpootgehalte van Rajoy

Carmen1

Artikel 155, het wapen waarmee de Spaanse premier Rajoy Catalonië wil binnentrekken, is tevoorschijn gekomen. Als republikeinse autonomist met een stamboom die terug gaat naar een Spaanse renaissancepaus, bekijk ik dit politiek drama zeer dubbel. Welke kant kiezen?
Op twee oktober, daags na het referendum, poneerde ik de metafoor van het stierengevecht, met Puigdemont als stier en premier Rajoy als matador. Voordeel van dit beeld: als dierenvrienden sympathiseren we allemaal met de stier die het geweld van de arena moet ondergaan, en wiens lot eigenlijk op voorhand vast staat.

 

Het is echter fout om Puigdemont éénzijdig als een slachtoffer voor te stellen: zijn timing is zeer bewust gericht op een ontknoping, en het referendum op zich was uiteraard al een provocatie.
Om ruzie te maken moet je met twee zijn: ook een personificatie van de Spaans-Catalaanse collaps is boeiend, en dan wordt dikwijls naar de metafoor van de (v)echtscheiding gegrepen. Het moment waarop een relatie spaak loopt, maar de emoties een sereen uiteengaan niet toelaten. Zo’n personificatie toont misschien een beter inzicht in het psychodrama van de politiek, maar nog veel meer geeft het ons een confronterend inzicht in de afloop van echte relaties en huwelijken. Het uiteengaan van mensen en de spanningen daarrond.
In dit geval wil een van de partners weg,- noemen we haar Carmen Puigdemont (de reden voor de voornaam zal verder blijken),- en de andere, José Rajoy (idem), die niet wil lossen. Er ontstaat een spiraal van geweld die door de twee wordt aangevuurd: zij drijft het op de spits, daagt hem uit, wil de relatie zo negatief mogelijk voorstellen, hij tracht haar tegen te houden en spreidt een enorme bezitsdrang ten toon. We zitten dan al in de fase van de criminogenese, de aanloop naar de fatale gewelddaad, in casu de man die de vrouw ombrengt. De verhalen zijn legio, je vindt ze elke dag in de krant onder de rubriek “familiedrama’s” en “wanhoopsdaden”.

Maar de incubatietijd kan lang duren, maanden, soms jaren. Stil geweld dat af en toe losbarst en borden die door de living vliegen, of erger. Kleine momenten van relatieve beterschap gaan toch weer over in ontladingen van wederzijdse verbale of fysieke agressie, dit laatste dan vooral door de mannelijke helft. Voor haar is elke ruzie een stap naar de scheiding. Voor hem is het soms smeken, soms dreigen. Want ook al doet ze haar goesting en heeft ze verregaande autonomie,- het is nooit genoeg en die vent ergert haar, alleen al door er te zijn.


“L’amour est un oiseau rebelle”

Het heeft er alle schijn van dat we de allang verzuurde relatie tussen Catalonië en Spanje ook moeten begrijpen als een verhaal van iemand die eruit wil stappen, en iemand met verlatingsangst. Komt daarbij dat zij mooier, rijker en slimmer is dan die sukkel die aan haar hangt. Zij ruikt fris naar de zee, lekker eten, vrolijke muziek, goede cultuur, hij naar zweet, vuile bodega’s, het dorre binnenland en droog gitaarspel dat de Moren hebben achtergelaten. Hij is gewoon afhankelijk van haar maar wil tegelijk zijn mannelijkheid doen gelden. Dit onevenwicht kan niet anders dan overgaan in acuut geweld, verkrachting, of erger. Artikel 155 dus.

“Carmen”, Barcelona, Gran Teatre del Liceu (2015)
In de opera Carmen van Georges Bizet (1838-1875) wordt deze dubbele sadistische spiraal tussen een femme fatale en een wanhopige minnaar op een geniale wijze ontwikkeld. Wat Wagners Tristan en Isolde is voor de Germaanse romantiek, is Carmen voor de Latijnse wereld: een liefdesdrama dat onvermijdelijk in de dood eindigt. Bij Isolde is het de liefdesdood, bij Carmen de fatale steek die ze door haar minnaar toegediend krijgt aan de poorten van de arena van Sevilla.

Terecht prefereerde de aan Wagner verkleefde filosoof Friedrich Nietzsche Carmen nog boven de Tristan. Dankzij een perfect libretto, gebaseerd op de novelle van Prosper Mérimée, en de meeslepende muziek vol meezingers (de Habanera, het Toreadorlied) worden we in een perfecte timing meegezogen vanuit de clichés van de opéra comique naar iets totaal anders: de uitputtende liefdesrelatie die leidt naar het fatale ontknopingspunt, de crime passionneluit een onweerstaanbare drang”.

En jawel, heel die Carmen-opera is opgebouwd rond de metafoor van het stierengevecht, waarbij zij de rol van stier vervult en hij deze van matador. Liefde is oorlog en oorlog is liefde. Maar ook in dit verhaal is het heel moeilijk om als toeschouwer een kant te kiezen. We houden instinctief van Carmen, haar vrijgevochtenheid, haar rebellie (“L’amour est un oiseau rebelle”), haar schoonheid, maar we hebben ook te doen met die stakker van een Don José, zijn gestuntel, zijn wanhoopskreten (“Ne me quitte pas, o ma Carmen!”).
Zij is wel een echte vamp, vreselijk hoe ze hem naar het einde toe treitert en emotioneel fijnmaalt, om uiteindelijk de verpletterende waarheid voor zijn voeten te gooien: “entre nous c’est fini!” Maar tegelijk ergert ons het onvermogen van de militair José om zijn liefdesobject via een Ars Amatoria terug te winnen en vinden wie die wanhoopsdaad op het einde zielig-dom. Neen, in dit verhaal zijn er geen morele winnaars, tijd dat het doek valt.

Ongetwijfeld zullen de vrouwen dit weer een hoogst misogyn verhaal vinden: de bandeloze bitch versus de geharnaste sul, de man die uitgedaagd wordt en zijn zelfbeheersing verliest, hoe fout kan een beeld zijn. Zie ook de Weinstein-affaire en de massale #MeToo-tweets.
Toch is het complexer. De bezitsdrang van de man wortelt in oude patriarchale complexen en culturele condities waar een man een vrouw mag overheersen, en waar éénzijdig partnergeweld als het ware geïnstitutionaliseerd is.
Tegelijk is dat opdringen van fysieke overmacht een teken van zwakte, en een bewijs dat de man als minnaar faalt. Geweld is het ultieme bewijs van onmacht, en op die manier kan je ook een oorlog verliezen door hem te winnen.

Dat brengt ons terug bij de Catalaanse kwestie. Ne me quitte pas, o ma Carmen!”: ja, ik ruik het angstzweet onder de harde toon van Rajoy. Ja, ik heb te doen met deze zielenpoot en zijn gewapende garde. En ja, ik hou van Barcelona, ook al lust ze mij niet als toerist.
En wil het toeval toch weer niet dat een van de schoonste operagebouwen in Barcelona staat, het Gran Teatre del Liceu aan de Ramblas. Dé knaller van het vorig seizoen, zelf meegemaakt, ging er over een rebelse cigarière die haar aanbidder van zich wil afschudden en finaal de doodsteek krijgt. Bestaat het toeval?

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

11 reacties op “Ne me quitte pas, o ma Carmen!”: over liefde, geweld, en het zielenpootgehalte van Rajoy

  1. karina zegt:

    het verschil met carmen zit hem in het publiek, in deze tijd van therapeuten hoog, klapt het niet rechtstaand in de handen en joelt bis, maar grijpt in volle performance josé bij de arm en fluistert hem toe dat hij minder zielepoot is dan hij denkt, dat hij van zichzelf moet houden en dan zal worden gerespecteerd. Tegelijkertijd zijn er anderen die carmen bij de zigeunerrokken grijpen en haar willen doen stoppen met zingen en dansen, dat ze beter en dringend moet leren “praten”. Er is duidelijk geen componist, dus nemen veel toeschouwers die rol op zich en profiteren van de gelegenheid zichzelf als specialist uit te roepen en oeverloos commentaren te leveren. terwijl nog anderen wensen dat iedereen zijn kop nu eens houdt, want is er al niet genoeg chaos. Er zijn er die carmen op haar plichten wijzen, er zijn er die josé vragen te kalmeren, er zijn er die haar rozen toewerpen, er zijn er die hem zeggen dat het bij hen thuis “geen waar zou zijn”. tenslotte gaat iedereen naar huis, weeral een film zonder happy end. gelukkig staat het aairobotje klaar en kunnen we allemaal vertrouwen hebben in de toekomst, daar rijst toch de zon van de artificiele intelligentie, dan wordt het gegarandeerd allemaal en eindelijk beter. zonder mensen.

  2. Jan Kniesoor zegt:

    Om te antwoorden op de vraag “Bestaat het toeval?”…
    Voor de enen bestaat het, voor de anderen niet. Onder degenen die niet verkocht zijn aan de wetenschap, zijn er die denken dat alles in de sterren geschreven staat. Men hoeft op geen Griekse berg te klimmen om dit te kunnen vaststellen, maar een blik op de vlag van Europa, een deel van de Europese identiteit die ieder nauw aan het hart ligt (of zou moeten liggen), zegt genoeg! Een cirkel van gouden sterren stelt er de “solidariteit en de harmonie tussen de volkeren van Europa” voor. Net zoals het aantal tekens van de dierenriem, zijn dat er welgeteld twaalf, als symbool voor de “perfectie, volledigheid en eenheid”. Een van deze sterren zou het Catalaanse volk kunnen zijn. Wie is bij machte de glans van deze ster te doven? En wie is bij machte zulks te doen, zonder dat het ideaal verbonden met de Europese hymne in het gedrang komt?
    N.B. : De Europese identiteit kan men zien als een samenlevingsvorm van nog ONGELIJKSOORTIGE nationale identiteiten zoals bv. de Spaanse en Catalaanse, onderhevig aan de natuurlijke selectie der soorten. Van de volksnationale identiteit kan men verwachten dat ze de meeste evolutionaire kansen biedt, in de mate dat ze zich door ruimte en tijd verder weet te ontwikkelen tot een nieuwe etnopluralistische basisidentiteit van Europa!

  3. Ger Deltour zegt:

    Mooi artikel !

    >

  4. Eric zegt:

    De Carmen/Catalonië-vergelijking past als een varken op een tang. Catalonië doet er alles aan om een knap, levendig imago op te bouwen met een president die zich voordoet als een volgroeide Harry Potter (dan wel zonder toverstok). De Catalaanse werkelijkheid is droeviger dan dit: Catalonië is het meest geïslamiseerde deel van Spanje en, niet toevallig, ook het meest linkserige, politiek-correcte en dus hypocriete deel. Grote gebieden binnen Catalonië zijn overwegend door moslims bewoond, er bestaan tal van Molenbeken waar de vrijgevochten Carmens beter wegblijven of ook hen staat het gruwelijke lot van Bizets heldin te wachten. Nee, geef mij dan maar Spanje en Rajoy: niet buigen voor de emotionele chantage van de West-Europese pers, die het altijd automatisch voor de zielige underdog opneemt, of het nu gaat om terroristische vluchtelingen, transseksuele WC-eenden of snobistische zelfmoordnationalisten.

    • Jan Kniesoor zegt:

      España über alles? Catalonië was “de eerste autonome regio op het Spaanse vasteland waar stierenvechten werd verboden, nadat het in 1991 al verboden was op de Canarische Eilanden. Op 20 oktober 2016 werd dit verbod echter opgeheven door het Constitutioneel Hof in Madrid. Volgens het Hof had het parlement destijds gehandeld buiten de eigen rechtsbevoegdheid.” (Wikipedia)
      Catalonië een zielige underdog? Catalonië mag dan een underdog zijn, alle medelijden verdient hier de Spaanse regering, die zich lelijk heeft vastgereden. De politieke gang van zaken is er nu een van vooruit in de achteruit!
      Vele plaatsen gelijk Molenbeek? Wanneer hier de gevolgen van de massamigratie bedoeld worden, die vindt men spijtig genoeg overal in West-Europa, te wijten aan de weinig doordachte migratiepolitiek (met gezinshereniging) van decennia geleden.

      • Eric zegt:

        U hoeft me niet te geloven, maar wat islamisering betreft is Catalonië er erger aan toe dan welk ander deel van Europa ook (op Zweden, Brussel, Londen na). Dat valt niet te verbazen. Catalonië is zo links en wereldvreemd als de pest. In de jaren ’30 vertaalde dat gebrek aan realiteitszin zich in de houding van allerhande linkse fracties (trotskisten, stalinisten, socialisten, anarchisten etc) die officieel SAMEN Franco bestreden, maar die vooral elkaar bestreden, vervolgden en afmaakten. Orwell heeft dat proces uitgebreid en tot in de puntjes in ‘Homage to Catalonia’ uitgelegd. Hijzelf ging er bijna aan ten onder en ook hij, een man die je toch niet naief kon noemen, dacht (zoals heden nog vele Catalanen) dat de islam een progressieve kracht was die het linkse gedachtengoed zou uitdragen en ondersteunen. Verkeerd gedacht, zo bleek natuurlijk: ‘Why was there no rising in Morocco? Franco was trying to set up an infamous dictatorship, and the Moors actually preferred him to the popular Front Government.’ (Homage to Catalonia, Appendix I). Zoals nadien in Indië en Iran dacht men ook in Catalonië dat de islam een links, progressief fenomeen was. En nu nog denken miljoenen Catalanen dat. Wat een dom dom dom volk !

  5. Christel Van den Maegdenbergh zegt:

    “L’amour est un oiseau rebelle”. Dat vond ik steeds een prachtig zinnetje. Jaren geleden kreeg ik een lange brief, waarin de schrijver ook dit zinnetje gebruikte. Dat geen kooi – ook geen gouden – sterk genoeg is om die vogel vast te houden. “Ne me quitte pas” doet me ook weer denken aan het beroemde liedje van Jacques Brel.
    “On a vu souvent
    Rejaillir le feu
    D’un ancien volcan
    Qu’on croyait trop vieux ”
    Mooie metafoor van de (oude) liefde die weer oplaait, maar het kan eveneens de onderhuidse woede betekenen. De Catalaanse kwestie doet natuurlijk weer de gemoederen hoog oplaaien.
    De schrijver George Orwell vocht mee voor een onafhankelijk Catalonië, aan de zijde van de marxistische POUM tijdens de Spaanse burgeroorlog en schreef er een boek over : ‘Saluut aan Catalonië’. Ook Ernest Hemingway was er toen in Spanje als verslaggever.
    Mario Vargas Llosa, die jaren in Barcelona heeft gewoond, staat dan weer aan de kant van Spanje. Volgens hem is het nationalisme meer dan zomaar een ideologie. “Het is een religie, een destructieve, irrationele geloofsbelijdenis”. “De kunstenaars, dichters en architecten in Barcelona hebben altijd erg universeel gedacht, wars van het nieuwe provincialisme dat de stad vandaag zo tekent. Het nationalisme heeft haar gereduceerd tot een pittoresk schrijn dat niet ­verder gaat dan wat lokaal is.”
    https://www.demorgen.be/buitenland/mario-vargas-llosa-barcelona-is-een-provinciestad-geworden-b89f94e4/

  6. Ines zegt:

    No way, José, denkt Carmen die ondertussen is ingetrokken bij haar marginale vriendin(nva), die op haar beurt samenhokt met een nog grotere sukkel(Michel). Waarschijnlijk zal José zijn vrienden(Eu) optrommelen en gaan ze Michel eens goed aan de oren trekken…

Reacties zijn gesloten.