In een wereld als deze is een Vredesprijs van geen tel

De Nobelprijzen zijn dit jaar weer verdeeld en ik was niet bij de laureaten, volgende keer beter. Voor scheikunde, geneeskunde en natuurkunde werden zonder twijfel zeer verdienstelijke wetenschappers gelauwerd. Hoewel, zo’n blauwe LED-lamp, die heb ik, dacht ik, een paar jaar eerder al eens uitgevonden, gewoon door een doorschijnend stuk blauwe plastic voor een witte LED-lamp te houden.
De Nobelprijs literatuur, die is al meer voor betwisting vatbaar. Geen kwaad woord over die Patrick Modiano, maar waarom de Japanner Haruki Murakami, naast de zowat één miljard schrijvers op deze planeet, hem niét kreeg, is en blijft een goed bewaard geheim. Literatuur en schrijver-zijn is vandaag sowieso nog altijd een papieren kwestie, verbonden met uitgevers, boekenindustrie, media, en uiteraard normen van politieke correctheid. Ik zie een averechts blogger de eerstkomende drie eeuwen nog geen Nobelprijs letterkunde krijgen.

En dan is er de Nobelprijs voor de Vrede. Bekend is dat Alfred Nobel (1833-1896) als uitvinder van het dynamiet op latere leeftijd moreel in de problemen geraakte, zeker toen hij een foutief doodsbericht van hem onder ogen kreeg, waarin hij als een “handelaar in de dood” werd gekwalificeerd. Beschouw die Vredesprijs maar als de koop van een volle aflaat.
De Vredesprijs is overigens de enige Nobelprijs waarvan de toekenning niet door een onafhankelijke commissie wordt bedisseld, maar door een comité van vijf leden, aangesteld door het Noors Parlement. Kissinger (verantwoordelijk voor de bombardementen op Cambodja in 1969 waarbij circa 800.000 burgers zijn gedood), Obama en de Europese Unie mogen met de trofee zwaaien. Ooit stond ene Adolf Hitler op de short list van genomineerden, namelijk in 1939, het jaar dat de tweede wereldoorlog uitbrak.

Maar goed, dit jaar is het boenk erop. Een prachtmeid is het, de 17-jarige Malala Yousafzai, die een aanslag van de Pakistaanse taliban overleefde, gewoon omdat ze naar school ging en ijverde voor het recht op onderwijs voor meisjes. Ook al zijn er duizenden activisten, jong en oud, mannen en vrouwen, die voor dezelfde rechten ijveren, het is voor allen een opsteker en een fameuze vuist naar de taliban die vrouwen als verhandelbare kamelen ziet.
Maar daarmee is ook die “Vredesprijs” as such voor discussie vatbaar. Waar onrecht bestaat, hebben we geen vrede nodig, maar het tegendeel, namelijk verzet en activisme. Ook Martin Luther King verdiende die prijs, maar niet als vredesstichter want dat was hij niet, integendeel, hij was een ambetanterik en opruier, bekijk de beelden van de mars op Washington in 1963.
De Nobelprijs voor de vrede gaat dus ofwel naar mensen die hem niet verdienen, ofwel naar mensen die hem wél verdienen maar in onvrede leven met een bepaalde toestand, en daar ook voor uit komen.
Ik heb dus enorme moeite met dat gehuichel in Stockholm. Soms is oorlog gewettigd, als er van onderdrukking sprake is. Herakleitos en Hegel indachtig, kunnen we er niet om heen dat strijd de essentie is van de geschiedenis, en dat macht moet beantwoord worden met tegenmacht, ongehoorzaamheid dus. En dat is Malala helemaal: ze is opstandig en strijdlustig, hoor haar maar eens bezig. Aan echte vredesapostelen hebben we in vele gevallen niets, want meestal gaan die voor de verzoening en het compromis, en eindigen ze aan de kant van het status-quo.

Dus afschaffen die prijs, ook al zoekt de geest van Alfred Nobel naar rust. Rechtvaardigheid lijkt me een juister streefdoel dan vrede. Een consensus zal daarover nooit bereikt worden, partij zullen we moeten kiezen. Altijd, telkens weer.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .