Bach, de ‘klassieke muziek’ en Klara: Erbarme dich!

Het voorbije weekend zond VRT-zender Radio Klara zijn top-honderd van klassieke muziekwerken uit. Bach wint goud, zilver en brons met respectievelijk Suite voor cello solo BWV 1007 (Prelude), – ‘Erbarme dich’ uit de Mattheuspassie BWV 244 en ‘Wir setzen uns mit Tränen nieder’ uit diezelfde Mattheuspassie. Gelukkig was het een schitterend weekend om in de tuin te werken en bleef de radio hier dicht.

Vroeger heb ik al eens uitgelegd waarom ik, als muziekfanaat, Klara zo’n vreselijke zender vind. De wanhopige pogingen om de schablonen van de commerciële en popmuziek te imiteren (zoals hitlijsten), leidt tot de foute veronderstelling dat deze muziek ergens in een competitie zit en dat ze zich moet bewijzen via hoorcijfers. Dat staat in contradictie met het woord “klassiek” zelf. Mozart, Bach, Wagner of Ravel hoeven niets meer te bewijzen, ze behoren tot een Westerse toontraditie die niet iedereen hoeft te smaken, maar die wel een soort cultuurcanon vormt, weliswaar door een kleine minderheid geconsumeerd.
Voeg daarbij de melige commentaren en de gemaakte pogingen om een ‘community’ te scheppen, en je begrijpt zo ongeveer waarom het eigenlijk veel aangenamer is om een cd op te zetten dan Klara te moeten ondergaan.

“Klassiek voor iedereen”, het motto van deze zender, ruikt dan ook naar een ouderwetse missionarissenmentaliteit met licht totalitaire randjes. Is klassiek voor iedereen? Natuurlijk niet. Hebben mensen het recht om Bach lelijk te vinden? Uiteraard. Het zelfs beter voor die muziek dat ze ook tegenstanders of niet-liefhebbers heeft. Ik heb Bach nooit gemogen, en zijn passiemuziek al zeker niet. Toen ik dat vroeger schreef, kreeg ik een klad melomanen over me heen en viel het woord “barbarij”.
Ach. Misschien is het wel door tante Klara zelf dat ik aan die Bach een hekel heb gekregen. Vooral dan net de lijdensmuziek en de nadruk die gelegd wordt op de ingetogen, vrome kwezel, en niet op de componist van de vrolijke Brandenburgse concerto’s die een en al levenslust uitademen.
Bach’s passiemuziek en die jankende cellosolo slaat blijkbaar goed aan bij de Vlaams-katholieke kneuterigheid, het underdoggevoel en het kleinburgerlijk cultuurpessimisme. Het feit anderzijds dat bv. Richard Wagner in deze top-100 nauwelijks voorkomt zegt veel over het publiek dat die lijstjes invult. Wagnerianen (doorgaans ook Nietzscheanen) halen hun neus op voor pop-polls.
Ook de geëxalteerde theorieën dat Bach de formules van de kosmos ontraadselde en in een muzikale taal omzette (Bach-Escher-Gödel): stop daar nu mee. Er zit evenveel kosmisch raadsel in een door mij volgesnoten zakdoek, als in die cellosuite BWV 1007. De man was gewoon een steengoede en ook voor zijn tijd zeer moderne kunstenaar die in de vergetelheid raakte tot hij in de 19de eeuw door de componist Felix Mendelssohn werd herontdekt, en wel uitgerekend met die Mattheüspassion. Sindsdien is er een ziekelijk-melancholische sfeer rond Bach ontstaan die vandaag dus nog altijd door Klara en zijn luisteraars wordt gecultiveerd.

Geef mij dan maar het robotorkest van Godfried-Willem Raes. Zal wel nooit die top-100 binnengeraken, maar dat hoeft ook niet. En voor de rest is er, zoals gezegd, mijn aanzienlijke CD-collectie, die nu gaandeweg zelfs vervangen wordt door al dan niet legale downloads. Die deel ik dan met andere fanaten, soms binnen dit FB-medium. Welkom in de 21ste eeuw, tante Klara.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .