De praktijktest: elke dag 1 april, en voor de rest prefereer ik poetsvrouwen uit Kazachstan, men zegge het voort

prank3

Mystery Call: het woord alleen al suggereert mysterie, erotiek en humor, een mengsel van rose en zwart ondergoed, zwoele stemmen, ik weet ook niet waarom. Jammer genoeg bedoelt Kris Peeters, minister van Minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse Handel én lijsttrekker voor de Antwerpse gemeenteraadsverkiezingen in 2018, daar iets helemaal anders mee.

De fameuze praktijktests dus, de lakmoesproef op het discriminatieverbod: ambtenaren die via de telefoon testen of u als zaakvoerder bij een sollicitant wel onbevooroordeeld bent inzake geslacht, leeftijd, huiskleur, geaardheid, en dies meer. Geeft u te kennen dat u toch liever geen Ramadanbeoefenaar wil als vrachtwagenchauffeur: boete. Of omgekeerd: inspectrice doet zich voor als huiseigenares die een nieuwe airco wil, en aan de installateur te kennen geeft dat ze een potige neger aan huis prefereert. Gaat de firma in kwestie op die wens in : boete. Ook positieve discriminatie mag niet, al het moois dat de natuur in petto heeft blijft onder de korenmaat.

Het systeem is nog niet in voege, maar Peeters wil er werk van maken, als de man die voor het sociale accent zorgt in deze centrumrechtse regering. Het tekent Peeters zoals hij is: saai, ongeïnspireerd, tsjeverig. Het tekent ook de overheid zoals niemand die nog wil: de moeder van alle schoonmoeders, bemoeizuchtig, achterbaks en driftig reprimandes uitdelend. Neptelefoons associëren wij met fun, grapjasserij, foptoestanden, carnaval, prank (pubertaal voor onnozele bedotspelletjes, Youtube wemelt ervan). Ooit heeft zo’n foptelefoon me op mijn verjaardag eens een uur bezig gehouden, een man die zogezegd nog geld van me moest en me begon af te dreigen, mijn huisgenoten kwamen niet bij van het lachen. Mystery call!
Maar nu dus de grote test op de politieke correctheid. Zelf ooit eens zo’n aprilvis uitgehaald om te te testen of alles wel snor zat. Jaren terug, toen ik nog zo onnozel was om opiniestukjes naar De Standaard te sturen, kreeg ik altijd nul op het rekwest. Het blijft gissen waarom, vermoedelijk ligt het aan mijn Westvlaamse afkomst, want Westfluten gaan door voor rare snuiters. Eén keer heb ik een stukje onder een andere naam ingestuurd, namelijk die van mijn vrouw (met Oostvlaamse roots), over Jan Fabre en het Leuvense kevermonument. En wat bleek? Daags nadien stond dat stuk in de krant, met een grote foto van het onderwerp, mooi prominent op de rechterbladzijde. Gefeliciteerd mevrouw met uw schitterend artikel. Toeval?
Sinds die praktijktest weet ik dat DS discrimineert, zoals al de rest, en dat het me ook geen reet kan schelen. Want allochtonen mogen dan wel de slachtofferretoriek monopoliseren, discriminatie komt overal, jegens iedereen, en in de beste families voor. Om te beginnen in de liefde, maar ook in de privésfeer, relaties, de media, en, hoe kan het anders, daar waar diensten aangeboden worden en geld wordt verdiend. Stel u voor dat zo’n inspecteur naar een escort-service belt en vraagt om een slanke Zuiderse van 18: “Neen mijnheer, foei, we doen niet aan discriminatie, hier een dikke oma uit Zillebeke, op voorhand te betalen”.

