De stier van Marcinelle is niet meer: hulde aan de man die alle clichés bevestigde.

stier

Uitgerekend gisteren, op dierendag, krijgen we te horen dat de stier van Marcinelle overleden is. De wat? Jawel, het is de bijnaam van Serge Regnier, vader van 31 kinderen bij drie (met hem inwonende) mama’s, te weten zijn echtgenote, haar zus en zijn vriendin.

In de krantenberichten overheerst ironische bewondering omwille van zijn potentie en vermogen om drie vrouwen seksueel aan zich te binden. Ookl al zijn er de moraalridders die dit frappant geval van polygame zedenverwildering aan de kaak willen stellen.

Voor de betere observator zijn er ook een paar tragi-komische kantjes aan. Serge overleed op 58-jarige leeftijd aan een hersentumor, wat doet vermoeden dat hij behalve het libido ook slechte genen doorgaf aan zijn 31 spruiten. Een geval van genetische degeneratie dus.

Als je die foto met de kindjes bekijkt die natuurlijk allemaal een goed leven willen, denk je toch: waarom zijn ze in godsnaam op de wereld gezet. Dat mag u natuurlijk bij vele menselijke exemplaren denken. De overbevolking, gecombineerd met het onheil dat deze planeet treft, wettigt het vermoeden dat we het niet lang meer zullen rekken en dat we best nog in leut eindigen, zoals Serge Regnier dus, of Pascale Peraita, of Stephen Paddock.


Selectieve dierenliefde
Die werelddierendag –waarvan we, zoals altijd, maar ‘s avonds het bestaan vernemen- zet onze dubieuze relatie met het dier nog eens op scherp. Respectievelijk het eetdier (runderen, kippen), het gezelschaps- of knuffeldier (de koala, uw goudvis), en het uit te roeien ongedierte (de tijgermug, virussen) behoren tot verschillende werelden waarop verschillende strategieën van toepassing zijn.
Eerst het voedseldier. De directeur van dat beruchte slachthuis in Izegem heeft nu, heel slim, in heel zijn etablissement camera’s laten plaatsen waarop iedereen via het web kan inloggen. Zijn boodschap: “Kijk mensen, u wil vlees op uw bord, ik zorg daarvoor. Het loopt al eens mis, zoals er ook kinderen in het verkeer omkomen, en we proberen er wat aan te doen. De rest is praat voor de vaak en de hobby van marginale veganisten”.
Daar valt geen speld tussen te krijgen. De miljoenen poezenfilmpjes op Facebook en Twitter staan daarmee niet in tegenspraak, ze tonen alleen aan dat ook vleeseters behoefte hebben aan affectie en softe waarden, waarvoor we weer het dier als knuffelbeest benutten. Idem dito voor die politiehond Rex, uit het asiel gehaald en tot speurhond voor IS-explosieven opgeleid. Ja, dat lezen we graag, zo’n happy end, ook al zal die hond ooit wel eens door een bom worden uiteen gereten waarna de dierenliefde weer zal losbreken in alle krantenkolommen.

En dan zijn er natuurlijk nog de vervloekte beesten, parasieten die ons het leven zuur willen maken. Is dierenwelzijn universeel? Moet het in de grondwet worden ingeschreven, zoals de Nederlandse Partij voor de Dieren dat wil? Hmm, moeilijk, anders moet het Aidsvirus ook beschermd worden, alsook de sprinkhaan die akkers kaal vreet, of die Aziatische tijgermug of de Canadese brulkikker, “exoten” die het liefst zo snel mogelijk moeten uitgeroeid worden, neen, geen goedkope grappen over Filip De Winter.

Onze selectieve dierenliefde, gebaseerd op nutsoverwegingen, is gewoon een residu van een oude zoogdierenlogica, waar je natuurlijke vijanden hebt, prooidieren, en dan ook nog ergens soorten die gedoogd worden of waarmee zelfs een samenwerkingsrelatie wordt opgezet. Het is ook deze logica die ervoor zorgt dat de mens, een soort quasi zonder natuurlijke vijanden, behalve vlees eten nog iets anders doet om zijn toppositie in de voedselketen te demonstreren: hij doodt met veel vreugde zijn soortgenoten, het zogenaamde kannibalisme.
De menselijke bloeddorstigheid overtreft alle dierlijke gelijkenissen. Het sadisme, het vermogen en de wellust om anderen te kwellen, te pijnigen, de dood in te drijven, kan alleen verklaard worden vanuit een dramatisch gebrek aan biologische inbedding in een voedselketen. De zelfverklaarde kroon op de schepping, de dominante soort op deze planeet die alle andere soorten aan het uitroeien is, roeit ook zichzelf uit van pure verveling en zelfwalg. Vandaar de stammenoorlogen, de H-bom, Las Vegas, maar ook het suïcidale autorijden, het zich kapot vreten of drinken, de rat race naar de carrière-top inclusief burn-out, het universele pestgedrag en de oorlog-van-allen-tegen (homo homini lupus, het motto van de filosoof Thomas Hobbes).

En zo zijn we weer bij het absurde voortplantingsgedrag van de stier van Marcinelle. Ik weet echt niet of ik jaloers moet zijn op hem, of verontwaardigd. Vermoedelijk deed deze liefhebbende man, schoonbroer, minnaar geen vlieg kwaad en toch levert hij een beduidende bijdrage aan de teloorgang van het menselijk ras.

“Laat ze maar lachen, dit is het leven waarvoor wij gekozen hebben”, monkelde Serge, daar in de schaduw van de mijnterrils. Een doordenker van formaat. Hebben wij wel voor hem gekozen? In Vlaams-rechtse kringen wordt fameus gemopperd over de royale kinderbijslag die deze luie Waal (en echte Belg overigens) maandelijks binnenrijft: zo’n 7500 euro, plus viermaal dopgeld want niemand in het gezin gaat uit werken. Iemand die dus in onze portefeuille zat, ja, die begraven we graag, temeer daar Le Taureau de Marcinelle ginder onnoemelijk populair was.
Hulde aan de man die alle clichés bevestigde: fier dat ik Vlaming ben, noem het selectieve dierenliefde.
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .