De ultieme bekentenis van sexperte Shirley

Om het nu eens niet altijd over de kommer en kwel van deze wereld te hebben, dit komkommerverhaal dat toch weer suggereert dat er meer aan de hand is.
Honderd jaar is ze dus geworden, psychotherapeute Shirley Zussman, die dus een heel stuk hedendaagse geschiedenis heeft zien passeren, met o.m. de voor haar vakgebied cruciale jaren ’60, de pil en de “seksuele bevrijding” die volgens haar uiteindelijk leidde tot een panische zoektocht naar lust zonder de intimiteit die daar bij hoort.
Vandaag is die intimiteit helemaal zoek, met het facebookexhibionisme, de virtuele connectiviteit via o.a. iPhone en, algemener nog, de ratrace naar geld, status, en macht waardoor fysieke en psychische banden broos worden. Relaties sneuvelen omdat de externe druk domineert. We worden geleefd en zoeken zelfs op relationeel vlak vooral de nuttigheidsfactor.
“Er wordt minder aangeraakt, minder gepraat, minder geknuffeld, minder gekeken. Mensen ervaren plezier wanneer ze naar elkaar kijken en lachen. We hebben aanrakingen nodig om ons gewild en geliefd te voelen. Dat ontbreekt zo hard in deze generatie. Ik snap niet hoe mensen dat niet missen” aldus het kranige besje.

Daar heeft ze zeker gelijk in. Maar onderhuids stelt ze ook haar eigen status van sexperte in vraag. Want het is vooral ook het legertje zielenknijpers, dat in het zog van de jaren ’60 de toon begon te zetten, die voortdurend dicteerden hoe we nog betere seks konden hebben, hoe we aan onze relatie moesten “werken”, en daarbij van allerlei neurosen moesten genezen. Anders gezegd: de sociologen, psychologen, terapeuten creëerden problemen om ze vervolgens op te lossen.
De verklaring is simpel. Door de democratisering van het onderwijs, en de plicht van elke hond met een hoed op om een universitair diploma te halen, ontstond er een overaanbod aan zgn. “menswetenschappers”.
De toename van academici en vorsers leverde een evenredige toename van “vorsers” en socio-psychologische beroepen op. Die moesten allemaal een zinnige invulling vinden van hun bezigheid, en verzonnen dus syndromen, ziektebeelden. Alles werd werkelijk geproblematiseerd. De kwakzalvers en handopleggers gingen eruit, de gediplomeerde zielenknijpers kwamen in de plaats. Zo is ook het beroep van sekstherapeut ontstaan. Elke relatie werd een “issue”, iedereen patiënt. Kinderen die niet konden stilzitten werd ADHD (“attention-deficit hyperactivity disorder”) toegedicht, een mysterieuze ziekte die met duurbetaalde therapeutische sessies kon bezworen worden, maar vooral ook met medicatie, zie het ondertussen beruchte Rilatine. De steile opgang van de naoorlogse farmaceutische industrie staat zeker in verband met deze medicalisering van alles en iedereen. Denk ook aan de anti-depressiva waarvan wij jaarlijks tonnen slikken.

Zo werden de geluksindustrie en de overprofessionalisering van de menswetenschappen een nieuwe bron van ongeluk. Iedereen is iets of wat geschift, heeft een probleem(pje) iedereen in therapie, iedereen op zoek naar zichzelf, een psychische balans, een dit, een dat.
Na honderd jaar bekent Shirley Zussman dat mensen gewoon meer tijd voor elkaar moeten maken, zich minder moeten laten opjagen en de (s)experten wandelen moeten sturen. Geef toe, dat is toch een mooie fin-de-carrière.

http://www.knack.be/nieuws/gezondheid/100-jarige-sekstherapeute-vertelt-wat-er-mis-is-met-ons-seksleven/article-normal-272609.html?utm_source=Newsletter-22/08/2014&utm_medium=Email&utm_campaign=Newsletter-RNBDAGKN&M_BT=1799438258928

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .