Open brief aan de heer Philippe Appeltans, algemeen secretaris van het Verbond van Belgische Tuinbouwers

Beste mijnheer Appeltans

Ik wou deze boodschap eigenlijk eerst verpakken als een Youtube-filmpje, een beetje zoals Ashley Vandekerckhove, die VUB-decaan Willem Elias de mantel uitveegde, zijn ontslag eiste en het nog kreeg ook. Maar ik mis de fotogenieke uitstraling van Ashley, ik ben een lelijke oude vent, met een schabouwelijk Antwerps accent en geen ontwapenende West-Vlaamse tongval. Dus spreek ik u zonder webcam, facebooksgewijs aan, via dit schrijven.

Vorig jaar lanceerden de Belgische fruitboeren de actie “eet meer peer”, om de Russische boycot te compenseren en de daarmee gepaard gaande prijsverlaging wegens teveel fruit op onze markt. Tonnen peren heb ik gegeten uit burgerzin en er hectoliters dunne tot zeer dunne stoelgang aan overgehouden. Ik heb namelijk wat met boeren, fruit, fleurige rondborstige boerinnen en Haspengouwse bloesems. Ik heb ook iets met peren, verse en gestoofde, en durf zelfs te zeggen dat de ideale vrouwelijke derrière zich voor mij eerder peervormig stelt.
Nu echter, las ik zonet in de ochtendpers, is de appel het slachtoffer van Poetin’s blokkade. Poolse fruittelers dumpen hun waar massaal op onze markt, en weer lanceert uw sector een actie, nogal voorspelbaar getiteld “Eet meer appels”. Daar zal ik niet meer aan meedoen, om tal van redenen.
Ten eerste, mijnheer Appeltans, eet ik dingen omdat ze lekker en gezond zijn, niet om de voedselindustrie te ondersteunen. Straks komen de aardappeltelers, in samenwerking met de vetsmelters, ook af met een actie “eet meer friet”, of lanceert de door allerlei reglementeringen versmachte tabaksindustrie de campagne: ‘dolle pret met de sigaret’.
Appels zijn gezond, zegt u? Eentje wel ja, maar vijf stuks per dag van die zwaarbespoten fruitjes, ik weet het nog zo niet. Waar ik me ook aan erger, zijn die kleine stickertjes die op elke appel gekleefd worden alvorens ze keurig verpakt per zes in de Delhaize of Aldi terecht komen. Wie doet zoiets heel de dag? Moet dat echt? En waarom zij al die appels precies even groot en wat doet men met de rest?
Ik zeur nog even verder: u, mijnheer Appeltans, wil dat we stante pede meer van uw mooi verpakt luxefruit verorberen, maar het fruitseizoen is toch helemaal nog niet aangebroken? Rijpe appels in april? Wat is dat voor een smakeloze grap? Hoe moet de appelboom in mijn tuin zich voelen, die geduldig wacht tot de septemberzon haar vruchten langzaam rijpt?

Het is niet te verbazen dat de appel in sprookjes en mythen een heel slechte naam heeft, vanaf de appel van Eva tot de vergiftigde appel die in Sneeuwwitjes keel blijft steken. Terwijl de eerlijke peer een elegante onverschilligheid uitademt, schettert de glimmende appel het uit: neem mij, tot elke prijs. De appel staat voor verleiding, misleiding, bedrog, leugen. En één leugen per dag mag van de katholieke kerk, maar geen vijf of zes, dan begint mijn Adamsappel op te spelen.
Samengevat: leve de boerenmarkt, het knoestige fruit met hier en daar een wormpje als smaakmaker, het seizoensbewuste eten, en weg met het geëtiketteerde luxefruit dat ons nu door de strot wordt geduwd omdat Poetin het even niet wil.
Fuck de Europese landbouwsubsidies, de grootschaligheid, het vernietigen van voedsel als het de prijs niet haalt, de overproductie, ook van koeien en varkens trouwens, deze laatste hier massaal gekweekt, in Italië geslacht en in onze supermarkten herverschijnend als Parmaham.
Neen, sorry, dat laatste neem ik terug, dat heeft niets met uw boomgaarden vol laaghangend edelfruit te maken. Maar hopelijk vinden uw resterende appels tenminste hun weg tot compote of naar een voedselbank en niet, zoals vorig jaar gebeurde, naar het stort om chemisch geliquideerd te worden met Europese steun.
U nog een vruchtbare teelt toegewenst

Johan Sanctorum

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .