Het gaat om méér dan jobs en carrière, het gaat om levenskwaliteit en collectief verantwoordelijkheidsgevoel

Federaal minister van werk Kris Peeters maakt zich sterk dat de indexsprong 60.000 nieuwe jobs oplevert, Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie belooft nu niet minder dan 1,3 miljoen jobs.
De indexsprong is een voordeel dat de bedrijven wordt gegund, door een normale loonsverhoging (verbonden met de stijgende levensduurte) te blokkeren. Levert die maatregel jobs op? Dat is wishfull thinking: een bedrijf denkt aan rendabiliteit en winst, en zal het voordeel graag op zak steken, als het even kan zonder extra mensen aan te werven.
Het pokerspel van Juncker is nog grover en mag, in de beste EU-traditie, megalomaan genoemd worden: een garantiefonds van 21 miljard euro spijzen, om privé-investeringen aan te trekken ter waarde van 315 miljard. Die 21 miljard zijn uw en mijn geld, ze vormen de inleg van het pokerspel. Loopt het slecht af, dan zijn we het kwijt, loopt het goed af en krijgen die investeringen vaste vorm, dan zal de winst uiteraard naar de investeerders gaan.
Andermaal is de belofte van 1,3 miljoen jobs pure bluf, vanwege de politieke macht die de greep op de economie al lang kwijt is, en alleen nog hoopt op welwillendheid van het multinationale kapitaal. Het alcoholisme van Juncker spookt doorheen deze grootspraak. “Onze” Marianne Thyssen, de Europese evenknie van Kris Peeters, en gepresenteerd als Moeder Theresa van het sociaal-voelende Europa, echoot gedwee de goed-nieuws-show van Jean-Claude Juncker.  Wat voor jobs zouden het trouwens zijn? Je kapot werken voor een aalmoes, zoals de Duitse mini-jobs?

Van deze cijferdans valt niets goeds te verwachten. Veel fundamenteler moet de vraag gesteld worden –en ze wordt links en rechts gesteld, in de marge-, of wij ons niet eens moeten bezinnen over de relatie tussen werk en levenskwaliteit.
“Onze samenleving is doordrongen van het waanidee dat we keihard moeten werken (of geboren moeten zijn voor het geluk) om aanspraak te mogen maken op het goede leven. Ironisch genoeg staat net deze mentaliteit het goede leven in de weg”, schrijft Sarah van Liefferinge. Ook al heeft haar Piraatpartijtje niets in de pap te brokken, ze heeft gelijk.
Het probleem is existentieel, niet alleen economisch. We worden geleefd en werken ons dood, tenzij we de job van ons leven rateren, dan vervelen we ons dood en eindigen als mislukkelingen. Een nieuwe visie op arbeid, vrije tijd, leven en energie zijn aan de orde. De analyse van Thomas Piketty, dat het kapitalisme de ongelijkheid doet toenemen, is juist maar niet voldoende.
Prestatiedruk, competitiedwang en carrièredrift zijn ons ingelepeld. De invoering van de 30-urenweek en de vierdaagse werkweek is maar het begin: de rest van de tijd gaan we niet in onze zetel liggen, maar andere dingen doen die globaal ook de gemeenschap ten goede komen. Op kinderen passen, groenten telen in buurtverband, een windmolen ineen knutselen, maar ook een goed boek lezen of een schilderij maken, ik zeg maar wat. Netwerking en ruilhandel, klussen opknappen voor elkaar, het bevordert het sociaal weefsel en maakt deel uit van een BNP dat misschien niet in de statistieken verschijnt, maar dat hoeft ook niet. Daar moet ook een ecologische winst uit gepuurd worden: de postkapitalistische maatschappij zal groen zijn of niet, en dat bedoel ik allerminst in de partijpolitieke zin van het woord. 😉

Tenslotte herhaal ik mijn pleidooi voor een algemeen basisloon: elke burger heeft recht op een inkomen, arbeid an sich heeft dan puur te maken met voorkeur, aanleg, talent. Reken de besparingen uit voor de ziekteverzekering ivm depressies, burn-outs e.d.
De traditionele linkerzijde en het syndicalisme zijn helemaal niet klaar voor deze omslag. De verandering zal van elders moeten komen, uit actieve burgerbewegingen en kleinschalige initiatieven, zoals Naomi Klein benadrukt.
Ik weet het, het klinkt misschien allemaal jaren ’60 en het ruikt naar geitenwollen sokken. Toch klinkt het realistischer en meer projectgericht, dan de holle peptalk van Juncker en C°.

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

5 reacties op Het gaat om méér dan jobs en carrière, het gaat om levenskwaliteit en collectief verantwoordelijkheidsgevoel

  1. Miel zegt:

    Geen gezeik, iedereen rijk? Iedereen een basisloon, gratis en voor niks? Zo gewonnen, zo geronnen? Want, zoals men nu in Zwitserland overweegt iedereen een basisloon van 3.000 euro per maand te geven (moet natuurlijk zijn: uit te betalen, want iedereen heeft natuurlijk ‘recht’ op zijn loon naar niet werken), waarom kan dat geen 300.000 centiemen zijn? Dat klinkt beter, en het is evenveel waard. Of liever: even weinig. Want als iedereen morgen plotseling 3.000 euro netto meer in zijn zak heeft zitten, hoeveel is die 3.000 euro overmorgen dan nog waard? Al eens van inflatie gehoord? Nee? Kijk eens naar Zimbabwe.
    Een tip: met die 3.000 euro zal je vermoedelijk net nog een brood kunnen kopen. Als de bakker tegen dan tenminste niet besloten heeft dat hij met zijn basisinkomen het niet meer nodig vindt om te gaan bakken. Want dan zal je moeten zoeken naar een slimme bakker, die zijn brood dan alleen maar zal verkopen in ruil voor een aantal gram goud, of zo. En die zes briefjes van vijfhonderd zal je dan kunnen gebruiken om dikke sigaretten te rollen.

  2. Wishful thinking. Met 1 l. Zoals in beautiful.Told you before.
    Overigens heb je gelijk: zo kan het niet verder.Maar een kleinschalige eco-toekomst onder de buurtbewoners is even gruwelijk: het universum van mijn grootouders.Buurtgenoten kunnen
    plurken zijn, hoor.Misschien niet in het landelijke Overijse, waar de autochtonen verdrongen
    zijn door de hoogopgeleiden of expats…

  3. Koenraad zegt:

    Vanzelfsprekend moet het roer omgegooid worden. Het arbeidsmarktbeleid zoals het sinds W.O. II uitgetekend is, is vastgelopen. De idee van een basisloon is verleidelijk, en de jongste decennia al regelmatig opgenomen in verkiezingsprogramma’s, maar ingewikkeld te verwezenlijken.
    Want welk basisinkomen is realistisch beheersbaar? Wat staat er sociaal-economisch tegenover?
    En vanaf welke leeftijdscategorie? Vanaf 16 jaar voor scholieren die de klas beu zijn? Of voor studenten vanaf 18 jaar? Of vanaf 21 jaar? En voor wie? Geldt dit principe onvoorwaardelijk ook voor elke ‘nieuwe’ Vlaming? Of meteen grootschalig, wat niet ECHT groen is: voor alle legale EU-bewoners?
    De bevolkingsdichtheid is in de Lage Landen en verderop behoorlijk DRUK en flink toegenomen ! De Winkler Prins, editie 1967, geeft voor B ± 7.424.000 inwoners in 1910 en voor NL ± 5.858.000 in 1909. Honderd jaar later zijn dat er resp. ± 11.100.000 (+50%) en ± 16.877.000 (+188% !) geworden. Dat gegeven schetst de problematiek van de mobiliteitsverstopping, de hoge en toenemende werkloosheid, de schier onmogelijke zoektocht naar zinvolle en ‘betaalbare jobcreatie’, de groeiende ongelijkheid tussen de (vervanging)inkomensklassen…
    Van voetballers die tot wel 250.000 euro per week ‘verdienen’ (een redelijk mens vraagt zich af wat je daarmee kunt aanvangen), dan nog aan een speciaal belastingtarief, tegenover langdurige dompelaars die hetzelfde bedrag niet eens in 18 jaar ‘verdienen’… om maar één voorbeeld te geven. Duitse mini-jobs zijn alleszins onverteerbaar, evenals die malle toplonen bij managers, banksters en de amusementsindustrie.

  4. Hans Becu zegt:

    Dit is prietpraat. Men gaat er ten onrechte vanuit dat mensen die in de tijd dat ze niet werken spontaan “zinnige dingen die de gemeenschap ten goede komen” zullen ondernemen. Niks van, ze zullen mekaar uit verveling en verzuring doodpesten. Ik word bijbels als ik dit lees : In het zweet des aanschijns…dat is ons lot. En de mooiste parabel is die van de talenten. Juncker of geen juncker : het probleem is dat we volledig de relatie tussen arbeid en overleven zijn verloren, en net daardoor gefrustreerd en depressief raken. Wie het verband ziet, vindt zin in arbeid. Het algemeen basisloon zou dat alleen maar erger maken. En verder is het economische onzin zoals in andere reacties werd besproken.

  5. Jan Braeken zegt:

    Juncker en Peeters zijn twee ordinaire oplichters die met valse beloften en een regen van leugens en geheimen veel geld verdienen. Zij kunnen dat alleen zijn en doen dankzij de stompzinnige goedgelovigheid, de achterlijke naïviteit en/of bewuste medeplichtigheid van een paar miljoen blind kiezende, blauw frauderende en paars aandeelhoudende Belgen of Europeanen.

    Zij die niet geloven in een basisinkomen hebben ofwel geen enkele ervaring met langdurige armoede hetzij werkloosheid, – als het in mijn macht lag zou ik ze dwingen die ervaring op te doen -, ofwel zijn ze niet mee met de laatste inzichten in de sociologie. Bijscholing door zelfstudie is het minimum.

Reacties zijn gesloten.