Koude oorlog en blufpoker: it ‘s part of the game, you stupid

170414153142-0414-kim-jong-un-trump-composite-super-tease

Volgens President Trump moet Noord-Korea vernietigd worden en volgens Noord-Korea moet Japan vernietigd worden. En uiteraard aartsvijand Zuid-Korea. Een boeiend verbaal schaakspel ontwikkelt zich, met een op de vijand gericht kernarsenaal in de achterzak. Wie trekt aan het langste eind? Daar past enige speltheorie bij.

De grondlegger van de moderne speltheorie, het wiskundig supergenie John von Neumann (1903-1957), was een enthousiast verdediger van de koude-oorlogsstrategie en behoorde tot het team dat de atoombom op Hiroshima en Nagasaki ontwikkelde. Hij werkte een aantal statistische modellen uit, toegepast op concrete situaties, waarin de beschikbare opties worden onderzocht in een spel met twee evenwaardige tegenstanders die elkaars bedoelingen niet kennen, en waarin één, beiden of geen van beiden kunnen verliezen.
Het probleem is bekend geworden als het gevangenen-dilemma. In dit scenario krijgen twee verdachte handlangers van een misdrijf, afgezonderd van elkaar de volgende opties voorgeschoteld:
  • Indien beiden ontkennen, krijgen ze een lichte geldboete wegens gebrek aan bewijs
  • Indien er één bekent (en de schuld van beiden bewijst) wordt die vrijgesproken wegens medewerking aan het gerecht en krijgt de andere tien jaar
  • Indien beiden bekennen, krijgen ze elk vijf jaar
Natuurlijk is het verleidelijk om te ontkennen en er met een geldboete van af te komen. Maar dat werkt alleen als de andere ook ontkent, anders heb je tien jaar aan je been. Een eenvoudige matrix toont aan dat de beste optie is: bekennen. Dan krijg je in het slechtste geval vijf jaar ofwel ga je vrijuit.
De wapenwedloop werkt net zo. Indien beide partijen de bom maar als afschrikkingsmiddel gebruiken maar niet van plan zijn om hem echt te gooien (wat de andere niet weet), is een nucleair armageddon uitgesloten. Als er eentje de bom bezit en hem ook wil gebruiken, is de andere virtueel verloren. Indien beide partijen over een even sterk arsenaal beschikken, en de andere kunnen overtuigen dat ze dit wapen ook effectief willen inzetten, zou de vrees van wederzijdse uitroeiing (mutually assured destruction) ervoor moeten zorgen dat het nooit zo ver komt. Daarvoor dient dus de koude-oorlogstaal: blufpoker, en het moét van beide kanten werken. De homo ludens op zijn best.

Frontale kwabben
Von Neumann bleef er zijn leven lang van overtuigd dat een kernarsenaal bezitten, statistisch de beste kans uitmaakt op vrede, zo niet op eigen winst. Alle verdragen en compromissen steunen op hetzelfde principe. Wie eenzijdig ontwapent krijgt mogelijk de Nobelprijs voor de Vrede maar plaatst zich buiten het spel en verliest. Elk verdrag is maar een middel om de tegenpartij te misleiden, zie hoe Hitler Stalin bedotte met zijn “niet-aanvalspact”.
Uiteraard is het leven van een individu, of van honderd, duizend, een miljoen mensen, volstrekt onbelangrijk in deze hoogst immorele spelwetenschap. Ze zijn pionnen op het schaakbord, ze tellen niet mee in de eindstrijd. Beroemde tegenstanders van de wapenwedloop, zoals Albert Einstein en nadien vredesactivist Noam Chomsky, wijzen op de mogelijkheid van wederzijdse ontwapening in het belang van alle partijen. Dat is zeker zo. Maar uitgerekend het genie Einstein (zonder wiens relativiteitstheorie de atoombom ondenkbaar zou zijn) wist ook dat de vergevorderde chimpansee die zich tot homo sapiens kroonde, een aangeboren neiging heeft om gevaarlijk speelgoed te maken. En dat die agressieve mensaap van spelletjes houdt.
Het gekke is immers dat we voor een groot deel in ons leven dezelfde strategie toepassen: als we niet weten wat de andere gaat doen, is afschrikking en het behoud van eigen initiatiefmogelijkheid de beste optie. En als je beweert geen atoommacht te zijn, kan je toch in het geheim zo’n bom hebben, zie Israël. Neen, we laten het achterste van onze tong niet zien, eerlijkheid is een ronduit domme attitude.
Kort gezegd zouden we kunnen stellen dat de speltheorie en alles wat daaruit voortvloeit een gevolg is van de ontwikkeling van de frontale hersenkwabben waar het plannen, organiseren en beslissen wordt bepaald. We zijn gewoon te slim geworden voor het paradijs, en moéten dus rekenen. Koudbloedigheid is een absolute must.
Pokerspelers, voetbaltrainers én kundige militaire strategen hebben goed ontwikkelde frontale kwabben, bij pubers worden ze “verontreinigd” door impulsen uit het reptielenbrein. Kim Jong-un wordt door de Westerse grootmachten als een labiele puber geframed, maar de grootste beginnersfout in elk spel is het onderschatten van de tegenstander.

 

En voor u nu denkt dat ik graag zo’n atoombom op mijn kop wil: nog het liefst blijf ik aan de zijlijn en speel een spelletje schaak met mijn zoon. Maar België heeft het recente VN-verdrag voor wereldwijde nucleaire ontwapening alvast niét ondertekend, en in Kleine Brogel ligt er nog wel wat gevaarlijk speelgoed. En dat Kim Jong-un dat maar goed beseft.
Vrede zij met u.
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .