De Limburgers kwamen in 1302 al te laat

Vlaamse dorpspolitiek en stammentwisten, deel II

Mijn analyse eergisteren van het vertoon rond het Beke-ontslag leverde wat afkeurend gemompel op omwille van de oneliner: ‘De katholieke zuil is dan wel dood en begraven, in de grond blijft Vlaanderen een kerktorenuniversum bemand door dorpspolitici’. Het vervolg van de soap bevestigt die uitspraak evenwel grandioos. Na enige gebakkelei werd Hilde Crevits naar Welzijn & Gezin versast, en werd haar plaats op Landbouw, Economie en Werk ingenomen door Jo Brouns. Jo wie?

Ja kijk, het moest en zou een Limburger zijn, en Jo Brouns (foto) is burgemeester van Kinrooi. Euh… Kinrooi? Een gemeente van 12.000 inwoners, en qua inwonersaantal vergelijkbaar met Leopoldsburg waar Beke de scepter (weer) zwaait. Limburg is namelijk nog steeds in zekere mate het CVP-bastion van weleer, en dat wil de partij absoluut handhaven, hoe slecht ze er in de peilingen ook voor staat.

Brouns’ vader was al burgemeester van dezelfde gemeente, waar zowat de helft van de bevolking die naam draagt. Neen, hier geen flauwe grappen over inteelt en zo. Wel dit: het afvaardigen van deze kerktorenpolitici naar de Vlaamse regering gaat over partijbelangen én over oude provinciale gevoeligheden, maar niét over competentie. Dat is ook telkens een afweging bij een regeringsvorming: West-Vlamingen, Oost-Vlamingen, Sinjoren, Brabanders en Limburgers netjes verdeeld, of het is hommeles. Kan dat in de 21ste eeuw? Ja dus. Een Vlaamse regering zonder Limburger is als een auto op drie wielen. En ook al functioneert die regering voor geen meter, een auto op drie wielen krijg je zelfs de garage niet uit.

Het Ros Beiaard

In Dendermonde worden Aalstenaars Ajuinen genoemd omdat ze de Dender doen stinken.

Waarom dat interprovinciaal evenwicht zo belangrijk is, binnen partijen en binnen de regering? Waarom burgemeesters zich naar boven laten katapulteren tot minister? De geschiedenis van de middeleeuwen maakt misschien iets duidelijk: het Vlaanderen van vandaag is nooit een politieke eenheid geweest, maar een kluwen van interlokale rivaliteit.

Het standaard-Nederlands is en blijft een lingua franca, iets om zich verstaanbaar te maken buiten de geboortegrond, geen doorleefde cultuurtaal.

In de Guldensporenslag vochten de ridders van het Hertogdom Brabant (waartoe Antwerpen behoorde) aan de Franse kant. De Limburgers onder leiding van Arnold V keken de kat uit de boom: ze kwamen pas aan… als de Slag gestreden was en deelden in de glorie. Uit traagheid of berekening, historici zijn het er niet over eens. Dat is natuurlijk een hele tijd geleden, maar ik vraag me af of Vlaanderen ondertussen vooruitgang heeft gemaakt inzake een soort natiegevoel dat ons rijp maakt voor echte zelfbeschikking. Ik vrees ervoor. Alleen al de taal. West-Vlamingen, Antwerpenaren en Limburgers verstaan elkaar totaal niet als ze hun dialect spreken. Ze hechten daar ook aan. Die dialecten hebben zich in de middeleeuwen ontwikkeld en zijn de belevingsbasis gebleven van het regionale chauvinisme.

Vergeet het nationalisme, wij zijn ten gronde een provincialistisch volk van stammen en clans. Het standaard-Nederlands is en blijft een lingua franca, iets om zich verstaanbaar te maken buiten de geboortegrond, geen doorleefde cultuurtaal. Daarbij komt dan nog de rivaliteit tussen de steden die in de middeleeuwen opkwamen, die soms folkloristisch bleef (Dendermonde versus Aalst rond het Ros Beiaard) maar soms ook tot zure, langlopende conflicten leidde (de economische oorlog tussen Gent versus Brugge, met nu de voetbalrivaliteit als echo).

Lokale stemmenkampioenen

Bart Somers: een Mechelse herder in het verre Brussel

Maar terug naar 2022. Met Jambon (Brasschaat), Crevits (Torhout), Somers (Mechelen), Peeters (Dilsen-Stokkem), en nu dus Brouns (Kinrooi) bevat de Vlaamse regering vijf titelvoerende burgemeesters. Brasschaat, Dilsen-Stokkem en Kinrooi zijn nu niet bepaald wereldsteden (Mechelen en Torhout natuurlijk wel), maar ze leveren stemmenkampioenen die zich via de lokale machtsbasis hebben opgewerkt tot partijbonzen, en zo tot minister. Is dat een goede zaak voor ’s lands bestuur? Natuurlijk niet. Ook Beke is zo’n twijfelachtig product van een even twijfelachtige particratische rekenkunde.

Een Vlaams minister is dan ook in de eerste plaats lobbyist voor zijn stad, of voor zijn regio. Hij is er om lokale belangen in Brussel veilig te stellen. Dat zei Bart Somers zelfs met zoveel woorden toen hij Boortmeerbeek probeerde te overhalen om zich door Mechelen te laten annexeren: ‘Zo kan ik beter jullie stem laten doorwegen in het Vlaamse beleid’. Dat systeem geldt natuurlijk ook voor het Belgische niveau, maar we gingen het anders en beter doen. Helaas.

Een Vlaams minister is dan ook in de eerste plaats lobbyist voor zijn stad, of voor zijn regio. Hij is er om lokale belangen in Brussel veilig te stellen.

Het werkt evenzeer omgekeerd: ministerposten dienen om lokale machtsposities te consolideren. Dat de nieuwe minister van landbouw, economie en werk, – toch een sleutelpost, alleen al het stikstofdossier!- primair een Limburger moest zijn, is het gevolg van een electorale rekensom waarbij de CD&V vooral een tegengewicht voor Zuhal Demir moest vinden. De ironie is daarbij, dat de CD&V haar enige echte sterkhouder, Sammy Mahdy, moet opofferen in een wanhoopspoging om de partijmeubelen te redden. Mahdy heeft op de post Asiel en Migratie bewezen als bestuurder uit het goede hout gesneden te zijn, maar het partijbelang gaat nu eenmaal voor.

De ironie is ook dat Bart De Wever, misschien wel de enige Vlaamse politicus met staatsmanallures, verkoos om die kelk aan zich te laten voorbijgaan en voor de burgemeesterssjerp is gegaan. De Wever weet als historicus wellicht als geen ander hoe Vlaanderen in mekaar zit. Ondertussen modderen we voort, en verwijten we elkaar dat de Dender stinkt. In 2024 bereiken N-VA en VB misschien samen een meerderheid. Benieuwd of dat ons uit de middeleeuwen haalt. Of er net nog wat dieper in.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in cacistocratie, Het politiek theater, Sterke Vlaamse verhalen | 10 reacties

Het ontslag Beke: grensverleggend Vlaams volkstoneel

Stop theatersubsidies, dit is het echte ding

Af en toe krijg je de essentie van een column in een handvol woorden gezegd, die ik dan ook maar als titel heb gebruikt. Mensen met weinig tijd hoeven niet verder te lezen. De anderen wil ik graag wat bijkomende duiding geven.

Het filmpje waarin Wouter Beke (CD&V) een persbericht afleest van een papiertje, om zijn ontslag als Vlaams minister van Welzijn en Gezin aan te kondigen, en om dan af te druipen zonder één vraag van een journalist te beantwoorden, ligt nu al bovenaan in de map ‘Jaaroverzicht 2022’. Niet zozeer het feit zelf, maar vooral de manier waarop, was zo tenenkrullend dat ik hoop dat buitenlandse zenders dit skippen in heel de nieuwskolk van Oekraïne, onder het motto ‘drop the dead Belgian’.

Een grote meneer

Een dode Belg, inderdaad, meer bepaald een dode Vlaming, bezweken aan een acute aanval van redelijkheid: de man die al minstens drie keer de eer aan zichzelf had kunnen houden (de rusthuiscatastrofe, het fiasco van de contactopsporing, de wantoestanden in de kinderopvang), is drie maanden na de dood van de baby in Mariakerke ‘geschokt’.

Normaal kom je met zo’n emotie naar buiten de dagen erna, niet het volgende kwartaal, na een zwaar tegenvallende peiling. Maar zoals gezegd: dit is grensverleggend Vlaams theater, sinds Claus niet meer vertoond. De hoofdtoon was er bovendien een van verongelijktheid en miskenning, een martelaarsretoriek waarvan ik dacht dat Pinar Akbas het patent had. Vandaar de ellenlange cijferlitanie die moest aantonen wat voor een fantastische minister we aan hem verloren waren, de sneren naar de pers die hem onrechtvaardig behandeld had, en het geweeklaag over de ‘bagger’ van de sociale media, -standaard tegenwoordig als een politicus er de brui aan geeft-.

Zichzelf de politieke absolutie geven, via een hemdje dat je van je kind krijgt, dat is eigenlijk een brutaal symbool van ontkenning, dat ik zelfs in de gladiatorenarena van de Amerikaanse politiek nog niet zie gebeuren.

Maar vooral de inval van het laatste moment, de echtgenote die met een lijkbiddersgezicht een T-shirt aan het jongste dochtertje geeft, bestemd voor papa, met het opschrift ‘Nothing to prove’, maakt het verschil: zichzelf de politieke absolutie geven, via een hemdje dat je van je kind krijgt, dat is eigenlijk een brutaal symbool van ontkenning, dat ik zelfs in de gladiatorenarena van de Amerikaanse politiek nog niet zie gebeuren. ‘Een grote meneer’, dixit Sammy Mahdi, de man die de begrafenis van de CD&V verder zal regelen. Zeg dat wel.

Cacistocratie

Meteen zitten we in het bredere plaatje: het geval Beke staat niet op zichzelf, ook al is hij vandaag zondebok nummer één. We zitten namelijk opgescheept met een klasse van bestuurders die ik een cacistocratie heb genoemd: een regime van onbekwamen. De politiek trekt de verkeerde mensen aan, die vervolgens bestuursmandaten krijgen -of in het geval van Beke zelfs kapen-, waar ze gewoon het talent niet voor hebben. Burgemeester van Leopoldsburg zijn, is iets anders dan Vlaanderen door een pandemie loodsen. In de luwte van de studiedienst een boekje pennen over ‘de revolutie van de redelijkheid’ is nog geen brevet om een levensbelangrijk departement als zorg en welzijn te beheren.

Dit gebrek aan bestuurstalent knaagt al geruime tijd en werd vooral gedurende de regering Jambon frappant zichtbaar, met het geklungel rond de PFOS-affaire als dieptepunt. Blijkbaar vindt men bij de coalitiepartners N-VA, CD&V en Open VLD samen geen handvol lieden met echte bestuurders- en leiderskwaliteiten. Het zijn apparatsjiks, door de partij opgetilde en via de koppositie in kieslijsten gelegitimeerde regenten, die zich dus het motto ‘nothing to prove’ laten opspelden als ze echt onderuit gaan.

Beke is niet alleen de belichaming van een partij in terminale fase, hij is ook de weerschijn van een zwalpende Vlaamse regering die misschien een zesje had kunnen krijgen in normale tijden

Anders gezegd: heel de ploeg Jambon staat hier te kakken. Beke is niet alleen de belichaming van een partij in terminale fase, hij is ook de weerschijn van een zwalpende Vlaamse regering die misschien een zesje had kunnen krijgen in normale tijden, zonder covid, maar die net op het moment dat ze iets kon bewijzen, dat vertikte. Het niet kon. Geen ambitie, geen allure, geen esprit.

Deze impasse heeft het karakter van een droge plas zonder dat er één druppel regen in zicht is. Hier kunnen alleen nog wormen overleven. We hebben de bestuurders die we verdienen, dat klopt, maar op de duur ontrolt er zich een cynisch spel waarbij de burger de grootste blaaskaken naar de volksvergadering kegelt om tenminste eens goed te kunnen lachen. Of om hen af te zeiken via Twitter.

Vlaamse underdog

Hugo Claus/Fons Rademakers: ‘Het sacrament’ (1989)

Eerlijk: Belgicisten moeten zich verkneukelen bij dit soort taferelen. Want inderdaad, er valt niets meer te bewijzen: de Vlaamse regering is de dagelijkse reductio ad absurdum -ofte bewijs uit het ongerijmde- dat wij ooit iets als een eigen natie zouden kunnen vormen en bestieren. Wallonië parasiteert op België, maar het economisch welvarende Vlaanderen mist een politiek-intellectuele elite die een republikeinse ‘drive’ zou kunnen aansturen. Dus blijven we hangen in het Belgische coulissenspel, het afknagen van de rompstaat zonder er afscheid van te kunnen nemen, als een been waar geen vlees meer aan zit.

De katholieke zuil is dan wel dood en begraven, in de grond blijft Vlaanderen een kerktorenuniversum bemand door dorpspolitici.

Dat is onze Vlaamse underdogmentaliteit, een historisch geconditioneerd gebrek aan cultureel zelfbewustzijn, gecombineerd met kleinburgerlijke reflexen, sluwdomme overlevingstaktieken, en een stevige scheut pastoorshypocrisie. De katholieke zuil is dan wel dood en begraven, in de grond blijft Vlaanderen een kerktorenuniversum bemand door dorpspolitici. De vrijzinnig-humanistische lobby, vooral belichaamd door socialisten en liberalen, heeft in dat opzicht voor geen enkele verfrissing gezorgd, integendeel, ze heeft alleen verkleutering opgeleverd, nog meer kliekjesgeest en nog minder zin voor grandeur. Wie twijfelt moet de konijn-act van Conner Rousseau nog eens herbekijken.

Ach ik weet wel, dat verzinkt allemaal in het niets bij de echte tragiek van het leven. Na Arno is nu ook de hond van Niels Destadsbader overleden, lees ik in HLN, het zet een en ander in perspectief. ‘Under-dog’, neen, nu moet ik echt stoppen of alle redelijkheid is weer zoek.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 
Geplaatst in cacistocratie, Het politiek theater | 8 reacties

Mechelse cultuurschepen verbant internationaal gelauwerde Jo Haazen uit diens eigen Beiaardschool

Twee recente voorvallen in de Vlaamse cultuurwereld roepen vragen op omtrent de positie van het vrijdenken en het daaraan verbonden open debat. Ze bewijzen dat democratie een stoplap is, door iedereen gebruikt maar niet altijd naar de geest van onze Europese vrijdenkers à la Voltaire toegepast. Middelmatigheid, de kleinheid van geest en de schrik voor buitenstaanders en dissidente stemmen staan dat in de weg. Daarnaast regeren als van oudsher de elites en de nomenklatura. 

Ja, het grootste deel van Vlaanderen koestert een warme sympathie voor Oekraïne, in naam van de vrijheid en de volkssoevereiniteit, en tegen de Poetindictatuur. Er is sinds de 2de wereldoorlog nooit zo’n groot draagvlak geweest voor het verdedigen van onze westerse verlichtingswaarden. We zijn zelfs bereid tot zware inspanningen, zekerheid en welvaart in te leveren, zo leert ons de recente peiling.

Maar wat dan te denken van krachten binnen die samenleving die deze waarden helemaal niet hoog houden, en zelf een soort pensée unique willen handhaven? Dan blijken die verlichtingswaarden maar heel licht te wegen. Tegenstemmen komen niet aan bod, en het zogenaamde open debat versmalt tot een gekeuvel van gelijkgezinden. De openbare omroep VRT heeft zich helemaal in die journalistieke comfortzone genesteld. De grote mediatitels, Knack, De Standaard en De Morgen volgen op de voet.

Een ‘verkeerde’ publiekswinnaar

Alain Grootaers, de man achter ‘Tegenwind’

Anders gezegd: Poetin heeft ook volgelingen in het westen. Ik alludeerde in mijn vorige column op de ban van Pippi Langkous en haar ‘nazistische’ bedenkster Astrid Lindgren. Wat blijkt? Ze staan zowel in het Kremlin als bij onze wokes op de zwarte lijst. Opmerkelijke samenloop. Ook in onze zogenaamde democratie dreigt de verstarring en het intellectueel conformisme in cultuur, media en onderwijs. Waarbij de geaccrediteerde journalistiek een dubieuze rol van Pravda-achtige megafoon speelt.

Dat was voor de mediasponsors Knack, VRT en Radio-1 helemaal de bedoeling niet, en het was dan ook alle hens aan dek om de winnaars als ‘complotdenkers’ weg te zetten.

De kwestie Tegenwind is heel typisch voor dat fenomeen: een documentaire van Alain Grootaers en Jakobien Huisman, die het covidbeleid en de berichtgeving daar rond op de korrel nam. Een zelf gefinancierd project, met crowd funding, via het web verspreid. Een van de geïnterviewden in de reeks was Lieven Annemans, de hoogleraar gezondheidseconomie die inzake het covidbeleid de psycho-sociale problematiek durfde aan te kaarten en daarvoor door het virologenkransje werd afgebrand.

Grote consternatie: deze productie won de Ultimas-publieksprijs van de Vlaamse overheid. De prijs dus waar alle Vlamingen konden voor stemmen. Dat was voor de mediasponsors Knack, VRT en Radio-1 helemaal de bedoeling niet, en het was dan ook alle hens aan dek om de winnaars als ‘complotdenkers’ weg te zetten. Vreemd als je zelf die publieksprijs organiseert: dan laat je het publiek toch de vrije keuze en leg je je daarbij neer?

De Vlaamse mainstream media zien dat helemaal anders, en het zal bij een volgende editie vermoedelijk wel gedaan zijn met open nominaties en het risico dat er een ‘foute’ laureaat met de prijs gaat lopen. De docu was namelijk net een aanklacht tegen de pensée unique die de media tijdens de pandemie hebben gehandhaafd. Zo breeddenkend zijn ze nu ook weer niet, dat docu-makers een cultuurprijs mogen krijgen omwille van een mediakritische reportage.

Een ‘foute’ beiaardspeler

Jo Haazen krijgt een erepenning vanwege de Marnixring

Het verhaal rond beiaardier Jo Haazen is zo mogelijk nog frappanter. Hij is een begrip in zijn vakgebied en een internationaal gereputeerd kunstenaar. Hij leidde bijna 30 jaar de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen. Maar op de 100-jarige jubileumviering en bijbehorende academische zitting, begin deze maand, was hij niet meer welkom op de school die hij groot heeft gemaakt. Reden: hij heeft ook het beiaardspel in Rusland gepromoot, en was gastdocent aan de universiteit van Sint-Petersburg. In 2004, toen alle groten der aarde elkaar nog verdrongen om met Vladimir Poetin op de foto te gaan, ontving hij een erediploma uit de handen van de Russische president himself.

Moeten Oekraïense artiesten ons lessen in democratie komen geven, en bepalen wie waar welkom is? Iemand in de cultuurwereld een mening over dit geval van uitsluiting?

Het klopt dat Jo Haazen een genuanceerde visie heeft op het Russisch-Oekraïens conflict. Hij noemt zich pacifist en beschouwt deze oorlog als een Europese ‘tragedie’, met twee kanten en twee versies. Is dat verboden? Ja en neen. Hij mag daarvoor uitkomen, hij mag dat posten op Facebook, maar de deuren gaan dan wel onherroepelijk dicht. 

De Mechelse schepen van cultuur Björn Siffer (Groen), acht de aanwezigheid van Jo Haazen op de viering van zijn eigen school ongepast. ‘Er zijn ook Oekraïense beiaardiers aanwezig, en die zijn verbolgen en zelfs kwaad over de uitspraken van Jo Haazen op sociale media’, aldus de schepen. Hoezo, moeten Oekraïense artiesten ons lessen in democratie komen geven, en bepalen wie waar welkom is? Iemand in de cultuurwereld een mening over dit geval van uitsluiting?

 Humanistisch Verbond

Björn Siffer (Groen): van humanist tot portier/buitenwipper

De defenestratie van Jo Haazen heeft uiteraard een ideologisch kantje. Björn Siffer is gepokt en gemazeld in het Humanistisch Verbond, traditioneel in Vlaanderen een cenakel van de linksdraaiende politieke correctheid. Siffer werd door Groen binnen gehaald en kreeg meteen een Mechels schepenmandaat aangeboden. De figuur en de uitstraling van Jo Haazen, die zich vooral op spiritualiteit richt en ethisch eerder naar het conservatieve neigt, past niet in het blauwgroen straatje van Bart Somers en C°. Haazen is ook bezieler van de Esperanto-beweging en ijverde voor een toevoeging van het begrip ‘morele plichten’ bij de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

De figuur en de uitstraling van Jo Haazen, die zich vooral op spiritualiteit richt en ethisch eerder naar het conservatieve neigt, past niet in het blauwgroene straatje van Bart Somers en C°.

Het doet onze tenen krullen dat een kunstenaar van het formaat van Jo Haazen de dupe wordt van een kleinpolitieke aversie vanwege een humanist/buitenwipper. Ga de maan blussen, Siffer. We hebben méér kunstenaars nodig die voor hun mening durven uitkomen en hun maatschappelijke positie bepalen, eventueel tegen de mainstream in. Als de sympathie voor Oekraïne ontaardt in een nieuwe heksenjacht met bijbehorende censuur en woke-achtige uitsluitingsmechanismen, dan zijn we geen haar beter dan de overkant. Ook de beslissing van de Europese Commissie om Russia Today uit de ether te halen, hierin gevolgd door Vlaams mediaminister Benjamin Dalle, is van een bedenkelijk allooi als we het hebben over persvrijheid. Mensen moeten vrij en zo breed mogelijk hun bronnen kunnen kiezen en zelf een afweging maken. En fact checking is zeker niet het privilege van Knack en C°.

Het is aan de alternatieve media, journalisten, en bloggers om hier een waakvlam aan te houden. Bij deze.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

 

Geplaatst in Cultuur, Het politiek theater | 8 reacties

‘Denazificatie’:’ een alomvattend project

Moskou, 9 mei-parade 2022

De grote toespraak van president Vladimir Poetin, naar aanleiding van de 9mei-parade in Moskou, beloofde gepaard te gaan met een enorm vuurwerk, of minstens een officiële opwaardering van de ‘militaire operatie’ in Oekraïne naar de status van oorlog. Maar er gebeurde niets, dat is dikwijls zo als de verwachtingen hoog gespannen zijn. Op de vooravond werd in het TV-journaal gesuggereerd dat België de volgende dag wel eens voltooid verleden tijd zou kunnen zijn -wat enige horror veroorzaakte doch in bepaalde middens ook het ploffen van champagnekurken-, maar het avondnieuws van de dag zelf vermeldde Poetins speech niet eens meer.

Heel de Oekraïne-campagne is zoals geweten opgehangen aan het verhaal van een noodzakelijke denazificatie, die weliswaar wat traagjes verloopt -het pronkstuk van de Russische marine ligt al op de bodem van de Zwarte Zee en het Azov-bataljon zit nog altijd verschanst in die staalfabriek-, maar ratten en kakkerlakken krijg je ook niet zomaar weg. De term ‘denazificatie’ is zeer bewust bedoeld. Met nazi’s onderhandel je sowieso niet, het zijn geen mensen maar kwaadaardig onderwereldvolk, platspuiten die boel. Dat idee is uiteraard verbonden met de glorierijke overwinning van het Rode Leger in 1945.

Het Persilschein

De Duitse oud-bondskanselier Gerhard Schröder (SPD) en Vladimir Poetin delen een afkeer van het nazisme en een liefde voor de gassector.

Op 30 april 1945 schoot Adolf Hitler zich een kogel door het hoofd en plantten Russische soldaten triomfantelijk de Sovjetvlag op de Reichstag, of wat daarvan restte. Dat gebeuren wordt in Moskou elk jaar op 9 mei met veel toeters en bellen herdacht. Dat het Stalinisme zelf een uiterst repressieve dictatuur was, deed er niet toe: de overwinnaars hadden het nazisme verslagen en stonden per definitie aan de juiste kant van de geschiedenis. De oorlogsmisdadigers die het voorbeeld van de Führer niet hadden gevolgd, en evenmin naar Zuid-Amerika waren gevlucht, werden in Neurenberg berecht.

De rest van Duitsland diende ‘gedenazificeerd’ te worden en kreeg een propere lei. Je kon een bewijs van politieke maagdelijkheid bekomen, door de Duitsers sarcastisch het Persilschein genoemd, naar een bekend wasmiddel. Daarmee kreeg je alle burgerrechten en een vrijstelling van vervolging. Enig opportunisme was de geallieerden niet vreemd: Werner Von Braun, ontwerper van de V-2-raket, met de graad van Sturmbannführer, mocht bij de Amerikanen vrijwel direct beginnen in het ruimtevaartcentrum NASA.

De EU is sinds haar prille ontstaan in 1950 niet alleen een economische unie, maar tevens een door voormalige aartsvijand Frankrijk gestuurd vehikel om Duitsland blijvend te integreren in een politiek-democratische praatbarak.

Het zijn de Duitse socialisten die het hardst hun best hebben gedaan om de nazismet af te wassen. Daartoe papten ze onder meer aan met, jawel, Rusland, via de zogenaamde Ostpolitik. De gaspijplijn Nord Stream 2 is daar een verre uitloper van. Oud-bondskanselier Gerhard Schröder (SPD), boezemvriend van Poetin, zit nog altijd in de raad van bestuur van Gazprom.

Voor het westen en Europa moesten de Duitsers natuurlijk ook terug het statuut van normale mensen krijgen. De EU is sinds haar prille ontstaan in 1950 niet alleen een economische unie, maar tevens een door voormalige aartsvijand Frankrijk gestuurd vehikel om Duitsland blijvend te integreren in een politiek-democratische praatbarak. Versailles mocht zich niet herhalen. Het Wirtschaftswunder voltrok zich, de Duitsers mochten blijven Volkswagens verkopen – in oorsprong nochtans ook een naziproduct- en werden vetgemest tot goede Europeanen. De Oost-Europeanen hadden minder geluk: ze werden als bufferzone door de Russen achter het IJzeren Gordijn weggestopt om te verpieteren in een armtierig en totalitair communisme.

Ongedierte

De EU is dus ten gronde nog steeds een denazificatieproject, ook al zijn alle historische nazi’s uitgestorven. Het gaat om hun politieke erfgenamen, in het bijzonder de nationalisten, die als min of meer fout en potentiële ontspoorden worden beschouwd. Aan welke kant ze ook stonden in de oorlog, dat doet er niet toe. Guy Verhofstadt is de kampioen van deze kruistocht tegen het volksnationalisme, al gaat hij wel overal luid zijn sympathie toeteren voor… Oekraïne.

En laat dit nu ook de voornaamste bestaansreden zijn van de nv België: Vlaanderen beschermen tegen zijn bruine onderstroom, met een sterk rattenvergif.

Binnen Europa is er voor zo’n soevereiniteitsbeweging geen plaats. De Catalaanse onafhankelijkheidsstrijd krijgt geen enkele steun van de superdemocraten, integendeel: het is de Spaanse centrale staat -nota bene met wortels in het Francoregime- die carte blanche krijgt om de verbannen Carles Puigdemont en zijn kornuiten op te jagen.

En laat dit nu ook de voornaamste bestaansreden zijn van de nv België: Vlaanderen beschermen tegen zijn bruine onderstroom, met een sterk rattenvergif. We moeten er wel fameus voor afdokken via de transfers, maar we krijgen er ook iets voor terug: denazificatie. Het cordon sanitaire is daar de partijpolitieke emanatie van: vat het niet op als een straf, het is een beloning. Ook al gaat het om de partij die vandaag in Vlaanderen volgens de peilingen de grootste is, het zijn ‘mestkevers’ (dixit ooit de liberaal Karel De Gucht) waartegen alleen een schutskring gepast is. Is dat democratisch? Ja, want het VB wordt beschouwd als een ‘ondemocratische partij’. Zo simpel is dat.

Het sanitaire project tegen de bruine onderstroom wordt historisch breed onderbouwd, ook dat is een gelijkenis met het Poetin-discours tegenover Oekraïne. Er is natuurlijk het Vlaamse collaboratieverleden, maar ook de kinderen van de kinderen van de kinderen dragen als een erfzonde de racistische genen mee, zoals Knack-hoofdredacteur Bert Bultinck aantoonde.

La Flandre profonde

Aalst, 2019

Allerlei plekken en rituelen worden mee opgenomen in de cataloog van het verderf. Er is uiteraard de jaarlijkse IJzerwake, bezocht door lieden die de Belgicistische kaping van de IJzerbedevaart niet konden pruimen. De opzwepende toespraken, de strijdliederen en het gebries van de VNJ-kapel: het zijn dankbare schietschijven voor nazi-jagers als het Anti-Fascistisch Front. Maar ook andere aspecten van de Vlaamse onderstroom tussen De Panne  en Maaseik vergen waakzaamheid. Zo moet het Aalsters carnaval dringend gedenazificeerd worden: er zijn al twee jaargangen Joodse haakneuzen verschenen op de praalwagens, de UNESCO heeft het fenomeen al uit het werelderfgoed gedeclasseerd. Heel de Denderstreek stinkt trouwens, letterlijk en figuurlijk, hoger vernoemde mestkeverpartij heeft er dan ook een stevige voet aan de grond.

Bart Somers is ook minister van denazificatie, zoals heel zijn partij enorm begaan is met de mentale hygiëne in het Vlaamse achterland.

Of wat te denken van Boortmeerbeek, het dorp dat zich niet wenste te associëren met Mechelen, de stad van de verlichte burgemeester Bart Somers, tevens minister van binnenlands bestuur. De annexatie is afgeblazen wegens te luid protest, maar het blijft een ambitie binnen de lichtblauwe cenakels om la Flandre profonde op te kuisen en in de kosmopolitische gemeenschap te laten opgaan. Bart Somers is dus ook minister van denazificatie, zoals heel zijn partij enorm begaan is met de mentale hygiëne in het Vlaamse achterland.

Reductio ad Hitlerum

Ik zou zo nog veel verder kunnen gaan, waarbij toch opvalt dat de denazificatoren van deze wereld zelf fascistische trekjes vertonen, wat de verwarring compleet maakt. De reductio ad Hitlerum is dé stoplap om tegenstanders te isoleren, uit het debat te weren, en het zijn vooral de deugmensen die zich eraan bezondigen. Samen met de wet van Godwin (‘Naarmate een internetdiscussie vordert, neemt de waarschijnlijkheid toe dat iemand met een nazi wordt vergeleken’) krijgen we hier te maken met stijlfiguren van de heksenjacht.

Wie de kwalificatie ‘nazi’ toegemeten krijgt, verliest alle spreekrecht Je kan beter je moeder vermoord hebben dan met dit brandmerk rondlopen. Onlangs postte ik op Twitter een kritische bemerking over de heiligverklaring van zanger Arno, geliefd in Belgicistische kringen en geknuffeld door het koningshuis, en werd ik aansluitend, jawel, als nazi gecatalogeerd. Terecht. Een boetetocht naar de Dossinkazerne is gepland.

De woke-beweging is het nieuwste en meest complete vehikel van denazificatie, een noodzakelijke culturele en sociale zuivering naar Russisch model.

En zo komt langzamerhand de aap uit de mouw: de woke-beweging is het nieuwste en meest complete vehikel van denazificatie, een noodzakelijke culturele en sociale zuivering naar Russisch model. Bij hen heet het ‘dekolonisatie’. Deze missie rechtvaardigt alle censuur en ban. Zoals Oekraïne vol nazi’s zit, is ook Vlaanderen ervan vergeven, heel de Westerse cultuur zelfs. Dat vergt een drastisch optreden. En raar maar waar: Poetin heeft in de wokes een nieuwe bondgenoot ontdekt, door Astrid Lindgren, bedenkster van Pippi Langkous, als een racistische nazi-scribente te ontmaskeren. Bien etonnés de se trouver ensemble…. Totalitaire denkbeelden kunnen alleen sympathie opbrengen voor hun gelijke.