Bobette stelt de wet
Dat brengt me meteen tot de essentie: de uitzendsector. Toen het hier nog rozengeur en maneschijn was, hielden we er een schoonmaakster op na met dienstencheques-systeem. Dankzij het groot verloop passeerden om de week nogal wat nationaliteiten de revue, en vielen de verschillen op,- een expertise die ik u niet wil onthouden.
Mijn ranking: deze uit de zogenaamde poetsvrouwenrepublieken (Karzachstan, Azerbeidjan) zijn met voorsprong de beste. Vlijtig, betrouwbaar, sociaal en toch discreet. Daarna komen de Roemeense en de Poolse, ook redelijk, maar wat trager en vaker ziek. Eén waggelende Roma-zigeunerin met een onmogelijk grote kont en diepe zakken heb ik na een paar sessies de deur moeten wijzen. De Marokkaanse/Arabische poetsdames zijn vinnig maar bot, en tonen subtiel dat racisme ook in de omgekeerde richting bestaat. De Russische zijn een geval apart: feeksen die op het einde zelf uw huis herinrichten, nieuwe regels opstellen en de vrouw des huizes resoluut naar het tweede plan verwijzen.
Misschien interessant voor vrijgezellen op leeftijd. Echter één categorie raad ik u resoluut af: de negerinnen. In de bantoecultuur zijn de vrouwen namelijk sowieso de baas thuis, de mannen zuipen, slapen en vechten alleen maar. Zwarte poetsvrouwen zijn altijd met juwelen behangen en hebben gelakte kunstnagels die geen water met kuisproduct verdragen. Deze Nubische koninginnen stralen dédain uit, bekijken je alsof je een wrattenzwijn bent dat uit de brousse kruipt, en rijden met een auto die je in de sector van de zwarte zeep niet direct zou verwachten. Poetsen doen ze niet, alleen rondsleffen tot het tijd is, en af en toe een sigaret opsteken. Te mijden.

Deze kleine Testaankoop-tabel om u erop te wijzen dat discriminatie wel degelijk uit de aard der dingen voortkomt: we willen kiezen en er zijn verschillen. Dat mannen vanwege de bereden politie een Bob-sleutelhanger krijgen als ze nuchter zijn, is de normaalste zaak van de wereld, want mannen zuipen en rijden mensen dood. Maar laat het nu toch wel een poetsvrouw uit Geraardsbergen zijn zeker, die een Bobette-sleutelhanger eiste in naam van de gelijkheid der seksen. Zo gezegd, zo gedaan. Bobette toch, wat doe je nu? Net nu Wiske borstjes krijgt en van haar unisex-syndroom afgeraakt, moet alles weer plat en gelijk gemaakt worden. Diversiteit, laten we dat woord, als we het toch moeten gebruiken, eindelijk eens ernstig nemen. Poetsdames uit –stan dus.
En nu allen snel bellen naar Unia, elke dag 1 april.
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

6 reacties op De praktijktest: elke dag 1 april, en voor de rest prefereer ik poetsvrouwen uit Kazachstan, men zegge het voort

  1. bertie zegt:

    Jaren geleden ijverde professor Matthias Storme er al voor dat discriminatie een fundamenteel mensenrecht is.
    https://www.law.kuleuven.be/personal/mstorme/IntStormeKN21012005uitgebreid.pdf
    Zoals ieder mens deze natuurwet dagelijks ervaart, komt het er inderdaad op neer dat de antidiscriminatiewetgeving uitsluitend van toepassing is en mag zijn op de relatie van de overheid met de burgers. Maar deze wetgeving past volstrekt niet tussen de onderlinge relaties van de burgers met elkaar, zoals het nu door de linkiewinkies met Kris Peeters op kop, compleet foutief ineengestoken is en geïnterpreteerd wordt.

    In het verleden heb ik elders al mogen commentariëren dat volgens de linkse manier van denken alle supporterclubs strafbaar zijn. Dit verbod op alle supporterclubs reikt trouwens veel verder dan op het eerste gezicht lijkt. Het treft bijvoorbeeld niet enkel de gewelddadige voetbalhooligans van de X-Side versus hun dronken tegenhangers van de Blue Army. De antisdiscriminatiewetgeving verhindert ook het bestaan van twee bendes uitgelaten wielerfans, verenigd in enerzijds de Pedaalstoempers en anderzijds de Kasseifretters.
    Volgens het verbod om onderscheid te mogen maken op niet-objectieve gronden is het immers ook absoluut niet toegelaten om enerzijds dan maar één gezamenlijke voetbalsupportersclub als X-Army (of Blue-Side) op te richten en anderzijds onder één gezamenlijke naam als Kasseistoempers (of Pedaalfretters) door het leven te gaan. Er bestaat immers geen enkel objectief onderscheid tussen beoefenaars van de sport voetbal en beoefenaars van de sport wielrennen, dus het bestaan van twee (of meer) supportersclubs, dat is je reinste discriminatie!
    Maar zelfs één allesomvattende supportersclub is in België verboden. Want één Belgische supportersclub discrimineert natuurlijk elke sportbeoefenaar van alle andere landen!
    Maar één allesomvattende supportersclub kan dan toch? Tja, maar waarvoor is die dan nog nodig?

    Ook mijn beste vriend is voortaan een verboden definitie. En ook dat gaat veel verder dan op het eerste gezicht lijkt. Volgens de antidiscriminatiewetgeving is namelijk niet alleen het intermenselijke begrip vriendschap, maar ook het instituut huwelijk gebaseerd op niet-objectieve en onverantwoorde criteria en dus niet gewenst in de linkse samenleving. Mystery calls gaan ertoe leiden dat we allemaal samen hokken in één vrije, blije commune. Kinderen behoren dan meteen ook niet meer tot één gezin met één vader en één moeder – wat toch ook alleen maar discriminatie is. De antisdiscriminatiewetgeving ziet er verder nauwlettend op toe dat in de opvoeding het intelligentiepeil van alle kinderen allemaal gelijk is: er mag er geen één meer bovenuit steken. Nivelleren, dat is zonder twijfel het beste dat ons onderwijs nodig heeft.
    Het “beste”? Oeps, foutje: nivelleren is gewoon “goed”! Anders begint dat discrimineren weer van voor af aan… Het beste onderwijs ter wereld in Vlaanderen, dat is nog een futiliteit voor het vak geschiedenis, maar zeker geen examenvraag meer waard!

    En voor de overheid zelf is de antidiscriminatiewetgeving natuurlijk heilig. Zo heilig zelfs dat er geen enkel onderscheid bestaat tussen burgers in hun relatie met de overheid. Zonder verpinken worden als vanzelfsprekend alle belastingplichtigen bijvoorbeeld op een strikt gelijke manier behandeld… De papieren aangifte moest op 29 juni binnen zijn, tax-on-web voor particuliere aangiftes loopt vandaag om middernacht af en degenen die rijk genoeg zijn om een boekhouder in te schakelen, mogen wachten tot eind oktober.
    Moet er nog zand zijn?

    • Ines zegt:

      Wat voor onzin is dit nu weer. U verwart persoonlijke voorkeuren met onversneden racisme. Echt alles in het belachelijke trekken om racisme goed te praten. Er moet toch duidelijk ergens een lijn getrokken worden tussen wat fatsoenlijk, maatschappelijk en wettelijk kan en niet kan in gedrag naar mensen met andere afkomst. Bij een dienst die u zelf betaalt een voorkeur hebben/doorgeven zal natuurlijk altijd wel geregeld worden kunnen worden. Zelfs bij het gretig gebruik maken van het verfoeid socialistisch dienstencheques-systeem moet dit blijkbaar kunnen. Wat ik bijna onverantwoord vind voor het welbevinden van de veeleisende klant. Ik zou in hun plaats op de privémarkt op zoek gaan naar een onvervalst Vlaamse poetsvrouw met een stamboom die reikt tot de Brugse Metten. Maar soit, wie ben ik. Een voorkeur voor voetbalploeg uitdragen gelijkstellen aan een soort ingebouwd universeel racisme? Je kunt moeilijk voor de twee ploegen gaan staan scanderen bij elk goal. Er zullen u rare blikken en gebaren worden toegeworpen worden die de toestand van uw bovenkamer in vraag stellen. Een ander voorbeeld dan: bananen gooien naar zwarte spelers op het veld. Vind ik marginaal en onopgevoed maar niet noodzakelijk racistisch en het hoort blijkbaar bij een context van zuipen en stoer doen in groep op zondagse uitstappen met de “makkers”. Een zwarte speler kan dit heel vernederend en ontmenselijkend vinden. Ben blij dat het dan niet aan u ligt maar aan de rechterlijke overheden om hier een uitspraak over te mogen doen.

      • bertie zegt:

        Mijn persoonlijke voorkeuren hebben er niets mee te maken. Net zomin als wat tot het goed fatsoen behoort of maatschappelijk deugt. Het gaat om wat wettelijk toegelaten is of wat vice versa bestraft kan worden.
        Daarom stel ik voor dat u de antidiscriminatiewetgeving, die volgens mij veel en veel te ver gaat, eens grondig bestudeert. Zeer in het bijzonder het artikel dat handelt – voor de allereerste keer in de Belgische geschiedenis – over de omkering van de bewijslast in geval van al dan niet terechte discriminatie. Het criterium dat de verweerder zelf heel graag wou betalen voor een bepaalde gewenste dienstverlening, geldt daarbij zeker en vast niet als pleidooi pro domo. Een overschrijving in euro’s, een contante betaling in florijnen of desnoods met gouden sestertiën, dat heeft absoluut niet het minste belang.

        Het volstaat trouwens dat een zwartspeler, wiens koning en koningin al van bij de aanvang van het spel tegenovergesteld staan opgesteld aan die van de witspeler, en die zich bovendien gediscrimineerd voelt omdat hij de openingszet niet mag doen, een wereldvreemde en gelijkgezinde rechter vindt, om een eeuwenoude traditie om zeep te helpen.
        En dan heeft er nog niemand van de bloednuchtere toeschouwers een banaan gegooid of welk oerwoudgeluid dan ook geroepen, wat bij de verenigde supporters van deze edelste der sporten ook niet gebruikelijk is, maar er volstrekt niet toe doet.
        Want de heel vernederende en ontmenselijkende wet heeft die zwartspeler wel aan zijn zijde!

      • Ben Chokotoff zegt:

        Wat meer is, je krijgt er stemmen in je hoofd van, ook al wordt beweerd dat dit niet zo vreemd is als je zou denken.

  2. Marc Schoeters zegt:

    Telefoonstem 1: “Goeiemorgen, met vluchthuis Caravansarai.” Telefoonstem 2: “Goeiemorgen, mevrouw. Ik bel voor uw jobaanbieding.” Stem 1: “Welke vacature, meneer? Die van klusjesman of van juridisch adviseur?” Stem 2: “Nee, die job als hulpverlener op de werkvloer.” Stem 1: “Dat zal moeilijk gaan, meneer. Dit is een vluchthuis voor vrouwen. En u bent een man.” Stem 2: “Maar ik ben heel vrouwvriendelijk. En bovendien homo!” Stem 1: “Oei, dat ligt nogal moeilijk bij de geloofsovertuiging van ons doelpubliek.” Stem 2: “Ik ben atheïst. Ik maak geen onderscheid tussen godsdiensten.” Stem 1: “Dat ligt nog moeilijker. Het merendeel van de bij ons mishandelde vrouwen wenst geen contact met iemand als u. U bent voor hen haram. Maar niets persoonlijks hoor.” Stem 2: “Maar ik ben zelf van allochtone afkomst. Heb mijn diploma behaald in de Sociale Hogeschool in Tel Aviv. Dus ik kan me goed inleven in de bijzondere situatie van uw doelpubliek.” Stem 1: “Meneer, het spijt me. Uw profiel maakt werken bij ons totaal onmogelijk. Dat begrijpt u toch? En ik herhaal – niets persoonlijks hoor!” Stem 2: “Mevrouw, ik telefoneer u in opdracht van het KAK – of zo o wil het PAK. Het Kris Peeters Antidiscriminatie Kantoor. Dit is een Mystery Call. De subsidies voor uw vluchthuis zullen worden ingetrokken. Maar niets persoonlijks hoor.”

  3. Ben Chokotoff zegt:

    “La vie est un rêve pour les sages, un jeu pour les fous, une comédie pour les riches et une tragédie pour les pauvres.”
    Sjolem Alejchem (humoristische schrijver, promotor van het Jiddisj)

Reacties zijn gesloten.