Lintjestijd: weer ‘progressieve’ Vlamingen gelukkig gemaakt

Filosofe Alicja Gescinska ontvangt het ereteken van Commandeur in de Leopoldsorde

In mijn jongste boek ‘Kakistocratie’ neem ik de maat van De Standaard, als ‘een woke-krant die niet meer geïnteresseerd is in de waarheid, maar vooral ijverig op zoek gaat naar staatsvijanden en lieden die afwijken van de politiek correcte mainstream en de linksdraaiende weldenkendheid.’

Vandaag, 3 december, slaat DS terug, en hoe. Tom Heremans heeft blijkbaar ‘Kakistocratie’ ter hand genomen, en bezweert zijn lezers het boek niét te lezen, omdat ze de schrijver toch niet kennen en dat beter ook niet doen. Dat op zich is een interessante kronkel, want door mijn naam én de titel van het boek prijs te geven, zie ik de meer kritische DS-lezer al zo naar de boekhandel hollen. Het gaat zo:

‘U kent Johan Sanctorum vast niet en dat wilt u zo houden, geloof mij. Ik vermeld hem alleen omdat hij een boek heeft ­geschreven. Dat boek hebt u vast niet gelezen en dat wilt u zo houden, geloof mij. Ik vermeld het alleen omdat het van pas komt als inleiding bij dit stukje. Het gaat over kakistocratie. Dat woord kent u vast niet, maar Van Dale wel, het betekent ‘landsbestuur door slecht gekwalificeerde leiders’.

Het komt hierop neer: dit land wordt geleid door een bende lapzwansen van heb ik jou daar die zich politici noemen en die zich laten bijstaan door een schare stoethaspels van likmevestje die zich experts noemen. Ze zouden beter allemaal opstappen, of luisteren naar mensen die wél weten hoe het moet, toch als je mag afgaan op hoe ze aan de zijlijn staan te toeteren. Sanctorum, zegt u? Doe niet onnozel. Wie dan wel?’

Opkuis in eigen rangen

Een onlezenswaardig boek van een schrijver die u niet kent en dat moet u zo houden (DS)

De rest van de column gaat over schrijver Stefan Hertmans, de inleiding diende maar als sneer en waarschuwing. Dank daarvoor. Maar guess what, ook de deugdelijk gereputeerde Hertmans, winnaar van de Constantijn Huygens-prijs 2019 voor zijn gehele oeuvre, wordt door onze DS-redacteur ontmaskerd als een zuurpruim die wel ‘Kakistocratie’ lijkt gelezen te hebben, omdat hij vaststelt dat het met deze planeet en zijn machthebbers niet de goede kant opgaat. Nog even en er komt een inleiding als ‘U kent Stefan Hertmans vast niet en dat wilt u ook zo houden…’.

Wie bij De Standaard goed aangeschreven staat moet zich dringend zorgen maken; wie erdoor wordt verguisd ook, want nachtelijk bezoek behoort dan tot de mogelijkheden.

Dat is een opmerkelijke wending: de opkuis in eigen rangen wegens niet zuiver genoeg. Na de verbanning van de usual suspects ter rechterzijde is DS nu ook begonnen aan een zoektocht naar ‘verraders’ binnen wat nog als politiek mainstream kon gelden. Reden ook waarom die brave, jolige mijnheer Rik Torfs ineens ook werd ontmaskerd als behorende tot het netwerk van de extreem-rechtse ‘terrorist’ Yannick Verdyck, tijdens een nachtelijke razzia neergekogeld door Special Forces.

Van twee zaken één: wie bij De Standaard goed aangeschreven staat moet zich dringend zorgen maken; wie erdoor wordt verguisd ook, want nachtelijk bezoek behoort dan tot de mogelijkheden. Eén conclusie dringt zich op: een niet te lezen krant en dat wilt u zo houden, geloof me.

Suprematisme

Stefan Hertmans, commandeur in de kroonorde

Maar goed, laten we het even over Stefan Hertmans hebben. Als schrijver mag ik hem wel omwille van zijn uitstekend Nederlands, de dag van vandaag niet meer zo evident. Hij is meer een woordkunstenaar dan een romancier, een dichter in prozastijl die ook wel aan de goede kant van de geschiedenis wil staan. Om dat te bewijzen neemt hij zijn toevlucht tot iets wat een Vlaams literair genre op zich is geworden: de collaboratieroman. 

In zijn geval werd dat ‘De Opgang’, waaraan literatuurcriticus Frank Hellemans een pertinente recensie wijdde. Elke Vlaamse schrijver die zich politiek wil zuiveren van ons genetisch defect waagt er zich aan. De collaboratie wordt als onverslijtbaar historisch paradigma verkocht, dat blijft verklaren waarom de Vlamingen vandaag zo achterlijk zijn en telkens weer voor de foute partij(en) stemmen. En waarom ze De Standaard en progressieve schrijvers moeten lezen om ervan te genezen. Een cliché dat tot in den treure wordt herhaald en op de duur uitmondt in regelrecht politiek correct suprematisme. Hertmans verwijt de Vlaams-nationalisten bekrompenheid en een gebrek aan progressief élan, maar de oogkleppen vindt men evenzeer aan de overzijde terug, met name bij de progressieven zelf.

De vraag die zich opdringt: huldigt het Hof  zo’n schrijver voor zijn literaire verdienste, of voor zijn regimetrouw?

Dat het Vlaams-nationalisme ook zou kunnen groeien tot een Vlaams-republikeinse beweging als de linkerzijde zelf wat positiever naar dit onafhankelijkheidstreven zou kijken, komt in hen doodeenvoudig niet op. Reden waarom schrijvers als Stefan Hermans, Jeroen Olyslaegers (ook auteur van een ‘collaboratieroman’), Erwin Mortier, en in de lagere echelons Kristien Hemmerechts, het meest conservatieve Belgicisme belijden, een archaïsche instelling als de monarchie bejubelen, en maar al te graag een koninklijk ereteken aanvaarden. Stefaan Hertmans mag zich Commandeur in de Kroonorde noemen, een onderscheiding die door niemand minder dan Leopold II werd ingesteld. Als kenmerk van politiek bewustzijn kan dit tellen. De vraag die zich opdringt: huldigt het Hof zo’n schrijver voor zijn literaire verdienste, of voor zijn regimetrouw?

Bijna-orgasme

Filosofe Alicja Gescinska, kersvers commandeur in de Leopoldsorde

Het blijft inderdaad intrigeren hoe zich progressief noemende intellectuelen als 18de eeuwse lakeien in de stoet gaan.  Dat zo’n schrijver literaire prijzen ambieert, daar alle begrip voor. Ook al gebeurt dat via schimmige jury’s en onduidelijke banden met uitgeverijen, het stimuleert de verkoop. Maar koninklijke eretekens? Bijna een orgasme krijgen als men ten paleize ontvangen wordt?

Op haar Facebookpagina pronkt Alicja Gescinska met haar pas verkregen lintje van Commandeur in de Leopoldsorde. Deze schrijfster laat zich graag kennen als filosofe voor wie de verlichtingsidealen en het vrijheidsprincipe primeren. In 2019 stond ze nog op de Europese lijst van Open-VLD. Van iemand die als kind uit het communistische Polen naar ons land migreerde, snap ik psychologisch wel de hang naar een koninklijke erkenning en de liefde voor onze democratie. Maar van een ‘progressieve’ filosofe zou je mogen verwachten dat ze daar doorheen kijkt, beseft dat dit theater is, dat ons systeem niet deugt en, horresco referens, steeds meer totalitaire trekjes krijgt.

Ik kijk uit naar zo’n schrijver of intellectueel die eens een koninklijk ereteken weigert, en dààr een publicitaire stunt van maakt.

Die waakzaamheidsreflex ontbreekt compleet bij onze literaire elite. Ik kijk uit naar zo’n Vlaamse schrijver of intellectueel die eens een koninklijk ereteken weigert, en dààr een publicitaire stunt van maakt. Zeker met die door Leopold II ingestelde orde moet dat toch lukken. Of word je alleen maar uitgekozen als men weet dat je het zult aanvaarden? Dan moeten we echt van een regimecultuur spreken. Waarin er ook boeken zijn die u niét moet lezen van schrijvers die u niét hoort te kennen, geloof mij.

De voorstelling van ‘Kakistocratie – Pleidooi voor méér antipolitiek’ is ondertussen achter de rug. Het boek is al aan de tweede druk toe. Bestellen kan bij Doorbraak-boekhandel, of, indien u een gesigneerd exemplaar thuis bezorgd wil krijgen, via de blog van de auteur.

Advertentie
Geplaatst in Cultuur, Kakistocratie, Sterke Vlaamse verhalen | 18 reacties

De moeder van alle boekvoorstellingen nadert!

Donderdag e.k., 1 december, stelt Doorbraak-columnist Johan Sanctorum zijn nieuw boek voor, getiteld Kakistocratie – Pleidooi voor méér antipolitiek’. We peilden even naar een stand van zaken en wat we mogen verwachten.

– Hoe staat het met de organisatie van uw boekvoorstelling, loopt alles naar wens?

– ‘O jawel. Prima zaalkeuze, toffe inleider. We wilden het oorspronkelijk in de gevangenis van Leuven-Centraal doen, met Dennis Black Magic, die daar momenteel vertoeft, als presentator.’

-… de man die het staatsgeheimpje van Alexander De Croo aan P-magazine doorspeelde, waarna het in het boek van Wouter Verschelden terecht kwam.

– ‘Juist, maar de directie gaf geen toelating, het ontsnappingsgevaar was te groot.’

-.. en misschien ook wel het risico dat ze u daar gingen houden.

– ‘Ook al. Dus werd het De Kam in Wezembeek-Oppem. Heel makkelijk bereikbaar vanaf de Brusselse Ring. Mooie zaal met een bar met tal van streekbieren.’

– Ook niet onbelangrijk. Het boek zelf was geen makkelijke bevalling, vernam ik in de wandelgangen.

– ‘Neen, heel het opzet, de titel, de cover met de scabreuze ets van James Ensor, de teksten zelf, zijn zo radicaal dat er zelfs binnen het leescomité een discussie ontstond. Maar Pieter Bauwens en de uitgeversploeg zijn achter mij blijven staan, ik ben er hen zeer dankbaar voor. De lezer zal krijgen wat hij verwacht. Iets tussen een gedegen analyse, een opruiend manifest, en aangenaam onderhoudende toiletlectuur.’

Een soort orgelpunt

– Waar plaatst u dit geschrift ergens in de serie boeken over politiek en media die jaarlijks uit uw pen vloeien? 

– ‘Aan de uitgang, uiteraard, het is een afsluiter, een soort orgelpunt. Ik neem het op voor de ontgoochelde burger die vaststelt dat het met de politiek en het beleid van langsom erger wordt. De kakistocraten zijn aan de macht, de onbekwame despoten en despootjes die vooral in de Belgische constructie gedijen. Dit regime valt niet te hervormen, we moeten het afwijzen. Dat gevoel van dégout speelt ook sterk bij jongeren. Het is mijn erfenisstuk aan de jeugd. Het vleit me enorm dat mijn zoon van 20 en zijn vrienden, die ik passages liet lezen, er zich in herkennen.’

– Weinig kans wel dat men u in De Afspraak zal uitnodigen… Vind u dat een probleem?

– ‘Neen, ik vind het zelfs een eremerk, een kwaliteitslabel. Als ik in TV-talkshows verschijn, organiseer ik mee de spektakeldemocratie en behoor ik tot het kransje geaccrediteerde opiniemakers. Interesseert me totaal niet. Zo’n presentatie geven vind ik wél boeiend, daar kan ik mijn ding doen zonder elke halve minuut door een kwekkende eend als Kathleen Cools of Phara de Aguirre onderbroken te worden. Nadien mag en moet het publiek uiteraard kunnen reageren.’

– De zaalopwarmer van dienst is Krasse Kris alias Kris van Spitael. Hoe zou u hem omschrijven?

– ‘Hij is een compagnon-de-route en eveneens wat men noemt een ‘outsider’, iemand met een politiek incorrect etiket. Gladde komieken, daar hebben we niks aan, dat is TV-entertainment. Kris schuimt de Vlaamse zalen en zaaltjes af met een show die een beetje ‘schuurt’. Daaruit krijgen we een kwartiertje degustatie.’

– De hamvraag: wat kan er nog komen na ‘Kakistocratie’, als het laatste hoofdstuk ‘Exit’ heet?

– ‘Alles. De actualiteit is voor mij als schrijver en columnist een onuitputtelijke bron van inspiratie. De werkelijkheid is zo hilarisch dat ik nooit één dag verlegen zit om een onderwerp. Maar evengoed kan ik hierna iets totaal anders gaan doen. Ik ben een fervent pianospeler, misschien bereid ik eens een recital voor. Met 20ste eeuwse Russen, mijn favoriete muziek. Of ik ga een roman schrijven. Of een café openen, we zien wel.’

– Doet er me aan denken dat de Duivels spelen die donderdag. Vreest u niet voor de opkomst?

– ‘De match is om 16u, heb ik gezien. Mijn lezing is een ideale nabespreking. Met hun slecht, lamlendig voetbal zijn Hazard en C° het symbool geworden van de Belgische kakistocratie. Kibbelende ouderlingen die hun laatste adem uitblazen in een sharia-dictatuur zonder bier. Geef toe: de realiteit overtreft soms elke karikatuur.’

Boekvoorstelling Johan Sanctorum: ‘Kakistocratie – Pleidooi voor méér antipolitiek’ (Uitgeverij Doorbraak)

Donderdag a.s. 1 december om 20h

C.C. De Kam, Beekstraat 172 – 1970 Wezembeek-Oppem

Iedereen welkom! – De auteur signeert achteraf bij een drankje.

Geplaatst in Kakistocratie | 3 reacties

Ja, er is een ‘Marokkaans probleem’

En het gaat over méér dan voetbal en supportersgeweld

Brussel, zondag 27/11

Wat iedereen verwachtte is ook gebeurd: gewelddadige rellen in Brussel en Antwerpen, na de WK-match België-Marokko zondagnamiddag. Onze vreugde over het verlies van de Rode Duivels hebben we hier bescheiden gevierd met een streekbiertje en wat chips, maar in Brussel-stad ging het er anders aan toe, en kregen we weer de beelden van gevechten in regel van ‘feestende jongeren’ met de ordediensten en een hoop ingeslagen ruiten. De commentaren in de media en de politiek zijn ook klassiek: van ‘bedroevend’ (minister Annelies Verlinden) over ‘een kleine minderheid van krapuul die het voetbalfeest bederft’ (alle media, ook VTM en VRT waarvan de journalisten slaag kregen), tot ‘misschien lokte de politie de rellen wel een beetje uit met hun opzichtig vertoon en waterkanon’ (woke-kranten als De Standaard).

Deze mix van verontwaardiging en relativering laat de Brusselse Anspachlaan daags nadien zien alsof supporters wat te enthousiast te keer gingen en er wat verkeerslichten sneuvelden. Terwijl men toch de elementaire moed moet hebben om een paar zaken te benoemen, dat zou helpen in de remedie ten gronde: 1) Dit gaat niet over voetbal, dat is maar de aanleiding 2) Dit is de periodieke manifestatie van een gewelddadige (Marokkaanse) subcultuur die men beter ernstig zou nemen in plaats van ze te relativeren. En 3) Het probleem negeren maakt het alleen maar erger.

Crypto-activisme

Allochtoon vandalisme is niet nieuw in Brussel, de handelaars hebben ermee leren leven. In gemeenten als Anderlecht en Molenbeek domineert een gistende subcultuur die zelfs aanleiding geeft tot no-go-zones, waarvan de overheid het bestaan ontkent. Het zijn enclaves van crypto-activisme, gevoed door een cocktail van Marokkaans nationalisme, vermengd met moslimressentiment tegen de ‘westerse samenleving’, het daaraan verbonden haatdiscours van een tweede en derde generatie die er niks van bakt op school en ook aan deze maatschappij niet wil deelnemen, en gewoon het plezier om in groep keet te schoppen. Daarboven op behoort criminele bendevorming tot het normaal en is de drugshandel de dominerende economische activiteit (de uit Nederland overgewaaide Mocro Maffia).

De ‘Marokkaanse gemeenschap’ is een maatschappelijk eiland met eigen codes, regels, en een door het geloof ondersteunde polarisatielogica. Ze sluimert permanent, ze domineert de straat, het voetbal brengt het alleen op TV.

Al deze aspecten zijn met elkaar verbonden, ze vormen één cluster. Meer nog: de subcultuur overleeft en gedijt omdat ons systeem haar zelf voedt. Onder meer door het handhaven van de dubbele nationaliteit, de door de overheid zelf aangemoedigde band met het land van origine, en het zien van een Marokkaanse gemeenschap als een ‘verrijking’ in de multiculturele samenleving. Dat maakt dat dit soort rellen ook nooit echt socio-politiek geanalyseerd worden, maar integendeel toegedekt worden met allerlei excuusdoctrines, zoals kansarmoede, het jeugdig testosteron, het feit dat wij hen niet aanvaarden en hen als ‘witte’ racisten zouden uitsluiten, en zo verder.

Districtsburgemeester van Borgerhout Marij Preneel (Groen) betreurt de incidenten en vindt dat het inschakelen van straathoekwerkers de oplossing is. Dat is een ronduit lachwekkende ontkenning van het probleem, en moedigt dat soort vandalisme nog aan, door de jongeren zelf beleefd als een soort bevrijdingsoorlog tegen de westerse cultuur. Er is dus iets breeds aan de gang. De ‘Marokkaanse gemeenschap’ is een maatschappelijk eiland met eigen codes, regels, en een door het geloof ondersteunde polarisatielogica. Ze sluimert permanent, ze domineert de straat, het voetbal brengt het fenomeen alleen op TV. Er zijn nog andere allochtone eilanden zoals de ‘Turkse gemeenschap’, die evenzeer een vorm van anti-Westers activisme belijden, zij het minder opzichtig. Een samenleving die deze toxische subculturen gedoogt, ondergraaft zichzelf.

Existentiële onzekerheid

De aldaar wonende VRT-journalist Riadh Bhari ziet vooral een probleem in de aanwezigheid van de politie, en wil naar de winkel.

Nog duidelijker gesteld: dit soort ‘gemeenschappen’ zijn echte sociale gifbelten. Ze blijven roken, en ontvlammen af en toe in gelegenheden als deze, waarna iedereen schrikt. Mensen moeten voor de keuze gesteld worden of ze al dan niet tot onze samenleving willen behoren. Ongeacht ras, overtuiging of geaardheid. Zo ja, dan is opgaan in ons waardenstelsel en onze taal en cultuur een must. Via onderwijs, een consequente taalpolitiek, en een écht integratieparcours, waardoor ‘gemeenschappen’ van dit soort, die eigenlijk explosieve clusters van haat zijn, definitief oplossen. Zo neen, dan is remigratie de enige oplossing. Al deze mensen hebben de Marokkaanse nationaliteit, dus dat kan geen probleem zijn.  Iedereen mag supporteren voor de voetbalploeg die hij/zij verkiest, maar als er bij een tornooi dit soort etnische revoltes opduiken, mogen de alarmbellen afgaan.

De politici van links en het centrum hebben de allochtone stemmen nodig, en de grote diversiteitsdoctrine, door de monarchie sterk gepromoot, moet dit land een schijn van eenheid-in-verscheidenheid geven. Dus moeten we dit soort uitwassen er maar bij nemen.

Dat dit aanleunt bij een VB-standpunt, maakt me niets uit, evenmin de mogelijke verwijten van ‘racisme’. Zo lang men deze socio-culturele analyse niet wil maken -die uiteraard tot politieke conclusies moet leiden-, zal het Marokkaanse probleem blijven voort etteren als een non-issue. In een bredere context wortelt de laksheid, waarmee de overheid het probleem ontkent, in de overlevingsdrang van België en dit regime, en reken daar ook het Vlaamse politiek establishment maar bij. De politici van links en het centrum hebben de allochtone stemmen nodig, en de grote diversiteitsdoctrine, door de monarchie sterk gepromoot, moet dit land een schijn van eenheid-in-verscheidenheid geven. Dus moeten we dit soort uitwassen er maar bij nemen.

De allochtone ‘gemeenschappen’ in de grootsteden voelen die existentiële onzekerheid van het systeem en de politiek perfect aan, daarom daagt men de ordediensten ook uit en kan Vincent Houssin van de politievakbond VSOA alleen maar mopperen dat de verontwaardigde tweets van de verantwoordelijke minister een alibi vormen om niets te doen. Houssin raakt daar, binnen zijn beperkte vrijheid van spreken, een cruciaal punt aan: politici moeten wat minder tweeten en wat meer handelen. Het gaat niet over ‘enkele jongeren’ en ook niet over wat supportersgeweld, maar over een sociologisch fenomeen en een politieke realiteit. Namelijk deze van een etnische oorlog met Brussel als epicentrum en de islam als brandversneller. Gelukkig dat De Bruyne en C° eerstdaags de aftocht blazen. Is dat probleem toch al van de baan.

Opgelet: nu donderdag 1 december om 20h stelt Johan Sanctorum zijn boek voor ‘Kakistocratie – Pleidooi voor méér antipolitiek’. Niet te missen!

Met signeersessie en drink. En voorafgegaan door een comedy-act van Krasse Kris.

Plaats: C.C. De Kam, Beekstraat 172 – 1970 Wezembeek-Oppem

Makkelijk te bereiken via de Brusselse Ring – Reserveren niet noodzakelijk, u bent welkom.

Geplaatst in Kakistocratie, Multicul | 11 reacties

Opent Bart De Wever zijn diepvriezer?

‘Ik wil met de PS nog maar over één ding spreken: confederalisme. Status quo is het ergste wat Vlaanderen kan overkomen. De kiezer moet kiezen: ofwel stemt u voor de huidige regeringspartijen en dan kiest u voor uw eigen ondergang. Ofwel stemt u voor N-VA en dan neemt u misschien een risico, want wij willen een totale omslag realiseren.’

Met deze gespierde uitspraak -waarin concurrent Vlaams Belang, volgens de peilingen de grootste Vlaamse partij, niét wordt vermeld- trapte NV-A-voorzitter eigenlijk de Vlaamse en federale verkiezingen van 2024 op gang. Het interview op Radio1 ging uiteraard niet onopgemerkt voorbij: zal de N-VA eindelijk de diepvries openen waarin ze het communautair verhaal stak?

‘Uitrookstrategie’

Bart De Wever in zijn overwinningstoespraak, 2014

De geschiedenis van die diepvriesmetafoor is gekend: om in 2014 de Franstalige liberalen mee in de regering krijgen, met Charles Michel aan het hoofd, moest de N-VA haar communautaire eisen opbergen die ze met veel bombarie in de verkiezingen had onderstreept. Het heette dat dit vooral een centrumrechtse regering van de economische relance zou worden. Voor Vlaanderen gold ook de boodschap dat een rechtse federale regering zonder Waalse socialisten het Franstalig landsgedeelte zodanig op de zenuwen zou werken, dat links er zelf zou aansturen op een boedelscheiding.

De Vlaamsgezinde kiezers van de N-VA slikten dat diepvriesverhaal maar met grote moeite. Het werd een running gag waarbij de partij de grootste moeite had om de bocht uitgelegd te krijgen na de klinkende overwinning. De ‘uitrookstrategie’ werkte ook niet, dat moet De Wever toch op voorhand beseft hebben. De PS bleef na 2014 in haar rustige zelve oppositie voeren onder het sarcastische motto ‘On n’est demandeur de rien’, en bekommerde zich vooral om de strijd tegen haar extreemlinkse concurrent PTB.

De PS bleef na 2014 in haar rustige zelve oppositie voeren onder het sarcastische motto ‘On n’est demandeur de rien’ 

In 2018 constateerde de N-VA dat de peilingen er niet rooskleurig uitzagen, en dat ze op de rechterflank aanhang verloor. Het Vlaams Belang speelde de diepvriessmoes handig uit en bleef de stiefzusterpartij confronteren met haar rol van gegijzelde door de Franstalige liberalen, die evenmin een einde van België voor ogen hadden (en hebben). Dus zag De Wever zich genoodzaakt om de stekker uit de federale regering te trekken naar aanleiding van het zogenaamde Marrakesh-migratiepact, waarna Michel-II aantrad die het maar tien dag vol hield en dan in lopende zaken overging.

De N-VA rekende zich al rijk bij de verkiezingen van 2019, maar ook de Marrakesh-truc werkte niet, het diepvriestrauma bleef hangen: de Vlaamsgezinde en rechtse kiezer verkaste massaal naar het Vlaams Belang. N-VA verloor acht zetels, CD&V en MR verloren elk zes zetels en Open Vld verloor er twee. Het Vlaams Belang won maar liefst 15 zetels. Bart De Wever verkocht dit als een ‘overwinning van rechts’, maar het was duidelijk dat zijn partij een geloofwaardigheidsprobleem had.

De olifant in de kamer

Tom Van Grieken (VB): steeds groter, naarmate de N-VA het cordon volhardt

Meteen zag in Vlaanderen een ‘Zweedse’ regering het levenslicht, met N-VA, CD&V en Open-VLD als partners. Het Vlaams Belang, de grote overwinnaar van de verkiezingen, was geen optie. Dixit De Wever: ‘Vandaag niet, maar ook morgen of volgende week of volgende maand. Het is mijn overtuiging dat dat onveranderlijk is’. Vervolgens schoot de Jambon-regering uit de startblokken om na luttele meters al vooruit te strompelen: waarnemers van allerlei slag beschouwen deze als de zwakste Vlaamse regering ooit.

Sindsdien is de N-VA een verscheurde partij, waarin de pragmatisten (aangevoerd door Bart De Wever) en de radicalen (vooral rond Theo Francken) onder de waterlijn strategische discussies voeren. Vijf jaar bleek niet genoeg om de Franstaligen vragende partij te maken voor een staatshervorming. Elio Di Rupo (PS) liet wel langs zijn neus weg verstaan dat hij het afnemende solidariteitsmechanisme in de financieringswet wil heroverwegen, maar werd snel teruggeroepen door Paul Magnette en andere Franstalige partijen. De N-VA beseft dat men ten zuiden van de taalgrens nog steeds meer te verliezen dan te winnen heeft bij een verdere uitkleding van België.

Zowel inzake migratie als inzake Vlaamse autonomie lijkt het Vlaams Belang een veel rechtlijnigere partij. En rechtlijnigheid is wat de ontgoochelde, zich van ‘de politiek’ afkerende burger zoekt. 

Voor de grote olifant in de kamer, de Vlaams Belang-kiezer, is het geduld eigenlijk op, en wordt de N-VA gepercipieerd als een machts- en systeempartij die vooral veel te verliezen heeft bij radicale veranderingen, en zich verliest in tactische spelletjes. Het idee om de rechts-economische kaart uit te spelen en het communautaire kluwen zo uit het zicht te houden, lijkt niet meer te werken. Met het motto van ‘inclusief nationalisme’ lijkt de partij anderzijds al evenzeer de kool en de geit te willen sparen. Zowel inzake migratie als inzake Vlaamse autonomie lijkt het Vlaams Belang een veel rechtlijnigere partij. En rechtlijnigheid is wat de ontgoochelde, zich van ‘de politiek’ afkerende burger zoekt. Bovendien, naarmate de de N-VA het cordon volhardt, neemt de aanhang van het VB toe. Een kei van een dilemma.

Achter de schermen

Sander LoonesSander Loones: de N-VA-spreekbuis bij uitstek

Figuren als Sander Loones moeten deze kloof tussen pragmatisten en radicalen dichtrijden, of tenminste camoufleren: nu luidt het dat een paradigmashift -een draak van een term- het land uit de impasse kan verlossen. Er moet gepraat worden met de PS, hoe dan ook, en Wallonië moet overtuigd worden dat het eveneens gebaat is bij een confederale hervorming, een soort tweestatenbond met een speciaal hoofdstedelijk statuut voor Brussel. Er zouden een federale regering en parlement blijven die de gezamenlijke bevoegdheden beheren, en ook de monarchie mag behouden blijven.

Van belang is dat deze constructie er enkel kan komen met een twee derde meerderheid in de federale kamer, dus met akkoord van de Franstaligen, in casu de PS: deze partij houdt de sleutels in handen. Bovendien moet elk artikel van de grondwet voor herzienbaar verklaard worden door de kamer alvorens die zich ontbindt. Akkoord van Franstalig België onmisbaar dus. De huidige Vivaldi-regering werkt van geen kanten meer, maar de oppositie aan Vlaamse kant, vooral dus de N-VA, is er een van pappen en nathouden. En de telefoon in de gaten houden tot Paul Magnette eens belt.

Het is interessant wat Loones zegt, hij wordt beschouwd als de spreekbuis van de partijtop, vooral van voorzitter De Wever himself. In de lokale pers ventileert hij enkele van de strategische basislijnen waaraan ‘achter de schermen’ gewerkt wordt. Daarin blijkt de as N-VA-PS springlevend (‘De PS is pas de derde grootste partij, maar wel incontournable. Kijk: wij mikken inderdaad op een historisch akkoord met de PS. Dat is geen geheim meer. Dat is de reden waarom Bart De Wever al maanden achter de schermen aan het werken is.’)

Zoete broodjes

Paul Magnette - WikipediaPaul Magnette (PS): als het confederalisme er komt, zal het op zijn condities zijn

Van een voluntaristische autonomie-eis vanuit het Vlaamse parlement is geen sprake, want dan komt het verfoeilijke Vlaams Belang in beeld. Dus weerom geleidelijkheid en negociatie, waarin de PS de dans leidt (‘Wij zijn geen revolutionaire partij. Wij zijn bereid om te onderhandelen.’). Het confederaal model kan enkel afgekocht worden mits een aantal transfers gegarandeerd blijven (‘Het confederalisme bevat zelfs een stevig luik solidariteit. We moeten de Franstaligen daarvan overtuigen.’)

Dat zijn allemaal geluiden die, als men ze naast het recente radio-interview met Bart de Wever legt, toch duidelijk maken dat 1) Bart De Wever aan een nieuw rondje begonnen is van de ‘nuttige stem’ (niet voor het VB dus),  2) het cordon elk V-front op Vlaams niveau uitsluit, en 3) men zijn lot in de handen legt van de PS.

Dat is een oude strategische doctrine die weer wordt afgestoft. Paul Magnette is uitgekookt genoeg om te beseffen dat de N-VA zich hiermee veroordeelt tot weer lange onderhandelingen, met het Hof als discreet toekijkende derde, en dat de confederale constructie, als die er komt, nooit de transfers zal doen verdwijnen. Overigens heeft Georges-Louis Bouchez (MR) in De Zevende Dag nog eens bevestigd dat De Wever wat hem betreft geen schijn van kans maakt met zijn confederalistische ballon. Een centrumrechtse Belgische regering met de N-VA kan voor hem wel. Dan zijn we terug in 2014. De processie van Echternach noemt men dat, maar dan achterwaarts.

Opgelet: nu donderdag 1 december om 20h stelt Johan Sanctorum zijn boek voor ‘Kakistocratie – Pleidooi voor méér antipolitiek’. Niet te missen!

Met signeersessie en drink. En voorafgegaan door een comedy-act van Krasse Kris.

Plaats: C.C. De Kam, Beekstraat 172 – 1970 Wezembeek-Oppem

Makkelijk te bereiken via de Brusselse Ring – Reserveren niet noodzakelijk, u bent welkom.

Geplaatst in Het politiek theater, Kakistocratie, Vlaams | 9 reacties

Fernand Huts en zijn Boerentoren: ‘grootsheid’ of megalomanie?

Als Fernand Huts iets doet, is het niet bescheiden. Hij is baas van het grootste Antwerpse logistieke bedrijf Katoennatie, kocht onlangs ook de Mexico Natie erbij, en is een gepassioneerd kunstverzamelaar. Een groot man die op de kleintjes let. Katoennatie heeft 800.000 vierkante meter zonnepanelen op het dak liggen, goed voor 15 miljoen euro subsidies per jaar waardoor de energiefactuur van mensen die in het Waasland wonen aardig oploopt. In Zeeuws-Vlaanderen kocht hij via zijn Luxemburgse vennootschap een groot lot percelen, eigendom van de stad Gent, achter de rug van kleine boeren die geen kans kregen om te bieden. Van Voka kreeg hij een gouden plaat in de Galerij der Prominenten.

Die kleine boeren mogen nu wel hun gezeur staken: Huts gaat de Antwerpse Boerentoren, die hij twee jaar geleden van de KBC kocht, opfrissen met een riante toren-op-de-toren. Niemand minder dan de internationale sterarchitect Daniel Libeskind staat voor het ontwerp. Bekend van onder meer het Ground Zero monument in New-York, het Congrescentrum in Bergen, imposant-futuristische museumgebouwen in Denver/Colorado, Vilnius/Litouwen, en de 192 meter hoge wolkenkrabber Zlota 44 in Warschau.

Libeskind betekent echte Waw!-architectuur. Het uitdagen van zwaartekracht en een kubistische explosie van vlakken vormen zijn visitekaartje. Traditie en verleden zijn bijzaak: deze modernist wil scoren met verwarrende complexiteit. Men noemde hem jarenlang ‘de papieren architect’. Enig bruuskeren van het publiek hoort daarbij (‘mensen snappen dat toch niet’), evenals het verheerlijken van de ontworteling, tot op het oikofobische af. Moderne architecten zijn globalisten, hun artefacten horen thuis van de pool tot de evenaar, van New-York tot Shangai.

Gebroken armen en benen

Het Antwerpse justitiepaleis (2006), in de volksmond altijd ‘de frietzakken’ gebleven

Nu weet ik vanuit mijn vorig leven bij een groot architectenbureau dat iets wat er mooi en exuberant uitziet op de tekentafel en in 3D-animaties, daarom nog niet werkt in de realiteit. Na de bouw van het nieuwe Antwerpse justitiepaleis (ontwerp Richard Rogers), bleken de deuren te klein om de gevangeniswagens te laten binnenrijden. Oeps, foutje. Tot op vandaag beno emt de modale Antwerpenaar het gebouw als ‘de frietzakken’, omwille van de opzichtige puntige uitsteeksels die zeilboten moesten voorstellen.

Er bestaat een uitgebreid blunderboek in de modernistische architectuur, die meer op effect en oogverblinding is gericht dan op eerlijke functionaliteit. Van de 20ste eeuwse architect Le Corbusier is bekend dat het binnen regende in zijn bouwsels met platte daken. De glazen voetgangersbrug over het Canal Grande in Venetië, getekend Santiago Calatrava, is feeëriek mooi maar ook spiegelglad bij nat weer, en leverde al tal van gebroken armen en benen op. De stad voorziet de brug nu van rubbermatjes: niet conform het architecturale plaatje, maar wel nuttig. Rond de sneeuwwitte vloeren van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen, die vanaf de openingsdag al vol met zwarte vegen stonden, een ideetje van het exclusieve architectenbureau Kaan, zijn ook al tal van moppen in omloop.

Er bestaat een uitgebreid blunderboek in de modernistische architectuur, die meer op effect en oogverblinding is gericht dan op eerlijke functionaliteit.

Daarmee hebt u al een paar namen gekregen uit het clubje van vedette-architecten. Sterarchitectuur staat vooral in dienst van prestige. De bouwheer verkoopt niet alleen een plan, maar ook zijn naam, een merk, en dat mag iets kosten. Aan de andere kant willen steden ‘landmarks’, zo heet dat in het city marketing jargon, die verbluffen, toeristen aantrekken, en liefst 500 jaar meegaan. Wat meteen ook de bouwheer eeuwige roem zal opleveren. Dat kan tegenvallen: weinig hedendaagse gebouwen halen een halve eeuw. Het beton en de bewapening zijn er gewoon niet op berekend. En niets veroudert zo snel als modernisme.

Fallocratisch

Het ‘lelijkste gebouw van Europa’ staat pal in het midden van Antwerpen, naast de opera

Over de drang om in de hoogte te bouwen en de hemel in te pieken zouden we lange Freudiaanse bomen kunnen opzetten. Van de piramides, over de kathedralen en belforten, tot de hedendaagse wolkenkrabbers moet hoogte macht, rijkdom en autoriteit weerspiegelen. Wie uitzicht heeft over de omgeving, is tactisch in het voordeel én staat dichter bij God. Vrouwen probeerden dat in de jaren ’60 met het haartorentje, ‘dot’ genoemd, maar verder zijn ze niet geraakt: de torenbouw is mannelijk-fallocratisch bij uitstek. Het gaat erom de grootste te hebben, schoonheid en zin voor proportie zijn bijzaak.

Edoch, met hoogbouw moet men opletten, zeker in de binnenstad. De 100m-hoge, in 1974 geopende Antwerp Tower (foto), pal naast de Vlaamse opera en op een boogscheut van het Centraal Station, staat geboekstaafd als een van de lelijkste gebouwen van Europa. Plannen om hem af te breken werden in 2017 door het toenmalige stadsbestuur gecounterd: er kwamen integendeel nog een paar verdiepingen bij. Waarschijnlijk met het idee dat de critici toch ooit zullen uitsterven. En wie verdwaalt in de stad kijkt gewoon naar boven.

Van de piramides over de kathedralen en belforten tot de hedendaagse wolkenkrabbers moet hoogte macht, rijkdom en autoriteit weerspiegelen. 

Maar wat nu met dat ontwerp voor een vernieuwde Boerentoren? Het gebouw verrees aan de Antwerpse Meir begin de jaren ’30, op initiatief van het stadsbestuur. Ook toen al wilde men met hoogte moderne durf uitstralen. De bouwmeester van Antwerpen en een stel prestigieuze architecten zorgden voor het concept, geldschieter was de Boerenbond, wat de overbekende spotnaam opleverde. Met zijn hoogte van 87,5 meter bleef hij ruim onder de Onze-Lieve-Vrouwentoren (123m), en daar wil Fernand Huts nu iets aan doen.

Er komt een driehoekige glazen superstructuur bovenop het bestaande gebouw, en daarnaast dus een nieuwe glazen toren die echt in de hemel piekt en, zo verzekerde de architect, net onder de hoogte van de kathedraal zou blijven. Oef. Huts wil er als mecenas naar zijn zeggen vooral een cultuurtoren van maken, met expositieruimtes en kunstdepots, neen, dus niet voor uw communie- en trouwfeesten.

‘Wereldtop’

De hoogste toren ter wereld is momenteel de Burj Khalifa in Dubai (825 meter)

‘Trumpiaanse pronkzucht’, fulmineren tegenstanders, verwijzend naar de vorige president van de Verenigde Staten die ook iets had met hoogbouw. ‘We kiezen bewust niet voor middelmaat, maar voor wereldtop’, aldus de flamboyante ondernemer. De vraag is nog maar of je boven de middelmaat uitstijgt door supertorens te bouwen en een dure architect onder de arm te nemen. Dat heeft eerder Baas Gansendonck-allures. En of de rijkdom van de bouwheer, die zijn naam wil verbinden aan zo’n project, niet eerder vertaald wordt in protserige megalomanie.

Een meer Vlaamse down-to-earth-benadering ware misschien passender geweest. Het gaat uiteindelijk over een boerentoren. Antwerpen is Dubai niet. 

Grootsheid is een mentale eigenschap, verbonden met generositeit, gevoel voor het overstijgende, maar ook ratio en harmonie. Megalomanie is gericht op uiterlijkheid en grootspraak, zoals de oliestaten in een wedren zijn verwikkeld om het hoogste gebouw ter wereld. Wie met enige zin voor proportie wil daarmee wedijveren? In de Hutstower lijken vooral de ambities aanwezig van een man die roem wil materialiseren en zijn hoogst persoonlijke voetafdruk in de geschiedenis wil plaatsen. Heeft de Antwerpenaar daar iets aan? Het ego van Fernand Huts is precies even groot als dat van architect Libeskind, in die zin is het een perfecte match.

Eerlijk: volgens mij past die reusachtige glazen container als een tang op een varken. Een meer Vlaamse down-to-earth-benadering ware misschien passender geweest. Het gaat uiteindelijk over een boerentoren. Antwerpen is Dubai niet. Esthetisch gezien is die bestaande building uit de jaren ’30 al hoog genoeg, en zou iets meer creativiteit om het origineel te respecteren, de bouwheer gesierd hebben. Klein detail: Fernand Huts presenteerde zijn ontwerp al in een feestelijk persmoment, nog voor er ook maar enige bouwaanvraag is gedaan of overleg met de Erfgoedcommissie is gebeurd (het gebouw is een beschermd monument). Hopelijk krijgen de Sinjoren er geen nieuwe ‘frietzak’ bij.

Luistertip: ‘Oh, Lieve Vrouwe Toren (La Esterella, 1953)

Geplaatst in Cultuur, Sterke Vlaamse verhalen | 10 reacties

Aflevering 4788: Simonneke bij de Minister

Iets met uitgelopen mascara

De acteurs van de VRT-soap Thuis zijn ongelukkig. De publieke omroep heeft beslist de productie uit te besteden aan Eyeworks, al jaar en dag een vaste leverancier van programma’s als Flikken’, en Eigen Kweek. Ze vrezen voor hun statuur, andere arbeidsvoorwaarden (gedaan met gratis lunches en dito GSM-gebruik) die vermoedelijk wat meer aansluiten bij de modale condities van de modale werknemer. Ooit zag ik een Thuis-bus aan de VUB waar ze een aflevering draaiden. De acteurs-ambtenaren zaten bovenop de bus goed geluimd te smikkelen met een goed glas wijn, en toen dacht ik al: smakelijk jongens, het is toch allemaal op onze kosten.

Maar de acteurs zijn dus misnoegd en proberen de massa te mobiliseren. Waar het ACOD betoogt, duiken ook super drama queen Simonneke (Marleen Merckx), Eddy, Rosa, Frank en Adil op. Zowat een 1,2 miljoen kijkers trekt de soap dagelijks, en dus zou je denken dat er in het zog van de actie ‘Laat Thuis thuis blijven’ een revolutie plaats grijpt, een volksopstand waartegen de Witte Mars van 1996 maar klein bier zou zijn. Meer dan een miljoen Vlamingen op straat, het Thuislied zingend, de mannen de VRT-toren bestormend, de vrouwen luid wenend met uitgelopen mascara zoals Simonneke.

Helaas, het Thuispubliek blijft waar het normaal zit als de soap begint: thuis. Een petitie van 34.000 handtekening werd overhandigd aan Vlaams minister voor Media Benjamin Dalle, die eens zal gedacht hebben: ’34.000 handtekeningen op 1,2 miljoen kijkers? Dat valt nog best mee’.

Het leven zoals het is

Wereldberoemd in Vlaanderen, maar met één pennentrek uit het script geschreven 

Het punt is dat de twee miljoen fans die dagelijks rond zessen in hun zetel ploffen om naar Thuis (VRT) of Familie (VTM) kijken, zich eigenlijk nergens druk over maken, nooit klagen over de verhaallijnen, want het gaat over het leven zoals het is, een verhaal geschreven door een gek, zoals Shakespeare zei. Soap dus, en de kijker is wel wat gewoon: niemand is onvervangbaar in dit zo vaste format. Er komen en verdwijnen personages, ze vallen in liftkokers, of vluchten naar het buitenland, gaan voor lange tijd de gevangenis in, verdrinken of worden gewurgd, sommigen veranderen zelfs van geslacht (Franky), en dat allemaal zonder de minste rimpel van echte verontrusting bij het publiek. De scenarist is God.

De acteurs hebben dus geen echt leven, het zijn nobody’s, letterlijk versoapt in het script waarover ze niets in de pap te brokken hebben en dat hen elk moment kan ‘uitschrijven’.

Het bedekte cynisme van de soapkijker houdt in dat hij/zij aanvaardt dat alles kan gebeuren en iedereen kan verdwijnen, behalve de soap zelf. De dagdagelijkse wedervaren van de personages vormen dé gespreksonderwerpen op café en bij de kapper, veel meer dan politiek of sport. Maar tegelijk is alles anekdotisch en vrijblijvend. Wanneer de acteurs in hun echte gedaante, als werknemers, op TV verschijnen omdat ze op bezoek zijn bij mediaminister Dalle, dan is dat ook ‘maar’ even fictief-reëel als Lowie die zich op de dansvloer ontpopt tot een echte sfeermaker (aflevering 4749). Ik wed dat een boel trouwe Thuiskijkers bij de journaalbeelden dachten: ‘Tiens, Simonneke is bij de minister’. 

De acteurs hebben dus geen echt leven, het zijn nobody’s, letterlijk versoapt in het script waarover ze niets in de pap te brokken hebben en dat hen elk moment kan ‘uitschrijven’. Ze kunnen niet eens aanspraak maken op hun eigen personage, want dat is nog sterfelijker dan u en ik. Ze zijn letterlijk nobody. In het seizoen 2007-2008 werd er een grondige opkuis uitgevoerd in Thuis. Zowat een vijfde van de toenmalige acteurs werd ontslagen uit de serie. Voor de scriptschrijvers een koud kunstje om een boel personages in het Amazonewoud te laten verdwijnen of zich fataal in een visgraat te laten verslikken. Het exit is maar een vingerknip. God is een scenarist.

Seizoensfinale

Overleven Waldek en Kobe het auto-ongeluk?

Televisie is een wonderbaar medium. Wat echt en reëel is, wordt virtueel en fictief (het nieuws), wat fictief is wordt reëel (de soap). Dankzij deze verwisseling kijken we naar de Oekraïneoorlog als naar een filmserie, en wordt Thuis quasi-realiteit. Het netto resultaat is dat de kijker het allemaal maar bekijkt en er onder alle sentiment een leegte gaapt. Er is geen realiteit meer, zoals de mediafilosoof Jean Baudrillard (1929-2007) al schreef, het simulacrum regeert. Je protesteert toch niet tegen een plot? Zelfs al had de politie al die betogende Thuis-acteurs ter plekke neergeschoten aan de ambtswoning van minister Dalle, de soapliefhebber zou hooguit een kwartier beteuterd naar de keuken zijn gedrenteld en dan hebben uitgekeken naar de volgende aflevering.

Deze laatste bedenking maak ik uiteraard met de échte executie voor ogen van Yannick Verdyck door Special Forces, alleen maar omwille van een mening. Het evenement is op TV geweest en het verdwijnt terug uit de actualiteit. Het roept bij de modale Vlaming geen verontwaardiging op, laat staan kritische reflecties over het systeem. Het is gewoon, nu ja, soap. Een acteur uit het script geschreven, so be it. 

Soaps, en hun spiegelbeeld, reality TV, hebben wel degelijk een sociale en politieke functie. Ze doen ons wennen aan werkelijk alles, het spektakel en het voyeurisme domineren.  

Voor de politiek is dit soort versoaping van de realiteit van goudwaarde. Ondertussen hebben we het hoogste overheidsbeslag ter wereld, de slechtste publieke service, en de meest lege staatskas. Toch valt er over het script niet te discussiëren. Het gezegde ‘opium voor het volk’ heeft sinds de televisie een nieuwe dimensie gekregen: de wereld is een permanent spektakel; nodeloos er zich druk over te maken, zelfs al moet u drie dikke truien aandoen. Overigens staat het in de sterren geschreven wat de huidige malcontente Thuisploeg te wachten staat bij hun nieuwe werkgever: in de komende seizoensfinale missen ze allemaal de bocht van het viaduct van Vilvoorde en vallen ze, na zich even aan de vangrails te hebben vastgegrepen -wat men noemt een cliffhanger,- recht op de VTM-studio’s. Twee vliegen in één klap.

Vlaanderen in rouw, maar het seizoen daarop worden de personages allemaal gespeeld door een container Indiërs die met een speciale tongval een avatar spelen van de naar het hiernamaals verhuisde Simonneke, Eddy, Rosa en C°. De Vlaming kijkt en nipt van zijn biertje. Zoals ik zei: de scenarist is God. In de hemel speelt men heden Vivaldi.

Boekvoorstelling: Johan Sanctorum, ‘Kakistocratie – Pleidooi voor méér antipolitiek’

Donderdag 1 december 20h – CC. ‘De Kam’ in Wezembeek-Oppem – Beekstraat 172

Geplaatst in Geen categorie | 4 reacties

Uitnodiging boekvoorstelling ‘Kakistocratie’

Het lang verwachte nieuwe opus van Johan Sanctorum is van de persen gerold!

De titel ‘Kakistocratie’ (*) mag wat mysterieus lijken, de ondertitel maakt alles duidelijk: ‘Pleidooi voor méér antipolitiek’.

Het boek is de kers op de taart van een vierdelige reeks, en geeft voedsel aan iets waar alle politici radeloos van worden, en de politicologen perplex laat: het foertgebaar van de burger/kiezer.

In tegenstelling tot de mainstream media en analisten als Ivan De Vadder, stelt Sanctorum zich radicaal op het standpunt van de Vlaming die het gehad heeft met het politieke geknoei. Hij lijst de pijnpunten rigoureus op, in de sarcastische stijl hem eigen: politiek establishment, media, cultuur…  Niets of niemand wordt gespaard. Op het einde stelt hij een radicale oplossing voor.

Meer over het boek, zie de Doorbraak-aankondiging.

Omdat Sanctorum er met de grove kam doorgaat, vindt de presentatie plaats op een toepasselijke locatie, namelijk

C.C. De Kam, op donderdag 1 december om 20u

Beekstraat 17,    1970 Wezembeek-Oppem

Tot dan!

 

(*) Kakistocratie: ‘Bestuur van de minst bekwamen’

Geplaatst in Kakistocratie | 2 reacties

Qatar bis: drieduizend jaar excuses, en dan komt u er nog goedkoop van af!

Nog maar juist heb ik me eens goed laten gaan over Filip, de Blode Duivels en Qatar, waar het WK voetbal heden wordt afgetrapt, of de moderne shariastaat verrast ons te elfder ure met de mededeling dat er geen druppel alcohol mag vloeien in en rond de stadions. Dat was niet afgesproken, het is in feite gewoon contractbreuk, maar FIFA-baas Gianni Infantino slikt het affront vlekkeloos, met de mededeling ‘Je gaat niet dood van drie uur geen bier te drinken’. Dat klopt, je leeft er zelfs langer van, maar de vraag is hoe. Overleven op Cola en Fanta, zoals de Qatarezen moeten doen, dan verga ik nog liever in de woestijn. Nooit was thuisblijven zo aantrekkelijk.

Denk nu niet dat het bij dat alcoholverbod om streekbieren of onze pilsmerken gaat, zelfs geen Jupiler: de Amerikaanse gigant Budweiser (behorend tot de AB Inbev-groep) had als sponsor het monopolie om in en rond de stadions alcoholhoudende dranken te mogen slijten. Het is een flets bier dat kenners bij ons als kattenpis zouden omschrijven, waarbij vergeleken Heineken een grand cru is. Iets als Cola en Fanta dus, of waarom zelfs de meest fervente Rode Duivelsupporter paste voor dit evenement. Tenzij betaald door Qatar, hotel inbegrepen, om ‘positieve boodschappen over het gastland te verspreiden’. Ergens moet daar de Arabische versie van Noël Slangen rondlopen.

150 generaties

Qatarees café zonder bier

De gigantische stapel lege blikken die de supporters daarbij in en rond de stadions zouden achterlaten, had moeten weggewerkt worden door een extra lading ‘gastarbeiders’, per slavenschip aangevoerd uit Kenia, een activiteit waar Arabieren historisch een grote expertise in hebben. Nu het alcoholverbod dit overbodig maakt, zal men allicht deze werkkrachten gewoon overboord gooien, ook een klassieke techniek uit de tijd van de grote slaventransporten, wanneer een schip bijvoorbeeld teveel diepgang maakte.

Er zijn maar drie gastarbeiders overleden, geen duizenden, en die drie zijn dan vermoedelijk nog gestorven van verveling op een van hun talrijke vrije dagen.

Hoger vernoemde FIFA-baas Infantilo vindt dat allemaal misplaatste opmerkingen en blijken van een gemis aan respect tegenover het gastland. Er zijn maar drie gastarbeiders overleden, geen duizenden, en die drie zijn dan vermoedelijk nog gestorven van verveling op een van hun talrijke vrije dagen. In een indrukwekkende speech, waarin hij de kritiek op Qatar genadeloos de grond inboorde, springt er toch één passage bovenuit, namelijk deze: ‘Voor wat Europa de vorige 3.000 jaar heeft gedaan, zouden we de volgende 3.000 jaar nog excuses moeten aanbieden.’

Ola zeg. Om een steenrijke oliestaat te verdedigen, waar democratie een onbekend begrip is, verrast deze schuldbekentenis toch wel. Het is bij ons al een tijdje dat homo’s niet in de gevangenis vliegen en dat vrouwen alleen op straat mogen lopen. En ondanks de inspanningen van Quickie zijn journalisten bij ons nog altijd niet verplicht om een app op hun GSM te plaatsen waarmee ze kunnen getraceerd worden. Desondanks moeten wij nog 3000 jaar excuses aanbieden voor ons wangedrag. Dat is omgerekend 150 generaties, begin er maar aan. Horen daar ook stokslagen op de blote billen bij? Misschien, wie weet, als de sharia erdoor komt.

Woke-strategie

Baron Michel D’Hooghe: een van de bezielers van de Qatarlobby binnen de FIFA

Kadert men de ronduit groteske uitspraak van Gianni Infantino in een breder perspectief, dan wordt veel duidelijk: de FIFA-baas pakt hier uit met onvervalste woke-retoriek. Dat houdt in: een schuldbekentenis uiten in hoofde van de ‘witte’ Europeaan, waarachter een strategie zit om de aandacht af te leiden van de eigen rotte business en/of machtspolitiek. Want de wereldvoetbalbond sleept zelf een geur met zich mee van corruptie, anders had Qatar dat kampioenschap nooit kunnen organiseren

Een afleidingsmanoeuvre dus. Zoals de anti-racisme campagnes vooral bedoeld zijn om op het geweten van de supporters te werken, zo haalt Infantino nu alles uit de kast om een mistgordijn op te trekken rond de stinkende FIFA-potjes. De voorzitter van de wereldvoetbalbond heeft recht gesproken: het is allemaal uw schuld.

Zoals de anti-racisme campagnes vooral bedoeld zijn om op het geweten van de supporters te werken, zo haalt Infantino nu alles uit de kast om een mistgordijn op te trekken rond de stinkende FIFA-potjes.

Onder deze corrupte kliek die via omkoping het Qatar-tornooi regelde, vinden we namen als Baron Michel D’Hooghe, gewezen voorzitter van de Belgische Voetbalbond en van Club Brugge. Zijn zoon is als orthopedist aangesteld in een privé-kliniek te Doha, zo weet sportjournalist Hans Vandeweghe te vertellen, en wil uiteraard van Qatar geen kwaad woord horen. Heel dit groezelige milieu, waarvan de Zwitser Sepp Blatter en de Franse ex-voetbalvedette Michel Platini de spil waren, alvorens Infantino het overnam, leeft van onderhandse steekpenningen en smeergeld.

Het verhaal is ondertussen algemeen bekend dat genoemde Platini op dringend verzoek van de toenmalige president Nicolas Sarkozy de kandidatuur van Qatar steunde, voorwaarde die het oliestaatje stelde voor de aankoop van Franse straaljagers ter waarde van 14,6 miljard dollar. We gaan hier niet heel de schimmige FIFA-historiek nog eens uit de doeken doen. Punt is dat deze cashmachine veel te verbergen heeft, journalisten ook verwent en omkoopt, maar daarnaast het grote publiek bewerkt met woke-achtige culpabiliseringscampagnes om de vis te verdrinken.

Qatar Investment

Een hoop schoon Belgisch volk op de thee bij de Emir (2015)

Natuurlijk is dat Qatarbashen van Europeanen een ietsepietseke hypocriet, dat is wel waar. Het Belgische en Vlaamse bedrijfsleven loopt er al tien jaar de deur plat om zaken te kunnen doen. In 2015 streek er een imposante handelsdelegatie in de Golfstaat neer, onder leiding van prinses Astrid. Naast zes ministers, ­onder wie Didier Reynders (MR) en Philippe Muyters (N-VA),- waren zowat 250 bedrijven klaar om de sjeiks op te vrijen. Toen al werden deals gemaakt voor bouwcontracten met het oog op dit voetbaltornooi. Zo werd de bouw van twee WK-stadions toegewezen aan de Belgische betonboer Besix.

Volkswagen, Porsche, met een oliestaat als hoofdaandeelhouder, doet het een belletje rinkelen? Vroeg of laat vertaalt deze financiële participatie zich in economische macht én politieke invloed.

Vergeten we ook niet dat de oliestaat zich via Qatar Investment Authority ondertussen wereldwijd inkoopt in grote Europese industriespelers als Volkswagen, Porsche, Siemens en TotalEnergies. Volkswagen, Porsche, met een oliestaat als hoofdaandeelhouder, doet het een belletje rinkelen? Vroeg of laat vertaalt deze financiële participatie zich in economische macht én politieke invloed. Tenslotte is Qatar voor België een belangrijke leverancier van vloeibaar gas, aangeleverd in Zeebrugge. Zeker nu Poetin de kraan dichtdraaide, zijn we de shariastaat dankbaar onder het motto, vrij naar de Romeinse keizer Vespasianus, ‘Gas stinkt  niet’. Of toch een beetje?

De nu al historische woorden van Gianni Infantino honoreren dus ook de woestijnprinsen met het zwarte goud dat we nog altijd niet kunnen missen. Zo kregen de Saoedi’s de  Grote Moskee in Brussel cadeau begin de jaren ’70, en zo kwam de Resolutie van Straatsburg tot stand: meer Europese islam om de Arabische olieleveranciers te vriend te houden. It ’s all about oil, you stupid. Nu ook in gasvorm verkrijgbaar. Ik zal het als Cato blijven herhalen: we moeten dringend af van fossiele energie, daar is zelfs geen klimaatakkoord voor nodig. En ook geen voetbaltornooi of de boycot ervan.

Luistertip: Café zonder bier (Bobbejaan Schoepen)

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Politiek incorrect, Sport | 10 reacties

Filip, Qatar en de Duivels: dolle pret verzekerd

Een mijlpaal in de geschiedenis van de cinema. Zo zou men het promofilmpje kunnen noemen, dat Filip heeft opgenomen om de Rode Duivels aan te moedigen. Daarin geeft de koning himself vijf minuten voetballes aan de Gouden Generatie losers die nog nooit een tornooi gewonnen hebben. Eindbestemming: het steenrijke golfstaatje Qatar, waar homoseksualiteit nog altijd verboden is, en gastarbeiders bij bosjes sneuvelden tijdens de bouw van de stadions. Een kniesoor die het daar nog over heeft. Want:

Het is allemaal zo gemaakt-spontaan en knullig, het charmeoffensief ligt er meters dik op, maar op Sporza en in de andere sportpers zijn ze laaiend enthousiast over het ‘acteertalent’ van Filip.

Deviltime! Het scenario is keurig geregisseerd en zorgvuldig doorgepraat tussen de Bond en het Paleis. Schalks speelt de vorst voor gelegenheidscoach. ‘Plus vite, iets sneller!’ luidt de keurig tweetalige roep ten aanzien van superster Kevin De Bruyne. ‘Ah, ok, ça va’, salueert Kevin die zijn wereld kent. Geen derde landstaal, geen ‘etwas schneller’ helaas, misschien roept dat teveel het verleden op, verbonden aan het thuisland van de Coburgs. Het is allemaal zo gemaakt-spontaan en knullig, het charmeoffensief ligt er meters dik op, maar op VRT-Sporza en in de rest van de vaderlandse sportpers zijn ze laaiend enthousiast over het ‘acteertalent’ van Filip. Geen spatje ironie of grappigheid, nergens, met het vorstenhuis wordt niet gelachen.

Deze zorgvuldig gerespecteerde erecode wijst erop dat wij echt wel met regimemedia opgescheept zitten. Zelfs in Engeland wordt er meer gemonkeld om het serieux van de troon, dan in België. Het heeft allemaal te maken met de stilzwijgende relatie tussen deugdzaamheid, tricolore gevoelens en de multiculturele ideologie die vanzelfsprekend in het Belgische voetbal hoog staat aangeschreven. Anders gezegd: wie met de koning lacht, of de Rode Duivels of, erger nog, beide, is gewoon een racist.

Een zeer speciale app

WK 2022: 8 stadions voor het WK 2022 in QatarQatar dus. Dat de monarchie zich wanhopig van het voetbal bedient om de tricolore gevoelens wat aan te wakkeren, is perfect normaal. Het is een traditie, ook al heeft de Voetbalbond het WK-dorp in Vilvoorde geannuleerd wegens geen interesse van het Belgische volk. Dat de shariastaat Qatar alle mogelijke moeite doet om zich humaan en modern voor te doen, en de emir de geruchten over de gesneuvelde werkkrachten afdoet als contrapropaganda van jaloezigaards, dat was ook wel zo te voorspellen. Dat het zeer godvruchtige Belgische koningshuis sinds Boudewijn en de Grote Brusselse Moskee iets heeft met de islam, is ook algemeen bekend. Van die kant valt geen kritisch geluid te verwachten over het gastland voor het WK, men zou maar eens de lokale moslimpopulatie alhier kunnen schofferen.

In groot contrast met de opzichtige BLM-knievallen zullen de heren Duivels braafjes hun nummer brengen in de nog naar slavenzweet ruikende stadions. 

Blijft dat voetbalvolkje zelf, De Bruyne, Trossard, Hazard, Lukaku, en hoe ze verder ook allemaal mogen heten. In groot contrast met de opzichtige BLM-knievallen zullen de heren Duivels braafjes hun nummer brengen in de nog naar slavenzweet ruikende stadions. Kritiek op Qatar is delicaat, want het zou maar eens kunnen overgaan in islamofobie, een bekende ziekte waartegen u kunt behandeld worden door voldoende DM en DS te lezen, en naar de VRT te kijken. De laffe kliek grootverdieners die nauwelijks belastingen betalen, laten zich wat graag voor de kar spannen van de monarchie en de politiek correcte mistspuiterij van de FIFA die zelf vergeven is van de corruptie.

Ook de verzamelde journalistieke voorhoede van het antiracisme op en rond het veld, aangevoerd door sportcommentator Filip Joos, is opvallend stil als het gaat over Qatar. Ze zullen allemaal van de partij zijn, niet één journalist van heel die links-weldenkende kliek gehoord die bedankt, niet één zender die thuis blijft. Noteer dat de cameralui strikte orders van het gastland hebben gekregen om alleen het voetbal en de animatie daarrond in beeld te brengen, geen overheidsgebouwen, geen straatbeelden, geen interviews met locals, laat staan een zicht op de appartementen waar de gastarbeiders in gehuisvest worden. Via een speciale app op zijn GSM wordt elke journalist in de gaten gehouden en is 24u/24 traceerbaar. Daar kan Quickie nog iets van leren.

Ondanks deze censuur is de jolijt groot en zijn de journalistieke koffers al gepakt. ‘Plus vite, iets sneller’: het mag inderdaad wat vooruitgaan. Laat ons deze aansporing overnemen als het gaat over gewichtigere zaken als het afschaffen van de monarchie, het opheffen van het fiscale gunstregime voor topvoetballers en, waarom niet, het schrappen van de islam als gesubsidieerde staatsgodsdienst. Dank u Sire voor de gouden tip.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Kakistocratie, Sport | 9 reacties

Rik Torfs, bijna klaar voor de kruisiging

Hoe een fatsoenlijke maar vrijmoedige kerkjurist in het vizier is geraakt van de linkse gedachtenpolitie 

Joël De Ceulaer kennen we als senior writer van De Morgen. Senior writer, ik weet niet of dat de status weergeeft dan wel louter de leeftijd, maar De Ceulaer wordt mopperiger met de dag en kan dat ouderdomsverschijnsel ook kwijt in zijn wekelijkse rubriek, aangeduid met de ietwat belegen titel ‘Uitkijkpost’. Daarin worden lieden aangepakt waarmee Joël het niet eens is, en geloof me vrij: het zijn er nogal wat, doorgaans personen die afwijken van de politiek correcte mainstream. Lieven Annemans was zo’n geval: aan stukken gereten door de pen van de senior writer, want Annemans had het zowaar gewaagd vraagtekens te plaatsen bij het covidbeleid en de psychosociale impact ervan.

Om maar te zeggen: wat De Ceulaer onder ‘lichtjes satirisch’ verstaat, is veeleer een donderpreek met het belerende vingertje, ergens vanuit een beschermde journalistieke kansel. Die attitude is eigen aan de Vlaamse linkerzijde: als je electoraal een minderheid bent, moet je moreel gezag uitstralen waardoor de meerderheid tot een stel irrelevante gabbers wordt gedegradeerd. De Franstaligen halen die truc nog steeds boven in België, links en linksgroen doet dat in Vlaanderen.

De put der verdoemden

Vermits deze journalistieke zedenpolitie zowat heel de Vlaamse media domineert – hoe ze dat klaargespeeld hebben, dat is een verhaal op zich-, zijn er dus kansels genoeg om foute lieden tot de orde te roepen. Daarbij is Joël een onvermoeibare twitteraar. Ik merk nu net dat ik geblokkeerd ben door Vlaanderens bekendste columnist en vraag me af waaraan ik die eer te danken heb. In het mentaal landschap van Joël is er blijkbaar ook een vakje van verdoemden, hopeloze gevallen die niet meer in aanmerking komen voor heropvoeding via corrigerende reprimandes.

Rik Torfs wordt op zijn oude dag ontmaskerd als een Satan in monnikspij, iemand met een mening die er eigenlijk niet meer toe doet, tenzij als voorbeeld van verdorvenheid.  

Dat geldt van langsom meer ook voor die andere twitteraar, Rik Torfs, waaraan De Ceulaer zijn meest recente banvloek wijdde, getiteld ‘Beste Rik Torfs, u hengelde naar de hartjes van extreemrechts’. De titel zegt al meteen snoeihard waar de aanklacht tegen de kerkjurist om draait: het opjutten van extreemrechts. Aansporen tot ongewenste gedachten. Het blijkt dan meer bepaald om tweets te gaan zoals deze:

– ‘België maakt 25 miljoen vrij om Mozambique te helpen bij klimaatverandering.’ Sympathiek natuurlijk. Toch vraag ik me altijd af hoe je geld vrij kunt maken als je er geen hebt.’

Dat is een als grapje verpakte waarheid als een koe, maar Joël leest er een gitzwarte ‘likebait voor racisten’ in, ‘een brok rauw vlees in de vraatzuchtige leeuwenkuil’. Ironiecheck: nee, Joël meent het bloedserieus en striemt als een vreemde biechtvader boven de hoofden van Vlaanderens politiek correcte kerk. Rik Torfs wordt op zijn oude dag ontmaskerd als een Satan in monnikspij, iemand met een mening die er eigenlijk niet meer toe doet, tenzij als voorbeeld van verdorvenheid. ‘

Jezuïetentruc

De senior writer van DM zit daarbij perfect op de lijn van moraalwetenschapper Patrick Loobuyck, die zijn visie op democratie breeduit twittert: sommige meningen mogen bestaan maar niet verkondigd worden. Zo hoort de UGent een lezing van VB-politicus Filip Dewinter te verbieden. Om dat uit te leggen gebruikt Loobuyck een verbluffende constructie, namelijk het onderscheid tussen ‘vrijheid van mening’ en ‘uitingsvrijheid’.

U kan dan nog wel op het toilet vrijuit filosoferen onder het motto ‘Die Gedanken sind frei’, maar zonder het recht om deze te uiten.

Deze laatste term, voor zover mij bekend zelfs geen Nederlands, wordt gereserveerd voor mensen met een foute mening, die hun mond moeten houden. U kan dan nog wel op het toilet vrijuit filosoferen onder het motto ‘Die Gedanken sind frei’, maar zonder het recht om deze te uiten. Een subtiel onderscheid dat enthousiast gepropageerd wordt door, jawel, Joël De Ceulaer in zijn wekelijkse afrekening met het Vlaamse racisme.

Samengevat: Joël en Patrick zetten met hun tweetjes de nieuwe krijtlijnen uit van de algemene vrije meningsuiting en de beperkte uitingsvrijheid. Iets als het onderscheid tussen een gewone betaalkaart en een Platinum versie. Wanneer Rik Torfs dat bestempelt als ‘kunstmatige semantiek’, zeg maar: een jezuietentruc, krijgt hij weer de volle laag en hoort hij zijn excuses aan te bieden aan de beledigde moraalfilosoof. Echt waar, gelieve niet in een lach te schieten want dat schijnt helemaal de bedoeling niet te zijn.

Heksenjacht

De tandem De Ceulaer-Loobuyck zet de nieuwe krijtlijnen uit van de vrije meningsuiting

Met die brave mijnheer Torfs is dus iets vreemds aan de hand. We konden al lezen hoe De Standaard hem via dezelfde soort Jezuïetenlogica als inspiratiebron ontmaskerde van staatsvijand Yannick Verdyck, de man die door een brigade van de Special Forces werd geliquideerd. Omwille van zijn ideeën. Zelfs de Gedanken zijn dus niet meer zo vrij. Dat voorval moet Rik Torfs ontgaan zijn, maar toen Vlaanderens grootste kwaliteitskrant hem zelf brandmerkte als klaar voor een nachtelijk politiebezoek, zegde hij stante pede zijn abonnement op.

Torfs meent het oprecht met zijn verdediging van de vrije meningsuiting, ook voor mensen waarmee hij niet akkoord is, maar met dat soort ouderwets relativisme zijn de nieuwe democraten à la De Ceulaer en Loobuyck niet gediend.

Mijn gevoel: de intelligent-grappige weifelaar en verlichte tsjeef Rik Torfs is aangeschoten wild. De linksdraaiende gedachtenpolitie zit hem op de hielen, terwijl hij als fatsoenlijke ex-rector en theoloog helemaal niet in de beerput van de verdoemden wil belanden. Torfs meent het oprecht met zijn verdediging van de vrije meningsuiting, ook voor mensen waarmee hij niet akkoord is, maar met dat soort ouderwets relativisme zijn de nieuwe democraten à la De Ceulaer en Loobuyck niet gediend. Dus moet Barbertje hangen. Rik Torfs is de Vlaamse Jezus, een zondebok die als voorbeeld moet dienen voor alle opiniemakers die iets teveel naar de verkeerde kant zouden neigen, of teveel het motto van Voltaire zouden uitdragen dat élke mening het recht heeft van geuit te worden.

Een en ander krijgt het uitzicht van een heksenjacht: hoe meer Torfs tegenspartelt, hoe dieper hij in het riool wordt geduwd. De Vlaamse mainstream media lijken na een studiepauze vast besloten om het kaf van het koren te scheiden. Ooit mocht Rik nog zijn erudiet-ironische columns slijten aan De Standaard, nu lijkt hij zelf verbrand als racist die zowaar de verslaggeving van Bjorn Soenens uit de States wat te gekleurd vindt. Ook dat wordt in de fameuze column, die begint met ‘Beste Rik Torfs’, zwaar aangerekend, als iets dat wijst op het verfoeilijke ‘hengelen naar extreemrechtse hartjes’. Zou Joël dan zelf ook niet wat hengelen naar hartjes, aan de andere kant dan? Alleen al dat u dat denkt, bewijst dat u uw vrije mening het best voor uzelf houdt.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in Media | 26 reacties