‘Het Klein Verzet’: misschien gewoon, even, strategisch, wat kleiner denken en doen.

ezelHelemaal zoals de Charlie-aanslag begin dit jaar wordt ook Parijs, 13/11 het draaipunt van een verbale en visuele wervelstroom, die uiteindelijk alle bewustzijn naar zich toezuigt.

Iemand nog niet gereageerd op de gebeurtenissen van vrijdag en de nasleep? Nog geen mening ten beste gegeven? Zijn gedacht gezegd op een internetforum? Een brief naar de krant geschreven? Is er iemand die vandaag een opiniestuk of blogtekst durft schrijven zonder de woorden ‘Islam’, ‘Parijs’, ‘Moslim’, ‘terreur’ of ‘Jihad’ erin? Die persoon wil ik wel eens ontmoeten.

Dat op zich is even beangstigend als de aanslagen zelf: we staren als konijnen naar een lichtbak. Alle hoofden en breinen in dezelfde richting,- bevestiging van de mementheorie: er gaat een ‘virus’ rond, verspreid via de media en het web. Want zo sterk als de media waren in de ontkenning, zo sterk zijn ze nu in de overbelichting. Het virus heet ‘terreur’ en het is ook terreur. We moéten erover spreken, er dag en nacht aan denken. Iets zegt me dat IS nog meer daarom juicht dan om de slachtoffers en het puin op zich.

De gezichtsvernauwing die ons wordt opgedrongen, maakt ook dat een hele boel dingen uit ons blikveld verdwijnen. De klimaatconferentie bijvoorbeeld, is totaal weggespoeld, het lijkt wel alsof er geen klimaatprobleem meer is. Ook dat heeft te maken met media en nieuws-hiërarchie: het bovenste drukt altijd het onderste weg.

‘Drop the dead donkey’ is en blijft de regel op de redactielokalen: onderaan vallen de dode ezels uit de lade als er bommen ontploffen in Parijs.

(On)veiligheid is een massabegrip

Natuurlijk moet er gehandeld worden. Naar Molenbeek wijzen, als salafistisch broeinest, is evident. Meer blauw en bruin op straat, het zal wel moeten. Saudi-Arabië benoemen, als voornaamste financier van het wereldterrorisme, waarvoor we toch vriendelijk blijven omwille van de olie, ook een goed idee. Het probleem Assad eindelijk eens aanpakken, als hét obstakel om de regio te saneren: ik ben ervoor. Toch zijn het allemaal ideeën van mensen die er al veel te lang mee bezig zijn en al veel te lang in het bad zitten.

Die alien die nog niet weet dat IS met veel gedruis in Parijs is gepasseerd, blijft me intrigeren. Iets zegt me dat de oplossing ‘van buitenuit’ moet komen, of vanonder de lade, in een klein hoekje. Zoals de speurder zei: we verliezen iets uit het oog, maar wat? Zolang we binnen de praatbarak van meningen blijven, is elke ‘oplossing’ een deel van het probleem.

Afgezien van onderbuikstukjes zoals dat van gisteren, of de hemelbestormende analyses van de dagen ervoor, blijft dat out-of-the-box-perspectief van de reine dwaas, het kind-zonder-tv of de eilandbewoner zonder internet me intrigeren. Muziek en poëzie kunnen helpen om uit de virale paranoia te geraken. En vooral: stoppen met overdadig kranten lezen of tv-kijken. Daarom refereerde ik naar de champagneboodschap van Charlie-Hebdo (‘Stop met bidden en wenen, ons geloof bestaat uit muziek, kussen, liefde, champagne en plezier!’) die door de media weinig of niet werd opgepikt omdat ze niet strookt met het mainstreamsentiment.

En nu ga ik iets heel onbehoorlijk zeggen. De concertzaal Bataclan, de Parijse terrasjes, het voetbalstadion: het waren en zijn natuurlijk wel plekken waar iedereen samentroept om hetzelfde te doen, als geprogrammeerde massa. We zoeken constant het middelpunt, de drukte, de mainstream, de places-to-be. Om nog maar te zwijgen van de verschrikkelijke kerstmarkten die zo dadelijk ineen getimmerd worden en ook weer een uitgelezen doelwit vormen. Ironisch maar waar: Parijs is momenteel een van de veiligste plekken ter wereld, want niemand wil er nog heen.

Ook als ‘verlichte’ Westerlingen apen we vooral elkaar na, volgen de ons ingelepelde modes en hypes, doen aan imitatiegedrag. Dat conformisme maakt ons kwetsbaar. (On)veiligheid is een massabegrip.

De Brusselse Nieuwstraat, het Heizelstadion en de AB hebben duidelijk een probleem. Het Café ‘Het Klein Verzet’ van mijn vriend/cafébaas Dirk J., gelegen in het onooglijk gehucht T., vooralsnog niet. Excuses voor de afkortingen, maar ik wil Abdelhamid Abaaoud niet op ideeën brengen, en nog minder een toeloop veroorzaken. Angst, neen, maar ruimtelijk inzicht en zin voor het buitengaatse, middelpuntvliedende: zeker.

Dank u, IS, om me zoveel inspiratie te geven en likes op te leveren, maar nu is het genoeg. Morgen wil ik het dus terug over die dode ezel hebben, waar niemand het over heeft. 20 likes van een handvol aliens, meer moet dat niet zijn.

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .