Interbellum: in een spel op leven en dood zijn vooral de pauzes interessant

VakantieGenoeg filosofische onzin, tijd voor een natuurkundig experiment.
Men neme een bokaal die men voor een kwart vult met een aantal zwarte bollen. Hierover strooit men een gelijke hoeveelheid witte bollen. Twee propere lagen dus, netjes van elkaar gescheiden. Sluit de bokaal en schud: wit en zwart zullen steeds meer door elkaar geraken.
Het omgekeerde is niet waar: door te schudden haal je ze nooit weer uit elkaar tot twee aparte lagen. Behalve, zeer uitzonderlijk, een kans van misschien een miljardste. Vandaar onze fascinatie voor het toeval, het geluk in het kansspel en het ‘groot lot’.
Herhaal dit met koffie en melk, of olie en mosterd voor de mayonaise: alle huisvrouwen weten dat roeren of schudden mengsels opleveren. Hiermee demonstreren zij de tweede wet van de thermodynamica, die zegt dat de entropie (chaos) toeneemt, hoeveel energie (door bv te schudden) je ook toevoegt.
Deze wet is boeiend omdat ze dicht bij het dagelijks leven staat: elke morgen ruimen we op, en elke avond is de rommel er opnieuw, spontaan. De shit blijft maar komen, we hoeven er niets voor te doen. De tijd zelf lijkt verbonden met verval, en dat is al sinds de big bang: we zijn de ballen in de bokaal, op weg naar totale wanorde, waarna alles voor goed stil valt.
Men zou zich dus kunnen afvragen of er ergens ‘Iemand’, een maniak, aan het schudden is. Albert Einstein, een diepgelovig man, wou zo’n immorele dobbelaar als opperwezen niet aanvaarden, hield het bij een kosmische orde met propere wetten, speelde schaak en luisterde naar Bach. Vrome illusie? Of biedt het spel toch uitzicht op verademing?

Bekijk eens de structuur van een (leeg) schaakbord: wit en zwart netjes door elkaar in een vierkantpatroon. De chaos van de witte en zwarte ballen, geprojecteerd tot symmetrisch rooster. De wanorde uitgepuurd tot orde! Symmetrie is een belangrijk principe om de chaos te slim af te zijn, tijdelijk toch. Nu zetten we de schaakstukken en pionnen uit: wit links, zwart rechts, mooi tegenover elkaar. Doch hemel, wat gebeurt er? Wit en zwart beginnen een spelronde. Een gevecht tegen de tegenstander, maar ook tegen de zelf geschapen wanorde, die alsmaar groter wordt, met elke zet. Op het einde valt het spel stil (mat of pat) en is de entropiewet opnieuw bewezen. De stukken worden samengeveegd, de doos in, door elkaar. Is hier een winnaar? In feite niet. Door het spel ensceneren we onze eigen dood, de dood van alle leven en de dood van het universum. Enkele richting, een onomkeerbaar proces.
De oorlog is een ontaard schaakspel, een toenemende chaos met echte doden. Momenteel mogen we echt wel zeggen dat er hevig ‘geschud’ wordt en dat de entropie enorme vooruitgang maakt. Zei ik ‘vooruitgang’? Zo bekeken is alle vooruitgang achteruitgang, georiënteerd als ze is naar het einde en de dood. Alleen is het spel oneindig herhaalbaar, en leven wij maar één keer.

En dat brengt ons waar ik eigenlijk heen wou: we zijn niet alleen spelende dieren (‘homo ludens’), we hebben ook een prachtige list ontwikkeld om de finale chaos en het eindspel uit te stellen: de pauze! En daar is het in het spel volgens mij écht om te doen: om het intermezzo. Kijk ik naar voetbal op TV, dan geniet ik vooral van de onderbreking halverwege. Ook in dat fameuze schaakspel: niets zo heuglijk als het moment waarop we het bord ‘bevriezen’ en ons een wijl aan andere geneugten overleveren. Zwart en wit gewichtloos zwevend. Vandaar het woord ‘vakantie’, van ‘vacuüm’,- ‘leegte’. De koningin blootsvoets op nat zand.
Alle kansberekeningen zijn dan opgeschort, de entropie uitgesteld. De tijd staat stil en er ontstaat een gevoel van tijdeloosheid, even: het moment als eeuwigheid (Goethe/Faust: ‘Verweile doch, du bist so schön’). De geschiedenis is eigenlijk één grote oorlogstijd, maar met gaten waarin even ‘niets’ gebeurt: het interbellum als tijdelijke vrede, wapenbestand. Meer is niet mogelijk, mogen we niet verlangen.
Wellicht heeft alles wat wij ervaren als schoonheid, eeuwigheid, liefde met dat oponthoud te maken: de magie van de pauzeknop. Stephen Hawking noemt het ‘empathie’, maar eigenlijk gaat het om het vermogen om te spelen én de pauzeknop te hanteren.
Dat is ook de reden waarom IS behalve levens ook de schoonheid van oude tempels vernietigt: om ons het oponthoud te ontnemen, het verval te versnellen en de totale entropie te creëren. Zo’n fatale, apocalyptische tegenstander moet je eerst aan het schaakbord krijgen,- hoe weet ik ook niet,- om dan, schier ongemerkt, pauzes in te lassen. Die misschien wel het spel zelf doen vergeten. Voor een tijdje. Pure natuurkunde eigenlijk.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Een reactie op Interbellum: in een spel op leven en dood zijn vooral de pauzes interessant

  1. Miel zegt:

    De tweede hoofdwet van de thermodynamica zou ons eigenlijk ook moeten doen inzien hoe wonderbaarlijk het leven eigenlijk is (zelfs al zouden we maar één keer leven). De wet van de entropie volgend, is een zichzelf, door toeval, ordenend systeem (dat zelfs, over de generaties heen, almaar meer tot perfectie neigt) nog onwaarschijnlijker dan dat de ballen in de bokaal, door hard te schudden, zich spontaan per kleur zouden sorteren.

Reacties zijn gesloten.