Laten we tenslotte ook niet vergeten dat het magazine Doorbraak dringend moet ontluisd worden, blijkens een gezellig praatje van Joël De Ceulaer met Pinar Akbas in De Morgen van 7 mei. Of nog beter: ineens opgedoekt, want ‘niet te pruimen’. Senior writer Joël is dé Vlaamse ridder van de denazificatie, Pinar is dé dramaqueen van Twitter die een schare fans rond haar vrouwelijk-allochtoon martelaarschap heeft verzameld. De klaagzang strekt zich uit tot ver in haar bestaan van verpleegkundige, elke dag weer een gejammer, terwijl duizenden van haar collega’s in stilte hun job doen zonder lamento’s.

In hun universum zijn tegenstemmen en alternatieve media nutteloze en gevaarlijke ruis. De Standaard, De Morgen en Knack, meer moet dat niet zijn. Een mooie, betere wereld met gestroomlijnde media en een dito staatstelevisie moge het einddoel zijn van deze sanitaire operatie.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Geen categorie, Het politiek theater, Politiek incorrect, Sterke Vlaamse verhalen | 6 reacties

Waartoe nog verkiezingen, als je peilingen hebt, en journalisten die ze voor u analyseren?

CD&V verliest bijna de helft van haar kiezers en wordt de kleinste partij van Vlaanderen’, dat is dé conclusie van de recente opiniepeiling, genaamd ‘De Stemming’, uitgevoerd door de UA en de VUB, in opdracht van VRT en De Standaard. Voor CD&V-voorzitter Joachim Coens de reden om eindelijk de handdoek in de ring te gooien. Ook de vooruitgang van Vooruit wordt dik in de verf gezet, een aansporing voor pluchekonijn Rousseau om de carnavaleske piste verder te bewandelen.

Geen interesse

En de winnaar is…

Het betreft een online bevraging bij 2.064 Vlamingen, afgenomen in de tweede helft van maart. Wetenschappelijk zal dat wel in orde zijn. Mij hebben ze alleszins niets gevraagd, u vermoedelijk ook niet. Dat is het vreemde aan opiniepeilingen: over wiens opinies gaat het, via welk platform, op basis waarvan werden die mensen gecontacteerd? 2064 respondenten op vijf miljoen kiesgerechtigde Vlamingen, dat is dan ook maar 0,04128 %, zegt mijn rekenmachientje. Het equivalent van één niet-gemaaide grasspriet op een gazon.

Mijn vermoeden: de dag dat bij ons de opkomstplicht wordt afgeschaft, halen we met moeite nog 60% kiezers.

Peilingen hebben dan ook de eigenschap van er nog al eens naast te zitten als de electorale aap uit de mouw komt, daar zijn notoire voorbeelden van, met de Trumpverkiezing en Brexit als klassiekers. Het gaat maar om trends, zeggen de peilers, en er zijn foutenmarges. Natuurlijk. Maar los van het feit dat vragen altijd gericht zijn, is er een deel van de humaniteit die in principe nooit ingaat op zo’n verzoek om een uitgebreide vragenlijst in te vullen. Geen tijd, geen interesse. Of ze vullen maar raak in, maken er een lolleke van.

Dat weerspiegelt een ander fenomeen, of eigenlijk hetzelfde. Voor de jongste federale verkiezingen in 2019 bleef op de 8 miljoen stemgerechtigden 1,25 miljoen thuis of stemde blanco of ongeldig, dat is zowat 10%. Zij tellen voor de politicologen niet mee, terwijl het ons vooral zou moeten interesseren waarom deze mensen hun middenvinger opsteken naar de politiek, en hun aantal gestaag toeneemt. In landen zonder stemplicht is dat uiteraard nog frappanter: 30% van de Fransen, zowat een derde, bleef bij de jongste presidentsverkiezingen gewoon thuis. Mijn vermoeden: de dag dat bij ons de opkomstplicht wordt afgeschaft, halen we met moeite nog 60% kiezers.

Simulacres

Wouter Verschelden: zeldzame outsider in het Wetstraatmilieu

Maar goed, peilingen dus. Er zijn al een pak analyses en interpretaties van ‘De Stemming’ de wereld ingestuurd, maar op de duur krijg je hetzelfde gevoel als in het VRT-programma Extra Time: voor sommige mensen  is voetbal een existentiële noodzaak om als ‘analist’ in de TV-studio’s het warm water alsmaar weer uit te vinden. Idem voor politicologen en politieke journalisten: ze hebben de politiek nodig, het is hun broodwinning en reden van bestaan. Echter, omdat de meesten van hen ingebed zijn in het zogenaamde Wetstraatmilieu, ontbreekt de afstand om aan echte onderzoeksjournalistiek te doen, zoals Wouter Verschelden bijvoorbeeld wél doet.

De statistische realiteit lokt zowaar een echte coup-de-théâtre uit, en dat moet bij de enquêteurs een klein orgasme teweeg brengen.

Dus nemen ze hun toevlucht tot de gemakkelijkste manier om kranten te vullen: het nieuws zelf maken, in de vorm van simulacres. De term is van Jean Baudrillard (1929-2007), de mediafilosoof die betoogde dat wat ons op TV wordt aangeboden, een gemanipuleerde realiteit is, een geprefabriceerde soap. Via het internet de mening vragen van 2000 Vlamingen, dat is snel gepiept, en je kan weken doorbomen over de resultaten, de protagonisten in kwestie ondervragen naar hun reacties, hen zelfs dwingen tot concrete démarches.

Dat Joachim Coens zowaar op deze peiling moest wachten om te beseffen dat hij de CD&V naar de Untergang leidt, is op zich surrealistisch. De statistische realiteit lokt zowaar een echte coup-de-théâtre uit, en dat moet bij de enquêteurs een klein orgasme teweeg brengen.

‘Tweestromenland’

Voor Ivan De Vadder vertegenwoordigde Bart Somers ‘de ratio’ in het Mechelse fusieverhaal…

Ergo: peilingen zijn in essentie speeltjes van politieke journalisten, die niet alleen willen observeren en analyseren, maar ook sturen en manipuleren. Politiek analist numero uno, VRT-journalist Ivan De Vadder, is zo’n koffiedikkijker met een gevoel voor framing.

Ivan De Vadder speelt iets te graag voor orakel, en scheurt zijn broek in de spreidstand om vriend én criticus van de Wetstraat te spelen. In de kwestie rond de fusie van Mechelen met Boortmeerbeek hadden we hem al betrapt op de troebele stelling dat het om een ‘conflict tussen ratio en emotie’ zou gaan, waarbij Bart Somers de ratio zou vertegenwoordigen, tegenover de emoties van de achterlijke dorpelingen die niet snappen wat vooruitgang is. Dat was een zeer gekleurde visie, die achteraf ook fout bleek: de ratio zei namelijk dat er helemaal geen draagvlak was voor die fusie, en dat het vooral ging om een belangenvermenging van de Mechelse titelvoerende burgemeester en de Vlaams minister van binnenlands bestuur, in één persoon, genaamd Bart Somers.

Ivan De Vadder speelt iets te graag voor orakel, en scheurt zijn broek in de spreidstand om vriend én criticus van de Wetstraat te spelen.

Ook inzake De Stemming komt De Vadder tot een analyse die toch wenkbrauwen doet fronsen. Zo stelt hij boudweg dat Vlaanderen een ‘tweestromenland’ is geworden, met een ‘rechts blok’, vertegenwoordigd door NV-A en VB, en een even groot ‘links blok’ van Vooruit, Groen, PVDA en… Open-VLD. Dat is simpelweg een geconstrueerde realiteit van een politiek journalist die nuances opoffert aan sensatie.

Het is een feit dat de Open-VLD steeds minder het klassieke liberale gedachtengoed aanhangt, en vooral vanuit Gentse logekringen een ethisch-progressieve lijn uitzet die aansluit bij Groen en Vooruit. Met die twee partijen (plus CD&V) voert Mathias De Clercq een coalitie aan, die overigens regelmatig al ruziënd over straat rolt. Het is anderzijds ook een feit dat binnen de Vlaamse liberalen stemmen, waaronder deze van Vincent Van Quickenborne, pleiten voor een rechtsere ideologische koers, terwijl het gros van de mandatarissen de partij nog altijd als ‘centrumrechts’ beschouwt.

Wichelarij

Niettemin komt De Vadder binnen deze tendensenstrijd als een deus ex machina even de blokjes ordenen, en beslissen dat rechtse liberalen maar beter van partij kunnen veranderen. Dat past in de agenda van Bart De Wever, maar het is holderdebolder politieke journalistiek, die met hoogdravende stem wordt verkondigd als een gebeitelde waarheid.

Het is niet nodig dit soort speeltjes te verbieden, maar evenmin opportuun om ze al te ernstig te nemen.

In de spektakeldemocratie zijn peilingen hét middel geworden voor de media om pseudo-verkiezingen te organiseren en zichzelf als vierde macht uit te roepen tot kingmaker ofwel doodgraver. De naam zegt het ook: De stemming. Een hele industrie van journalisten, politicologen, academici en statistici,- niet te vergeten de bedrijven zelf natuurlijk die de peiling uitvoeren,- vegeteert op deze surrealiteit. Dat de media de zaak organiseren én achteraf ook uitvoerig becommentariëren, maakt het tot een perfect PR-instrument.

Het is niet nodig dit soort speeltjes te verbieden, maar evenmin opportuun om ze al te ernstig te nemen. Bindende referendums zijn wél relevant, maar die boot houdt het politiek establishment zoveel mogelijk af, zie de soap rond Mechelen/Boortmeerbeek. Wie er zich meer in wil verdiepen, raad ik het boek aan van Frank Thevissen ‘Het is maar een peiling – Opiniepeilingen in de media: van wetenschap tot wichelarij’. Wie verbaast het dat op de VUB, die ‘de stemming’ mee in elkaar stak, deze communicatiewetenschapper al lang niet meer welkom is?

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Geen categorie | 7 reacties

Durf twijfelen: waarom ik in de maand mei mijn gazon wél maai

Vandaag, vrijdag 6 mei, maai ik zoals elke week mijn gazon. Ondanks intimidatie van de Maai-mij-niet-brigade, geruchten dat ‘het gras pijn heeft als je het afmaait’, die zelfs in de kleuterklas op hilariteit zouden worden onthaald, en beschuldigingen dat ik daarmee de planeet om zeep help.

Vlaamse kwaliteitspers

Na Frans Verleyen ging het journalistiek snel bergaf

Eigenlijk is dat maaiverbod een publiciteitsstunt van het weekblad Knack, waarvan hoofdredacteur Bert Bultinck ooit zei dat het racisme in het DNA van de Vlamingen zit. Als specimen van deze laatste soort krijg ik dat blad soms ongevraagd in mijn bus, met de smeekbede om een abonnement te nemen, de glossy pulp van Weekend Knack en Knack Focus automatisch inbegrepen. Het is ook het magazine waarin ene redacteur Peter Casteels onlangs opriep om Delhaize-klanten elke energiesubsidie te ontzeggen. Iets dat ik eerst als vroege aprilgrap inschatte, niet dus.

Een blad dat zelfs niet meer de ambitie heeft om te informeren, maar het eerder moet hebben van ludieke wokeness, een mix van journalistieke middelmatigheid én arrogantie.

Om maar te zeggen: het tijdperk van Frans Verleyen en de gouden tandem Rik Van Cauwelaert-Koen Meulenaere alias Kaaiman, is al lang voorbij. Ook huiscartoonist Erwin Vanmol mocht beschikken ‘omdat hij niet meer in het concept paste’. Vandaag is de linksdraaiende politieke correctheid de dominante huisideologie, waarmee het blad quasi op de lijn zit van De Standaard en De Morgen. De Vlaamse kwaliteitspers dus, met de nadruk op de vier eerste letters van dit woord. Een blad dat zelfs niet meer de ambitie heeft om te informeren, maar het eerder moet hebben van ludieke wokeness, een mix van journalistieke middelmatigheid én arrogantie.

Nu heeft ondergetekende in zijn tuin tal van hoekjes en partijen waarin de natuur het ganse jaar door haar gang kan gaan. Ik ben evenmin voor rechttoe-rechtaan saaiheid, laat staan voor veel gedoe met beton en klinkers. Onkruidverdelgers gebruik ik niet, en alle tuinafval gaat het kippenperk in, wat dan weer gratis bio-mest oplevert. Maar van ecofascisme krijgen mijn borstharen paniekaanvallen. De tuinliefhebber het plezier ontnemen van zijn stukje gazon te maaien, vind ik gewoon een schending van elementaire mensenrechten, die alleen uit de koker kan komen van stadsintellectuelen die een deftige grasmaaier nog nooit van dichtbij gezien hebben.

Culpabilisering

Vorig jaar nam ik rond dezelfde tijd de campagne al op de korrel, met het argument dat er zoiets bestaat als het Voltairiaanse recht op tuinindividualisme (‘Il faut cultiver son jardin’), tegen het eenheidsdenken en de mentale asfaltering, en dat de groenlinkse regelneven onze vrijetijdbesteding niet moeten uniformiseren. Er zijn al regels genoeg. Dat mensen hun contact met de natuur in de mate van het mogelijke zelf moeten regelen, zonder Jacobijnse bemoeizucht. Daarnaast het voordeel voor de fysieke conditie van een wekelijkse maaibeurt, en het mentale welzijn verbonden aan een kort geschoren pelouse, waarbij een zeker ad hominem argument jegens minister Zuhal Demir over haar eigen oerwoud haast onvermijdelijk was.

Het is een manier om overheidsgeklungel af te dekken met onnozele campagnes die de verantwoordelijkheid bij de burger leggen, alsof het onze schuld is dat het milieu naar de haaien gaat.

Toen kon ik er nog mee lachen, nu overheerst hier irritatie en rebellie. Dat de Vlaamse overheid én de VRT de reclamecampagne van Knack steunen, ach, België is nu eenmaal het land met door de overheid gesponsorde media en een omroep waarvan de objectiviteit zeer ter discussie staat. Diezelfde Vlaamse overheid zit vandaag echter verwikkeld in een enorm milieuschandaal,- de PFOS-kwestie,- waardoor heel de Antwerpse mobiliteitsstructuur één groot fiasco wordt. Om dan mensen te gaan lastig vallen met de maaihoogte van hun gazon, sorry dat ik daar zelf diarree van krijg. Het is een manier om overheidsgeklungel af te dekken met onnozele campagnes die de verantwoordelijkheid bij de burger leggen, alsof het onze schuld is dat het milieu naar de haaien gaat.

Let op de gelijkenis met de campagne ‘Help Oekraïne, kook in de microgolf’, een poging om het desastreuze Belgische energiebeleid van decennia onder tafel te vegen via een soort collectief Voodoo-keukenritueel. Deze campagne is ondertussen geruisloos doodgebloed: Europa zal nu de Russische oliekraan zelf dichtdraaien, zonder goed te weten hoe het dat tekort gaat oplossen. Ongetwijfeld duiken straks de warme-truiencampagnes op, en nog wat later de afschakelingsplannen.

Eco-infantilisme

De kandidaten voor het Groen-voorzitterschap zijn eigenlijk komische duo’s (waarvan er eentje zich nog niet klaar voelde voor een fotoshoot)

Blijft de positie van Knack, die een journalistieke missie -waarin het faalt- vervangt door een poging om mensen zelfs thuis, in hun privé, gedragspatronen op te dringen en moreel te intimideren. Noteer dat het middelnederlandse woord thuun ‘omheining’ betekent: de tuin is een territorium, even intiem en privé als de slaapkamer.

De vrijheid binnen dat privé-domein wordt als politiek incorrect gekwalificeerd, vandaar die gazoncampagne, dit gaat niet over bloemetjes en bijtjes. Het is niet strikt verboden om uw gras te maaien, maar wie het toch doet is een natuurvandaal. Op die manier sluipt er een totalitaire trek in dit soort campagnes. Het is een hardnekkige tic van links om onder de vlag van de diversiteit het eenheidsdenken en het ideologisch uniformisme op te dringen.

De vrijheid binnen dat privé-domein wordt als politiek incorrect gekwalificeerd, vandaar die gazoncampagne, dit gaat niet over bloemetjes en bijtjes.

Groen predikt de diversiteit, bekijk ze maar eens, die leutige kandidaten voor het voorzitterschap, waar vooral de kortgerokte transvrouw Jenna Boeve opvalt als een gemodificeerde grasspriet. De parade van het groteske eco-infantilisme, in één beeld gevat. Maar vergis u niet, het is deze partij die het Belgische energie-wanbeleid voortzet én het bewustzijn tracht te collectiviseren via een ideologie die vooral op taal- en gedragscontrole is gericht. Daarmee komt ze in het woke-vaarwater terecht, en dan weten we hoe laat het is.

Politiek-electoraal wordt dit een kiesdrempelfenomeen, maar gelukkig is er Knack om ons bij de les te houden, onder het motto ‘durf twijfelen’. Dat laatste doen we zeker.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Geen categorie | 14 reacties

Oorlog, een spel zonder regels

Voorbeschouwing op de Russische 9 mei-parade

Met de escalatie van het Oekraïense conflict nemen ook de geruchten toe over onvoorstelbare wreedheden, vooral aan Russische zijde. Burgers die gevangen worden genomen en de vingers worden afgeknipt, keukens die in bezet gebied tot martelkamers worden heringericht… men vraagt zich af hoe een militair in zo’n toestand van bewustzijnsvernauwing geraakt dat dit ‘normaal’ wordt. Het antwoord is: gewenning, indoctrinatie en propaganda.

Vladimir Poetin staat op het punt van voltooiing in zijn brainwash-operatie, nu kan het echte werk beginnen. We hebben hier te maken met een Totale Krieg, waarin terreur, wreedheden, leugens, totale demonisering van de vijand en het niet-onderscheid tussen doelwitten, militairen of burgers, ziekenhuizen even goed als wapendepots, legitiem worden. De voorwaarde daartoe is, dat heel de bevolking én de militairen ervan overtuigd zijn dat er een rechtvaardige oorlog wordt gevoerd. Wij vinden dat Oekraïne dat doet door zijn soevereiniteit te verdedigen, maar de Russen hebben een heel ander verhaal, dat blijkbaar ook aanslaat.

Laten we  wel wezen: ook Joe Biden wil hier garen uit spinnen en zijn populariteit opkrikken, Macron heeft er zijn herverkiezing aan te danken, en Boris Johnson probeert er het lockdownschandaal mee te doen vergeten. De retoriek van de escalatie loont, vooral voor binnenlands gebruik.

Totaaloorlog en hersenspoeling

Joseph Goebbels: – Wollt ihr den totalen Krieg?’ – ‚Jaaahhh!!!‘

De term ‘Totale Krieg’ komt van nazi-propagandaminister Joseph Goebbels, die in 1943 een opgezweepte Duitse massa in het Berlijnse sportpaleis wist mee te slepen in de Wagneriaanse idee van een Götterdämmerung: we gaan vechten tot we er bij vallen, iedereen doet mee en alles is gepermitteerd. Dat absolutisme komt er opnieuw aan. Recent werd op de Russische staatstelevisie beloofd dat alle (goede) Russen naar de hemel zouden gaan. Het lijkt wel IS-taal.

Het woord ‘oorlog’ verwijst etymologisch naar het opzeggen van alle banden, verdragen, regels.

Nochtans maakt dat allemaal deel uit van een goed uitgekiend indoctrinatiemechanisme dat het leger vrijstelt van elke morele belemmering. Het woord ‘oorlog’ verwijst etymologisch naar het opzeggen van alle banden, verdragen, regels. Dat is nodig om mensen dingen te laten doen die ze in het ‘normale leven’ nooit zouden doen. Noteer dat ook de Geallieerden dat idee van totaaloorlog genegen waren, bijvoorbeeld toen ze steden als Dresden bombardeerden, militair compleet nutteloos, maar hopend dat ze daarmee de Duitsers zouden demoraliseren. Quod non, het was immers Totale Krieg.

Wie verbaasd is over de manier hoe Russische soldaten vandaag in Oekraïne te keer gaan tegen de burgerbevolking, kan ik verwijzen naar de opmars van het Rode Leger in 1945. Eens ze Oost-Pruisen bereikt hadden, waren moorden, plunderingen en de meest gruwelijke verkrachtingen, ook van kinderen, dagelijkse kost, onder het goedkeurend oog van de superieuren. Tijd voor een verzetje, en met nazi’s heb je geen compassie. 9 mei, de dag waarop Rusland de overwinning tegen die nazi’s viert, wordt waarschijnlijk de dag waarop president Poetin… de totale oorlog zal afkondigen. L’histoire se répète.

De verrassing van 1302

Vlaams voetvolk hakt de Franse cavalerie in de pan (miniatuur uit de Grandes Chroniques de France, ca. 1390-1401)

Deze escalatie is natuurlijk het gevolg van het feit dat Poetin zich mispakt heeft aan het tactisch inzicht van de Oekraïeners, én aan hun nationalistische gedrevenheid. Ook dat heeft een lange geschiedenis.

De Guldensporenslag in 1302 van een Vlaams boerenleger tegen Franse ridders, wordt door historici beschouwd als een keerpunt in de middeleeuwse krijgslogica. Tot dan domineerden aristocratische ridders het krijgstoneel. Ze zijn het equivalent van de moderne tanks. Het Vlaamse leger bestond echter vooral uit voetvolk (‘landsknechten’), dat de Franse cavalerie in de zompige Groeningebeek wist te lokken, waarna de paarden werden doorspiesd en de ruiters met de welbekende goedendag doodgeknuppeld. Merde! De regel was toen dat buiten gevecht gestelde ridders niet werden gedood maar gevangen genomen, met respect behandeld, en eventueel geruild tegen losgeld.

Naar middeleeuwse normen was de minachting voor de ruiter-te-paard een boerse en onethische vorm van oorlogsvoering. Het zou de Vlamingen en de Zwitsers worst wezen.

Maar daar hadden de Vlamingen geen zin in: ‘Wat Walsch is, valsch is, sla dood!’, het motto van de Brugse Metten eerder dat jaar in mei, was ook het ordewoord op de Groeninghekouter. Toen de Fransen dat merkten, sloegen ze in paniek op de vlucht. Ze hadden kennis gemaakt met een oorlog zonder regels. Ook de kruisboog werd in die tijd beschouwd als een ‘eerloos’, achterbaks wapen, typisch voor het gepeupel, maar bijzonder efficiënt. Het is met dat wapen dat de Zwitsers, vrijwel gelijktijdig met de Guldensporenslag, in opstand kwamen tegen de Oostenrijkse landvoogd, en de legende ontstond van scherpschutter-vrijheidsstrijder Willem Tell.

Naar middeleeuwse normen was de minachting voor de ruiter-te-paard een boerse en onethische vorm van oorlogsvoering. Het zou de Vlamingen en de Zwitsers worst wezen. De goedendag en de kruisboog veranderden drastisch de regels van het spel, in de zin van geen regels, onder het enige blijvende motto: à la guerre comme à la guerre. En een vrijheidsstrijd is misschien wel de meest totale van alle oorlogen, vraag het maar aan Volodymyr  Zelinski.

Gallische guerrilla

Julius Caesar (gezichtsreconstructie) zou vandaag zonder twijfel als oorlogsmisdadiger beschouwd worden 

Het zijn overigens de machthebbers en overheersers die de regels bepalen, het is aan de opstandelingen om deze niét te respecteren. Van de Geuzen tegen de Spaanse dwingelandij in de 16de eeuw tot de Vietcong in de 20ste eeuw, tekent zich hetzelfde patroon af: een veroverings- of bezettingsleger, technisch goed uitgerust en numeriek in de overmacht, kan je maar bevechten via ‘oneerlijke’ sabotage- en guerrillamethodes. Waarbij de vrijheidsstrijders onmiskenbaar het moreel aan hun kant hebben.

1302 was dus een verrassing voor Jacob van Châtillon en gezellen, maar hadden de Franse ridders hun geschiedenis gekend, ze zouden geweten hebben dat uitgerekend hun voorouders er dezelfde methodes op na hielden in de strijd tegen de Romeinse overheersers.

Er zijn trouwens nogal wat parallellen te trekken tussen Julius Caesar en Vladimir Poetin, beiden populistische dictators die oorlog voerden om er thuis politiek voordeel uit te halen.

De opstand van de Gallische volksstammen in de eerste eeuw voor Christus, geleid door  Vercingetorix, stamhoofd van de Arverni, was helemaal conform de guerrilla-tactiek: een regelmatige veldslag vermijden, onverwachts opduiken, toeslaan en weer verdwijnen, de vijand tactisch en mentaal van de wijs brengen. Dat lukte aardig, tot Julius Caesar het zootje ongeregeld toch wist samen te drijven in Alesia,- een soort Azovstal van die tijd,- en uithongerde. Vercingetorix werd triomfantelijk in een kooi naar Rome gevoerd en aldaar gewurgd, tot groot plezier van de Romeinen.

Tegelijk werden complete Gallische volksstammen als vergelding uitgemoord of tot slaaf gemaakt. Vrouwen en kinderen werden evenmin gespaard. In de huidige optiek zou Caesar zonder twijfel een oorlogsmisdadiger van het ergste soort geweest zijn. Misschien moeten we de Italianen, erfgenamen van de Romeinen, eens met de neus op de feiten drukken. Er zijn trouwens nogal wat parallellen te trekken tussen Julius Caesar en Vladimir Poetin, beiden populistische dictators die oorlog voerden om er thuis politiek voordeel uit te halen.

De wederzijdse afschrikking

Hiroshima, 1945

En zo zijn we weer in Oekraïne beland. Pogingen om burgers van onder het puin van de Azovfabriek te ontzetten, worden door het Russische leger belet. Hun versie is, dat het Azov-bataljon (‘nazi’s’) de aldaar aanwezige burgers net als schild gebruiken. Dat zou ook best kunnen. Wie weet het nog? Mensenrechten -door Rusland overigens beschouwd als een stuk westerse propaganda- blijken alleen van tel in vredestijd, iets voor linksvoetige hobbyisten. VN-topman Antonio Guterres krijgt, op bezoek in Kiev, ei-zo-na een presentje van Poetin op zijn kop. De waarschuwing dat hij ooit als oorlogsmisdadiger voor het tribunaal van Den Haag zou kunnen verschijnen, wordt allicht in het Kremlin op hoongelach onthaald.

Met het gehele nucleaire arsenaal wereldwijd kan niet alleen de menselijke soort maar alle leven op deze planeet zo’n duizend keer vernietigd worden.

Tot 1945 waren oorlogen in feite post-middeleeuwse confrontaties. Pas met de atoombom is er een nieuw paradigma ontstaan: dat van de wederzijdse afschrikking, de balance of terror. Partijen gijzelen elkaar wederzijds met een wapen dat eigenlijk niet te gebruiken valt zonder enorme schade aan beide kanten. Mocht Rusland een kernraket afschieten op Parijs, Londen of Brussel, dan zijn Moskou en Leningrad de dag zelf vermoedelijk ook aan de beurt. Mooi vooruitzicht, lik op stuk. Met het gehele nucleaire arsenaal wereldwijd kan niet alleen de menselijke soort maar alle leven op deze planeet zo’n duizend keer vernietigd worden. De groten de aarde en de elite zullen misschien nog een tijdje overleven in hun bunkers, maar dan?

Burgerprotest

Vredesoptocht van 1983 te Brussel, met ondergetekende tussen de 400.000 deelnemers: naïeve idioten, of hebben ze dit zien aankomen?

Het is zoals Einstein grapte toen men hem vroeg met welke wapens de derde wereldoorlog zou uitgevochten worden: ‘Dat weet ik niet, maar ik weet wel met welke wapens de vierde zal uitgevochten worden, namelijk met stenen en knuppels.’

De overgang van totaaloorlog naar nucleaire afschrikking is tegelijk het absolute hoogtepunt van het spel-zonder-regels, én de negatie ervan: eens men het wapen gebruikt waarmee men dreigt, verliest het elk tactisch of strategisch nut omdat het dan gewoon game over & out is. Men is op elkaar aangewezen. Helaas, er moet maar één keer een despoot zo gek zijn om op die knop te duwen. Dit nog los van de reële kans dat de bom per ongeluk vertrekt, door een informaticafout of zelfs door hacking.

Men begrijpt nu pas ten volle wat de zin van democratie is: beletten dat de Caesars, Hitlers, Poetins en Kim Jong-uns van deze wereld te veel macht krijgen. Al de rest moeten we er maar bij nemen.

De enige mogelijkheid om onder dit catastrofaal perspectief uit te geraken, is burgerprotest. Zelfs Poetin heeft steun van het volk nodig. Misschien moet het Westen wel wat meer tijd steken in tegenpropaganda, clandestiene TV-zenders in Rusland, sociale media, steun aan dissidenten, weet ik veel. Daarmee zijn we er nog niet van af, want ook China en Noord-Korea zijn kernmachten die met Argusogen gadeslaan wat er nu in Oekraïne gebeurt. Maar men begrijpt nu pas ten volle wat de zin van democratie is: beletten dat de Caesars, Hitlers, Poetins en Kim Jong-uns van deze wereld te veel macht krijgen. Al de rest moeten we er maar bij nemen.

Afspraak op 9 mei, bij leven en welzijn. U kijkt toch ook?

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Geen categorie | 4 reacties

Johan Derksen: vrije meningsuiting, niet voor gevoelige zielen

In Nederland is het doek gevallen over de SBS6-talkshow Vandaag Inside van het productiehuis Talpa. De flamboyante voetbalanalist Johan Derksen (°1949) had er het verhaal gedaan over een ‘liederlijk’ uitstapje met een collega-voetballer begin de jaren ’70, eindigend op een appartement waar een stapeldronken vrouw met een kaars werd gepenetreerd. ‘Ik ben er niet trots op, maar zulke dingen gebeuren als je jong bent’, was de commentaar van Derksen, die er inzake politiek incorrecte uitspraken al een behoorlijke track record heeft opzitten.

Wat als een badinerende mannengrap op tafel werd gegooid, veroorzaakte een storm in MeToo-gezind Nederland. Derksen zwakte het verhaal wel wat af maar weigerde zich te excuseren, en bekritiseerde integendeel de oprukkende cancelcultuur. De sponsors haakten af, plots bleek er voor de olijke analist nergens nog plaats. Waarna hij er de brui aan gaf, samen met zijn twee kompanen Wilfred Genee, en René van der Gijp. Tijd voor wat achtergrond en reflectie.

Het land van Zwarte Piet

Theo Van Gogh (1957-2004): een politieke moord die een eye-opener voor Nederland werd

Nederland is het land van de Zwarte Pietenkwestie, discussies over ‘witte’ vrouwen die geen poëzie van zwarte vrouwen mogen vertalen, en een actieve, immer letterturende woke-gemeenschap. Desondanks is de bandbreedte van de vrije mening er ontegensprekelijk groter dan in Vlaanderen. Dat heeft te maken met de Hollandse tolerantie, maar zeker ook met de politieke moorden die Nederland aan het begin van deze eeuw wakker geschud hebben (Pim Fortuyn in 2002, Theo Van Gogh in 2004).

De liquidatie van Fortuyn en Van Gogh heeft een dosis angst gecreëerd, maar ook een subcultuur van brutale, grofgebekte dwarsliggers die houden van wat keet en provocatie, onder het motto: niet toegeven aan de intimidatie, red de democratie, zoek de grenzen op. Het land van Zwarte Piet bevat dan ook een aantal echte gitzwarte Pieten. Webmagazines als Geenstijl (baseline: ‘Tendentieus, ongefundeerd en nodeloos kwetsend’) behoren tot die voorhoede van het parler vrai. Ze veroorzaken soms wel wat tumult, gemopper over racisme en seksisme, maar niemand denkt er vooralsnog aan ze uit de webruimte te halen of politiegewijs hun computers in beslag te nemen.

De liquidatie van Fortuyn en Van Gogh heeft een dosis angst gecreëerd, maar ook een subcultuur van brutale, grofgebekte dwarsliggers die houden van wat keet en provocatie

Johan Derksen behoort tot dezelfde strekking van lieden die de goegemeente graag bruuskeren om haar uit de kleinburgerlijke schroom wakker te schudden. Hij opperde in zijn talkshows onder meer dat ‘heel wat clubs naar de kloten zijn gegaan omdat ze in een wijk liggen met veel Marokkaanse gezinnen’. Of dat ‘darters nog net niet het syndroom van Down hebben’. En dat ‘voetbal geen sport voor homo’s is’.

Dat veroorzaakte altijd wat gerommel, maar het passeerde. Ze hebben daar namelijk geen UNIA. Probeert u zich dat in Vlaanderen maar eens voor te stellen, met deugjournalisten à la Filip Joos. Zo iemand wordt direct kaltgestellt, gecanceld, met pek en veren naar de dop gestuurd. We herinneren ons de arme Eddy Demarez, die in augustus van vorig jaar onder collega’s een grapje had gemaakt over de Belgian Cats terwijl per ongeluk de micro open stond, en nog altijd bezig is aan een remediëringstraject. Missen wij een Van Gogh-factor?

Met twee voeten vooruit

Johan Derksen maakt zijn voetbaldebuut bij SC Cambuur in… 1968, en werd meteen de schrik van alle spitsen

Maar het kaarsenverhaal was ook in Holland blijkbaar de druppel teveel. Ook daar een oprukkende woke-cultuur, die incidenten als dit aangrijpt om af te rekenen met al te vrijpostige beoefenaars van de free speech en aangebrande grappen, herbenoemd als ‘haattaal’. Het is ook duidelijk een generatieconflict, waarbij een bejaarde ‘witte’ hetero gediskwalificeerd wordt als ‘niet meer mee met deze tijd’, iets wat ook onze Urbanus recent overkwam na een paar gepeperde uitspraken. Derksen en Urbanus zijn toevallig (?) van hetzelfde bouwjaar 1949. De laatste ‘pur sang’ 68-ers zullen hun vel duur verkopen.

Meteen begrijpen we de titel van zijn bio ‘Voetbal voor volwassenen’, verschenen in 2011: ook, en vooral in deze tijd, moet je ballen hebben om dingen te zeggen die niet iedereen leuk vindt en bijvoorbeeld sponsors doen afhaken. Radicaal verzet tegen de politiek correcte (zelf)censuur is iets voor mensen met een hoek af die zich niet in de hoek laten duwen. Helaas bevordert de huidige klaag-, slachtoffer- en pampercultuur niet de ontwikkeling van dat soort dwarsliggers. Kinderen en jongeren moeten vooral leren klagen, veeleer dan voor zich op te komen. Het lijkt erop dat de woke-ideologie het type van de schenenstampende rebel op zich aan het cancelen is, via het juiste opvoedingspatroon en de geschikte mainstreamdoctrine.

Derksen en Urbanus zijn toevallig (?) van hetzelfde bouwjaar 1949. De laatste ‘pur sang’ 68-ers zullen hun vel duur verkopen.

Van die pampering had Johan D. niet veel last. Blijkens een interview in de Nederlandse Libelle had hij als puber een harde leerschool, met een vader-politieagent wiens vrouw thuis het dienstwapen verstopte uit schrik dat hij zijn zoon zou neerschieten. Wat niet bepaald leidde tot een vredig gezinsleven, want Johan bleek hardleers. In zijn voetbaltijd werd hij een geduchte linksback die met twee voeten vooruit durfde tackelen en zijn tegenspeler ook verbaal intimideerde. Zie ook de veelzeggende coverfoto van zijn boek.

Uitingen van kynisme

Diogenes, de man die het enkel met straathonden kon vinden

Ik vind deze biografische details relevant om te snappen hoe zo’n Derksen in mekaar zit, en waarom hij het zelfs plezant vindt om de goegemeente de schrik op het lijf te jagen. Het bewijst ook dat dwarsliggers altijd een minderheid zullen zijn, een marginaal fenomeen. Dat is ook best OK, stel u maar eens voor dat de planeet vol caractériels als Johan Derksen zou lopen. Uit hetzelfde interview leren we dat zijn levensgezellin, Isabelle Pikaar (geen pseudoniem), al even verveeld zit met zijn ‘ordinaire’ (sic) TV-optredens en het liefst zou hebben dat hij ermee stopt. Commentaar van Johan: ‘Ik hoef geen vrouw die mij adoreert’.

‘Free speech’? Je riskeert je job, je houdt er weinig vrienden aan over, en zelfs je vrouw vindt het vervelend dat bepaalde lui de straat oversteken als ze je zien aankomen.

Deze uitingen van kynisme (met k) wijzen wel degelijk op het feit dat, ook in onze zogenaamd democratische, tolerante en superdiverse samenleving, je professioneel én privé een prijs betaalt voor het maximaal beoefenen van de vrije meningsuiting. Je riskeert je job, je houdt er weinig vrienden aan over, en zelfs je vrouw vindt het vervelend dat bepaalde lui de straat oversteken als ze je zien aankomen. Het zal u niet verbazen dat Derksen ook nog een fervente atheïst is, én een tegenstander van de monarchie. Oeps, neen dit komt niet meer goed met onze zoon.

Zoals gezegd: men moet uit het juiste beton opgetrokken zijn om op dit niveau tegen schenen te stampen, tot de rode kaart wordt getrokken. Ik zie het onze brave ‘analisten’ (foto) nog niet doen. Voor je mening uitkomen en de mainstream treiteren en plein public is overigens iets anders dan veilig en anoniem twitteren van achter je PC. De intellectuele hooligan is steeds op weg naar de uitgang, en elk incident kan het laatste zijn. En ja, er is uitlokking bij, er worden grenzen afgetast en overschreden, een beetje linksback moet ook met zijn mond het verschil maken.

De oorlog tegen Poetin wordt er een op planetaire schaal, maar de vrijheidsstrijd in het westen gaat verder, via micro-conflicten als dit. Iets zegt me dat het eigenlijk om dezelfde strijd gaat. Voetbal voor volwassenen dus.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Inleiding tot de humorologie, Politiek incorrect | 22 reacties

Een ‘bevraging’, zo ingewikkeld en ondoorgrondelijk als België zelf

Veel ergernis over de on-line bevraging die de federale overheid organiseert onder de naam ‘Een land voor de toekomst’. Over hoe de Belgische staat en zijn regionale nevenkoterijen er moeten uitzien, de werking van onze democratie, de bevoegdheden, de plaats van de burger, etcetera, en dit allemaal opgesplitst in thema’s en uitdagingen. Mits veel scrollen mag u een mening geven over een van de thema’s, en deze zelfs toelichten. Peetvader en -moeder van het project zijn de Vlaamse en Franstalige ministers voor institutionele hervormingen, Annelies Verlinden (CD&V) en David Clarinval (MR). Een hele ploeg koffiedikkijkers, experten en zelfs een heus algoritme zullen de resultaten verwerken, doorspelen naar raden en panels, tot het onvermijdelijke eindrapport op het bureau van de betrokken ministers belandt.

Bepaald uitnodigend oogt het ding niet. Qua opmaak en structuur komt de bevraging nog het dichtst bij een belastingbrief, of een aanvraag voor subsidies voor woningrenovatie. ‘Een beproeving om de site te doorworstelen’, vindt zelfs de brave UGent-rector Rik Van de Walle. Anderen zijn strenger: een kat vindt er haar jongen niet in, een oefening in wereldvreemdheid, een Wetstraatees staaltje abrakadabra, een monsterlijke kruisbevruchting van ambtenaren, politicologen en autistische IT-ers. Wie deze vragenlijst helemaal tot het einde invult, is iemand met teveel tijd of met een masochistische geaardheid. Of de twee.

De N-VA ziet het, bij monde van Sander Loones, als pure geldverspilling (2,1 miljoen euro moet dat kosten) en als een louter cosmetische PR-campagne voor de zittende Vivaldi-regering. Bart Maddens en Doorbraak-hoofdredacteur Pieter Bauwens zijn onverbiddelijk: Belgicistische propaganda, luidt het verdict, ingegeven door de angst voor verkiezingen.

Als een doolhof

Allemaal waar. Toch missen al deze zure critici de clou: deze bevraging is helemaal geen volksraadpleging, maar een digitaal kunstwerk, dat de complexiteit van België zelf  weerspiegelt. Het moet geduid, uitgelegd, gecontextualiseerd worden. Zoals moderne kunst. De post-Kafkaiaanse webarchitectuur van demain-toekomst-zukunft.be overrompelt, verbijstert, zelfs bij mensen met een universitair diploma, maar dat doet de kunst van Arne Quinze met zijn fluoblokken op de Oostendse zeedijk ook. Dat u er een gevoel aan overhoudt alsof er laag beton in uw maag is gestort, is het probleem niet, integendeel: we moeten blijven wennen aan het idee dat we in een doolhof zijn geboren, en er ook zullen sterven.

Heel dit project van burgerparticipatie is ook een grap, meer bepaald een absurde grap die ons gevoel voor humor moet aanspreken.

Het Land van de Toekomst krijgt dus vorm via een duizelingwekkend webformulier dat ons moet verzoenen met die ene waarheid: rien ne va plus. België is al sinds 1830 een constructie, die gaandeweg steeds meer het karakter van een ruïne heeft gekregen. Het land werkt niet, maar nét dat is zijn reden van bestaan geworden, zijn historische missie.

Om dat leefbaar en acceptabel te maken, is er iets ontstaan dat tamelijk uniek is in zijn genre: de Belgische staatshumor. Heel dit project van burgerparticipatie is ook een grap, meer bepaald een absurde grap die ons gevoel voor nonsensikale humor moet aanspreken. De overheid zelf beoefent het absurde als een discours, een stijl, een taal, die het complexe moet combineren met een vorm van luchtigheid, lichtheid, spel, en zelfs vrolijke onderganggedachten. Het land gaat naar de kloten, maar het surrealisme, dé esthetica van het regime, toont dat die ontbinding ook kan gebeuren met zin voor het ongerijmde en, jawel, zin voor humor. Ceci n’est pas une pipe.

Een transcendente realiteit

Het mondmaskertekort, twee jaar geleden opgelost dankzij de overheidscampagne ‘Stik!’.

De webstek werkt dus niet, de enquête is een farce, zoals het land zelf. Maar hoe slechter alles werkt, hoe authentieker Belgisch. Er bestaan geen blunders, geen malfuncties in dit circus, dat is echt een misverstand. Rampenplannen zijn volkomen impertinent in een land dat zelf een catastrofe is.

Andermaal: ceci n’est pas une pipe. Toen minister Annelies Verlinden schitterde door afwezigheid op het moment dat burgers tot aan hun nek in het water van de Vesder stonden, en ze tegelijk snel de federale hulpfase afblies, heeft ze eigenlijk aangetoond dat België er niet is voor de Belgen, ook niet voor de Walen, laat staan voor de Vlamingen, maar enkel voor zijn eigen onbegrepen, onbegrijpelijke en ongrijpbare mystiek. De politiek is de rituele machinerie die deze transcendente realiteit celebreert.

Politici zijn er niet voor u, niet voor de gemeenschap, maar om te bewijzen hoe ingewikkeld dit land wel is, en hoe onmisbaar ze daarin zijn.

In die zin is de bevraging Demain-toekomst-zukunft.be een geniale reflectie van het Belgische labyrinth, zoals bijvoorbeeld ook het Staatsblad, of de Powerpoints van Sophie Wilmès. Wat moet u dan doen met de bevraging? Invullen. Echt. Met zo absurd mogelijke antwoorden, nonsensikale suggesties, komische invallen. Een beetje zoals de vrouwen massaal hun bh’s gingen doorknippen om er mondmaskers van te maken, toen Maggie De Block de voorraad had laten opstoken. Ceci n’est pas un soutien.

Politici zijn er niet voor u, niet voor de gemeenschap, maar om te bewijzen hoe ingewikkeld dit land wel is, en hoe onmisbaar ze daarin zijn. Het zal de fameuze kloof tussen burger en politiek met geen millimeter verkleinen, want we hebben nog maar net de vaudeville van Mechelen/Boortmeerbeek meegemaakt, waar Bart Somers dacht van achter ieders rug een fusie te forceren, tot een echte volkswoede de betrokken burgemeesters naar af stuurde. Ziedaar democratie, Annelies, meer moet dat niet zijn.

Twee dode mussen

Jules de Corte (1924-1996)

Maar ondertussen is er dus de uitnodiging tot Barticipatie. Uiteraard is deze bevraging ideaal voer voor anti-Belgicisten, separatisten, beeldenstormers en verraders des vaderlands. In 2024 volgt de echte enquête, de enige die ertoe doet. Waar de bedenkers van de bevraging de naam vandaan haalden, weet ik ondertussen ook: in 1974 bracht de Nederlandse, als kind blind geworden zanger Jules de Corte een liedje uit, met als titel: ‘Het land van de toekomst’. Jules was een notoir zwartkijker en ook dit chanson is van sarcasme doordrenkt. De eerste strofe laat nog enige hoop: 

Ik heb twee duiven opgelaten, hij en zij
Door simpelweg hun vleugels los te winden
Ze zouden vrijwel zeker, volgens mij
Moeiteloos de juiste richting vinden

De duiven blijven spoorloos, waarna hij in de tweede strofe een koppel raven uitstuurt, die al evenmin terugkeren van dat beloofde land. Tenslotte mogen twee mussen het proberen:  

De beide mussen kwamen weer, maar vraag niet hoe
Ze hebben in mijn hand de geest gegeven
Waar glijden we in ’s hemelsnaam naartoe
Als er zelfs geen vogel meer kan leven

Jules moet toen al geweten hebben wat er zou volgen. Annelies Verlinden, David Clarinval, Bart Somers, teveel om op te noemen, allen proberen ze ons blij te maken met een dode mus. Stuur ze terug naar afzender. Indien ernstig, zich onthouden.

 

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

 

Geplaatst in Geen categorie, Het politiek theater | 11 reacties

(Radicaal) rechts, quo vadis?

Tijd voor ideologische bezinning

Opluchting omwille van de (toch vrij ruime) zege van Macron overheerst in de media. En tegelijk bezorgdheid omwille van de 41,5% die Marine Le Pen haalde, het beste resultaat dat radicaal rechts in Frankrijk ooit neerzette.

De ironie is, eigen aan het Franse kiessysteem, dat de linkerzijde Macron heeft gered door met dicht geknepen neus op de zittende president te stemmen. Met haar sociaal-links programma kon Marine blijkbaar wel de gele hesjes maar niet de aanhangers van Jean-Luc Mélanchon verleiden. En dan was er nog de klucht, genaamd Eric Zemmour. Een jaar terug zei ik al dat intellectuelen zich niet in het politiek theater moeten mengen, maar er integendeel kritisch tegenover moeten staan. Helaas. Zijn aanhang volstond alleszins niet om het Rassemblement National aan een overwinning te helpen. In juni zijn er dan nog de parlementsverkiezingen waarvan helemaal niet zeker is dat Macrons gehorigen er een meerderheid halen.

Paradox

Vladimir Poetin, de man die de ‘droom’ van Filip De Winter vergalde

Het heet nu vooral dat Macron beter zijn best moet doen om het volk voor zich te winnen, minder arrogant, minder elitair. Voor rechts is de analyse ingewikkelder. Want waar staat het rechtse gedachtengoed vandaag voor? Met de inval in Oekraïne is het spagaat aan het licht gekomen tussen het verlichtingsideaal en een bepaalde vorm van autoritarisme, dat nodig zou zijn om de westerse beschaving te redden. Radicaal rechts lijkt het zelf niet goed te weten: men kan niet voor méér vrijheid zijn, en tegelijk met autoritaire regimes aanpappen.

Oekraïne is op dat vlak wel degelijk een keerpunt. Ook al waren figuren als Filip De Winter er snel bij om zich van de Russische invasie te distantiëren, de indruk blijft dat het zogenaamde ‘anti-establishment’-discours en de sterke nadruk op het belang van de vrije meningsuiting bij radicaal rechts maar alibi’s zijn om de democratische rechtsorde in vraag te stellen. En te vervangen door wat? Dat is de hamvraag. De strijd tegen de hoofddoek, onder het mom van een strijd voor vrouwenrechten, zou dan ook wel eens kunnen omslaan in iets heel anders, namelijk een pleidooi om opnieuw kruisbeelden in de scholen te laten hangen, ik zeg maar wat.

Radicaal rechts lijkt het zelf niet goed te weten: men kan niet voor méér vrijheid zijn, en tegelijk met autoritaire regimes aanpappen.

Deze paradox is vandaag zeer acuut. Het liberale verlichtingsdenken -waar rechts zich de laatste decennia sterk op beroept, vooral in de strijd tegen het islamofascisme-, komt met het identitaire discours in een vaarwater dat lieden als Vladimir Poetin zeer genegen is. De Republikeinse partij in Amerika zit in dezelfde klem geprangd: gaan we voor de vrijheid en democratie, of voor een autoritaire bevestiging van waarden gekoppeld aan een uitholling van de democratische rechtstaat? Accepteren we de media, als (uiteraard niet-onpartijdige) vijfde macht, of willen we ze aan banden leggen? Dat laatste geval heet censuur, en dan komen we op het einde uit in een samenleving die weinigen wensen, ook het gros van de rechtse kiezers niet.

Oude vriendschappen

Thierry Baudet: echt voor meer democratie?

Radicaal rechts zal deze ideologische vaagheid moeten uitklaren, en liever vandaag dan morgen. Welke lading dekt bijvoorbeeld een naam als Forum voor Democratie precies, de beweging van Thierry Baudet die tot op vandaag achter de dictator Poetin staat? Het verdedigen van de vrijheid en het bestrijden van censuur, of een nieuw autoriteitsdenken met plaats voor een repressie-apparaat? Moeten we een ‘anti-systeempartij’ in Vlaanderen zien als een partij die het Belgische regime en de politiek correcte pensée unique viseert, of een partij die de pluralistische samenleving viseert? De geschiedenis van de 20ste eeuw leert ons wel een en ander hierover. De manier waarop Viktor Orbán in Hongarije met de kritische media omgaat, ook.

Belangrijker is dat Marine Le Pen Frankrijk uit de commandostructuur van de NATO wilde losweken, iets wat Poetin toch als muziek in de oren moet hebben geklonken.

Om die reden was ik- ik beken het eerlijk- wel opgelucht dat Le Pen het niét haalde, ook al heb ik geen enkele sympathie voor de figuur Macron. Dat ze verkiezingsdrukwerk, waarop ze in grote vriendschap met Vladimir Poetin prijkt, snel in de vuilbak moest kieperen, is één zaak. Belangrijker is dat Marine Le Pen Frankrijk uit de commandostructuur van de NATO wilde losweken, iets wat Poetin toch als muziek in de oren moet hebben geklonken. Oude vriendschappen bekoelen niet zo snel. En het toont aan hoe de anti-democratische onderstroom bij radicaal rechts blijft doorlopen.

Populisme is het etiket dat op deze dubbelzinnigheid van toepassing is. Volks, ja, maar in welke richting van welk maatschappijmodel? Van Grieken en Baudet zijn twee frisse knapen strak in het pak, en Marine is als vrouw best charmant. Ze weet heel goed ‘zachte’ en ‘harde’ waarden te combineren. De essentie van haar electorale strategie berust op een soort nationaal-socialisme: economisch links, tegen het grootkapitaal en voor een sterk sociaal vangnet, en identitair rechts, tegen de multicultuur en voor een sterk natiegevoel. Daartoe wil ze vooral de verarmde middenklasse mobiliseren. Tot dusver een legitieme doelstelling. De vraag is alleen hoe sterk in deze aspiratie de behoefte aan een vrije maatschappij nog is, en of de democratie an sich niet langzamerhand zal weggezet worden als een irrelevant, frauduleus mechanisme waarin altijd dezelfde machten -het ‘establishment’ dus- hun slag thuis halen.

Blauwe maandag

De bestorming van het Capitool, 6 januari 2021

Donald Trump heeft school gemaakt in het niet-accepteren van een ongewenste stemuitslag, via de meest buitenissige complottheorieën. Dat ook na de nederlaag van Le Pen teleurgestelde aanhangers op Twitter en Instagram het woord ‘fraude’ lanceerden, waarbij Macronisten stembiljetten zouden ongeldig gemaakt hebben, bewijst hoe snel dit kan gaan.

Misschien is rechts genetisch dan wel eerder voorbestemd als een oppositionele sterkhouder, een ‘tegenstem’.

Terwijl vooral rechts zou moeten tonen dat het beschaafd en ‘sportief’ kan omgaan met een nederlaag. Macron heeft gewonnen, en er waren blijkbaar net niet genoeg anti-establishmentkiezers om het establishment omver te gooien. Punt. Als Marine Le Pen het echt meent met de democratie moet ze zich groot tonen op zo’n moment, Macron feliciteren, haar aanhangers bedanken, én hen duidelijk maken dat de spelregels niet in vraag worden gesteld. Temeer omdat er in Frankrijk geen cordon sanitaire of médiatique bestaat, en een Bouchez-rel zoals bij ons ondenkbaar zou zijn.

Tot zover de zogenaamde ‘tweedeling’ of ‘gepolariseerde samenleving’ waar alle journalisten het over hebben. Overal waar er echte meningsverschillen zijn, zien ze gespletenheid. Terwijl het poepsimpel is. Er moet vrijheid van mening zijn, leve de controverse, weg met de politiek correcte zelfcensuur, en de kiezer heeft altijd gelijk. Er zijn geen zwarte zondagen, alleen blauwe maandagen van slechte verliezers. Betogen tegen een verkiezingsuitslag is lachwekkend, van welke kant ook. Als we het daarover eens zijn, blijft er voor (radicaal) rechts een belangrijke rol voorbehouden als uitdager van de woke-ideologie en de multiculturele doctrine. Misschien is rechts genetisch dan wel eerder voorbestemd als een oppositionele sterkhouder, een ‘tegenstem’. Dwarsliggers, essentieel voor de kwaliteit van de democratie.

Vindt u deze column interessant, leerrijk, controversieel, of hebt u tenminste eens goed kunnen lachen? Dan is een donatie, hoe bescheiden ook, misschien een goed idee. 

Geplaatst in Politiek incorrect | 4 reacties