Wie schrijft, die blijft

Dit weekend in Parijs deelgenomen aan een colloquium over taal, tekst, internet en de toekomst van het boek. Ik mis dat in Vlaanderen toch wel: een open intellectueel klimaat voorbij het kliekjesdenken en de ons-ken-ons-cultuur die door de media ook consequent wordt onderhouden. Un Flamand à Paris, zodoende.
Soit, het bleek toch wel dat het geloof in het boek nog altijd zeer groot is in het intellectuele universum. Terwijl ik dat boek nu net achter me gelaten heb. Ik schrijf er geen, niet omdat ik het niet kan, maar omdat ik het niet wil. Wat voor de reguliere bibliofiel nog altijd een haast orgasmische ervaring is, de geur van het papier, het kaft, de verse inkt, het vasthouden, kunnen doorbladeren,… lijkt mij een geconditioneerd fetisjisme dat vooral uitgevers, drukkers en papierfabrikanten gelukkig maakt. Bovenal is het ook verspilling van grondstoffen en energie.
Veel fundamenteler nog, zie ik de ondertussen 500 jaar oude uitvinding van Gutenberg (die vooral bijbels wilde drukken, een niet onbelangrijk detail), als het verlengstuk van een religieuze waarheidsvisie: het Boek (met hoofdletter), zelfs als fictie, poneert een consistent “verhaal” waar de lezer iets aan moet hebben en dat zijn leven inhoud en zin geeft.
Daar heb ik het nu net moeilijk mee: een roman van, ik zeg maar wat, Michel Houellebecq houdt, hoe briljant ook geschreven (of juist daardoor), een exegetische dwang in om hem ook “juist” te lezen, te interpreteren, tot ons te nemen als geestelijk voedsel.
Deze rituele hostiecultuur wordt zelfs door grote cultuurketters beleden. Iedereen, zelfs de grootste boekenverbrander, wil zelf schrijven en zichzelf als auteur van een gedachte verheffen boven de naamlozen.

Waarom wil elke hond met een pet op in de bibliotheek terecht komen? Waarom wijzen ze die Gutenbergneurose zelf niet af, en verdwijnen, quasi, onopgemerkt, op het internet? Waarom wil ook een zelfverklaarde “popfilosoof” als Alain de Botton in de boekhandel liggen, op boekenbeurzen signeren, in de literaire bijlagen besproken worden, interviews kunnen geven? Dit dan weliswaar met boekjes, in het verkleinwoord, maar toch: mini-bijbeltjes die andere mensen zeggen wat ze moeten doen, denken, of minstens hoe ze dat boekje zelf moeten lezen?
Toen kwam langzamerhand de aap uit de mouw: schrijven doet men om de onsterfelijkheid te bereiken: “Wie schrijft, die blijft”. Doodsangst dus. Niet overweg kunnen met de vergankelijkheid. Of het nu de papieren versie is of het e-book: de tekst is een protocol waarmee iemand het leven voorbij de dood probeert af te kopen. Al de rest is alibi, verkoperspraat. Vroeger was het boek een Bijbel, nu is het een pact met de duivel.
Er zijn dan uiteraard ook een heleboel lui die niet mogen “blijven”, namelijk de lezers. Zij zijn per definitie sterfelijk. Voor één blijver moeten er toch minstens honderduizend dood gaan en vergeten worden, dat is zelfs een economisch rendabiliteitsgegeven.
Zo bekeken is het Boek een vampirisch object: terwijl de lezer meent dat hij iets “krijgt”, namelijk geestelijke verrijking, zuigt de schrijver hem langs die weg leeg. Temeer daar het leven van de “gewone mens” dikwijls stof vormt voor het verhaal. Het zou kunnen verklaren waarom we na het lezen van een roman van 600 blz ons zo suf voelen. Ik toch.
Die theorie ontspon ik al eens n.a.v. de dood van Harry Mulisch in 2010, een literair genie dat zelfs fysiek doet denken aan een vampierenfiguur. Hij leeft na zijn staatsbegrafenis eeuwig voort, wij, lezers, gaan eraan. Leeg zullen we worden, in naam van de volheid. Dood zullen we gaan, in naam van de eeuwigheid. Die van Harry dus, en de andere leden van de Herenclub.
Op Père Lachaise, het Parijse kerkhof der beroemdheden, liggen ze allemaal, de vereeuwigden. Hen een “tweede maal doden”, zoals men dat bij vampiers moet doen (een houten pin in het hart), zou een boeiende opdracht kunnen zijn, voor ons, lezers en stervelingen.
Hoe? Door hen te ont-lezen natuurlijk. Daarvoor vond ik zelfs geen Frans woord (dé-lire?), waarna het Vampierenbal vrolijk verder ging. Wordt vervolgd, in de Lage Landen.

http://visionairbelgie.wordpress.com/2010/11/11/van-herenclub-tot-vampierenbal/

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .