Ceci n’est pas mon pays

Als men nog zou kunnen vermoeden dat verkiezingen iets met democratie te maken hebben, dan schijnt in België nu het doek te zijn opgegaan van een slecht theater met middelmatige acteurs die onder elkaar een scenario uitspinnen waar een normaal mens van duizelt.
Bondgenootschappen, uitsluitingen, het Lakense colloque singulier, dictaten van monsieur Non, paringsdansen, tripartite, geen tripartite, in de coulissen verdwijnen, ondernemers die dreigen om mensen af te danken en hun boîte te sluiten als een bepaalde meerderheid zou gevormd worden (ook een merkwaardige vorm van democratie), kamikazecoalities,… ik probeer het als politiek analist allemaal te volgen, maar heb steeds minder zin om dit ernstig te nemen.
De media smullen ervan en poken het vuur op. Lees bijvoorbeeld de “strategische analyses” van Bart Sturtewagen in de Standaard: dat is geen informatie of duiding meer, dat is eindeloze hineininterpretierung en het toedichten van hogere wiskunde aan iets dat in se irrationeel en hallucinant is.

Mijn goede vriendin Maaike Dumont, met wie ik een bewondering deel voor filosoof/mediacriticus Jean Baudrillard, maar die heel afstandelijk staat tegenover mijn politieke overtuiging, zal toch moeten erkennen dat we hier de fase van het “simulacre” zijn ingetreden: een wereld van de schijn die, met dank aan de media, een eigen leven is gaan leiden en een soort surreële status heeft gekregen die elk gezond verstand tart.

Surrealisme, jawel. Let op: binnenkort komt de esthetische dimensie van de zaak op de proppen, en wordt de politieke impasse, met bijbehorende palabers, verkocht als een stuk nationaal-Belgisch cultuurpatrimonium: de valse bodems, de schijnbewegingen, de trompe l’oeuils,… met de tricolore hysterie er boven op rond een voetbalploeg die met één halve kans een match wint. Niets lukt, niets werkt, maar… zo zitten we nu eenmaal in elkaar. Met René Magritte als hofnar.
Terwijl het eigenlijk toch gewoon om een onbestuurbaar geworden land gaat, waarvan naar mijn bescheiden mening enkel de ordelijke opdeling soelaas kan brengen. Zoals huwelijken, van mensen die van elkaar totaal vervreemd zijn, beter kunnen ontbonden worden, zo is dit land, dat nu volgens alle politieke commentatoren weer een ellenlange formatieperiode te wachten staat, toe aan een boedelscheiding. Die komt er toch ooit, dus beter de korte pijn.
Het surrealisme is een mooie zaak, en ik kan Magritte en Delvaux best wel pruimen. Maar dan wel op doek, niet in het echte leven. Het theater dat ons nu wordt geserveerd, is onsmakelijk en pervers. En het herhaalt zich altijd opnieuw, wellicht omdat alleen de protagonisten er beter van worden. Zowel de Vlaamse als de Franstalige.
Een massaal “non” van het publiek zelf, is het enige juiste antwoord. Doek.

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .